Maandelijks archief: juli 2013

Nog een sappig vertelselke…

Hier in de streek heeft het wat geregend, was er wat klank-en lichtspel, en waaide het bij wijle ook wel een beetje.
Er zijn dan van die dutskes van appelkes, klein, groen, volop hun best aan ’t doen om een blozend exemplaar te worden, die dan zomaar, PAF!, veel te vroeg van de tak geblazen worden en naar beneden donderen. Bij ons nog niet, onze appelaars (Trezeke Meyers en Melrose) zijn nog maar in april geplant, en moeten nog véééél groeien. Maar bij de buren, daar lagen in de boomgaard wél veel van die minitjes.

Ik zag de buurvrouw rapen, en vroeg wat ze er mee van plan was. In de GFT-bak, want morgen is ’t ronde. Zonde toch? Ik vroeg of ik haar emmer Jacques Lebel mocht gebruiken voor een experimentje, en ja hoor, natuurlijk!
Samen met jongste zoon vierendeelden we de appels (hij) en sneden we de wormstekige stukken eruit (ik).
appels in bovenste mand van ontsapper

Spoelen, in de ontsapper, en wachten op het resultaat terwijl ik met zoon 2 het avondeten maakte. Vier heerlijke quiches, die ondertussen niet meer gefotografeerd kunnen worden wegens helemaal op.

Na 45 minuten zette ik het gasvuur af, en liet het sap in een kookpot lopen. Weer een aangename verrassing: 1100 ml oranje-rozig sap.appelsap

Waarschijnlijk is het helderder als je het door een neteldoek giet, maar hé, appelgelei moet hier niet helder zijn, maar lekker!
De pot is alweer afgewassen, de moes die overbleef is opgeruimd,
appelmoes die overblijft na het ontsappen

(daar zit echt niet genoeg smaak meer in om als “appelmoes” te bewaren) en morgen maak ik appelgelei. Ter info: dit sap is te zuur om zo als appelsap te drinken, maar wellicht zijn er rassen die daar wel voor geschikt zijn.

De ontsapper zal hier zeker nog verder getest worden, maar tot hiertoe lijkt hij mij nuttiger dan veel ander keukengerief, en veel minder werk dan tot-moes-koken-en-door-neteldoek-gieten. Als je niet direct van plan bent om iets met het sap te doen, maar het wil bewaren om met andere vruchten of vruchtensappen te mengen, dan kan je het via het slangetje rechtstreeks in gesteriliseerde flessen laten lopen, of invriezen. Volgende keer doe ik dat zeker met het appelsap, om dan met moerbei te mengen.
Wel oppassen geblazen als je hem gebruikt: stoom (en sap) zijn heet-heet-heet, en vooral in het begin is de constructie top-zwaar, omdat het fruit bovenaan ligt. Kinderen blijven beter uit de buurt…

Het vervolg

De ontsapper werd getest en goed bevonden. Water vanonder, vruchten vanboven, en na een tijdje sap in het middenste gedeelte. Eigenlijk wel heel veel sap voor het oogstje frambozen en moerbeien dat ik had. Veel minder gedoe ook dan eerst alles tot moes te moeten koken en dan door een neteldoek gieten om heldere gelei te hebben (pitjes in de confituur willen mijn mannen niet). De ontsapper is ook veel sneller weer proper dan de meeste neteldoeken die hier gebruikt worden…
Ik had een liter sap, en kookte dat met een halve kilo geleisuiker. Hier staan nu vier potjes af te koelen. Ik ben heel benieuwd hoe het smaakt, en of ik dus de rest van de moerbeien ga plukken of voor de vogels laat.

Zwarte Moerbei

Achteraan in onze tuin staat een zwarte moerbei (Morus nigra). Jammer dat hij zo ver naar achter staat, want ik vind het een fantastisch mooie boom. Kijk naar de structuur van die stam! Prachtig toch?
moerbeistam

Maar je weet misschien hoe dat gaat als de verbouwingen nog volop aan de gang zijn en je geen tijd hebt voor de tuin? Juist: we zullen da boomke voorlopig hier zetten, dan staat het niet in de weg, en achteraf zien we wel…
In tegenstelling tot wat we overal hoorden en lazen, deed “da boomke” het hier heel goed, en ondertussen is dat een hele boom, die een verhuizing niet meer zou overleven.
Hij groeit in de kippenren, en over het hok.
zwarte moerbeiboom

De kippen zijn een beetje zoals de vrouw des huizes: ze kijken niet op of om naar de vruchten van de boom. Zeg nu zelf, die doen er toch alles aan om er niet lekker uit te zien?zwarte moerbeien

Ze hebben van die rare uitsteekseltjes, en als ik zoiets zie dan vraag ik mij af hoe pluizig/harig/hard dat zou smaken, en heb ik hoegenaamd geen goesting om te proeven. Zeker niet toen ik ook nog hoorde dat er daar dikwijls larven van lieveheersbeestjes inzitten, en dat dat vies smaakt. Het gedacht!
Bovendien verstoppen ze zich onder de bladeren, precies of ze willen niet gevonden worden. Kijk naar die bladeren: prachtig, maar geen besje te zien.moerbeiblad

Als je dan onder een tak  kijkt zie je er een massa hangen.
moerbeien

Nog een onsympathiek kantje: ze rijpen allemaal op een ander tijdstip. Sommige vruchten beginnen zich nog maar net te vormen, terwijl anderen al rijp zijn. Vaak op dezelfde plaats aan een tak.

En toch…het enthousiasme van Hugo toen die de boom zag staan, mijn vader die er steevast naartoe loopt om te kijken of er iets te plukken valt (en dan altijd wordt gewaarschuwd voor de vuile plekken die er niet uitgaan in de was), de niet-tot-het-kippenras-behorende vogels die feest vieren in de boom: ze haalden mij over de streep om toch eens iets te proberen.

Ik plukte de rijpe exemplaren, en het sap dat van mijn handen liep smaakte heerlijk. Een beetje zoals zoete kersen. Ik kon een ontsapper lenen voor een paar weken, dus dat vond ik wel een experiment dat het proberen waard was. Nu pruttelen de moerbeien dus, samen met nog een hoop frambozen, en heb ik straks moerbei-frambozensap. Het ruikt hier al heerlijk!
Misschien om gelei te maken, of siroop, of een sauske voor bij ijs? Ik hou jullie op de hoogte. En als ’t meevalt pluk ik volgende week opnieuw.

Zomers vieruurtje

Omdat we er (voorlopig) toch genoeg voorhanden hebben, experimenteerde ik met vlierbloesemsiroop. Een appelsien-citroen-vlierbloesemsorbet was het resultaat.

Wat heb je nodig?

300 ml vlierbloesemsiroop
350 ml versgeperst gezeefd appelsiensap
150 ml versgeperst gezeefd citroensap
1 eiwit

De vlierbloesemsiroop en het sap samen in de ijsmachine doen, en na een minuutje of 10 het stijfgeklopte eiwit bijvoegen. Nog 20 minuutjes geduld…Klaar! Geen ijsmachine? Geen nood: gewoon in een doos in de diepvries zetten en zeer regelmatig gaan omroeren. Als het ijs stroperig dik is het eiwit bijvoegen, en opnieuw regelmatig roeren. Geen vlierbloesemsiroop? Ook geen paniek: gewoon suikersiroop kan ook.
Deze hoeveelheid was voldoende voor 12 bolletjes sorbet van “normaal” kaliber.

Een heerlijk zomerse verfrissing, zeker als er nog wat fruit uit eigen tuin bij kan. Ik probeerde het eerder met alleen appelsiensap, maar dat vond ik veel te zoet. De citroen geeft het recept de nodige pit.

zomers vlier-appelsien-citroensorbetje

Klimmers

Heb je er ook al eens op gelet op hoeveel verschillende manieren planten kunnen klimmen? Ik keek vandaag of ik erwtjes kon oogsten, en was verrast bij het zien van zoveel stevige fijne wirwarrige draadjes. Onze erwten doen daar niet moeilijk over, die wiegen een beetje in de wind, en op het moment dat ze iets stevigs voelen beginnen die klimrankjes daar rond te draaien. Of het nu de draad is die daarvoor bedoeld is, of een andere erwtenplant, of zelfs zichzelf, ze houden stevig vast.
erwten houden zich stevig vast

Over de boontjes kan ik u niks vertellen, de kippen waren sneller dan ik. Er staan wel een aantal lege staken in de moestuin nu. Schone constructie, al zeg ik het zelf.
Tegen de boomhut groeit een andere klimmer, de schijnaugurk (Akebia Quinata). Die moest langs een touw of bamboestok omhooggeleid worden tot daar waar er genoeg klimmogelijkheden zijn om rond te draaien. Met een regelmatig slagje van de stengel, tegen wijzerzin, windt ze zich rond alles wat tot steun kan dienen.

akebia quinata draait rond stok

De clematis (Clematis Armandii) doet het nog anders. De hoofdstengel groeit, en met zijn bladeren klampt de plant zich vast. Als je het van dichtbij bekijkt doet het een beetje denken aan een mastworp.
clematis maakt een soort mastworp

Vlak bij de clematis staat hier een druivelaar, van onbekend ras, ooit gekregen van een nonkel. Die heeft op regelmatige afstanden een soort van antennetjes, telkens aan twee zijden van de stengel. Daar grijpt hij zich dan ook mee vast. Eigenlijk is de bedoeling dat die druivelaar netjes geleid wordt langs een paar kabels, maar hij staat absoluut op een verkeerde plaats. In het najaar (of wanneer doe je dat eigenlijk het best?) verhuist hij naar de zuidkant. Hier gaat hij dus dit jaar een beetje zijn gangetje, en behalve de kabels neemt hij ook andere planten als steun. Het vingerhoedskruid is daar een mooi voorbeeld van.
druivelaar

druif aan vingerhoedskruid

druif aan kabel

Tegen de muur van de buren groeit een wilde wingerd (Parthenocissus). Die vormt aan de takken kleine zuignapjes, en hecht zich daarmee aan de muur. Zelfs het oude hout is een lust voor het oog, en in de herfst zorgen de bladeren voor vuurwerk in allerlei tinten rood.
wilde wingerd met zuignapjes

Ook nog tegen de muur van de buren: hop (Humulus lupulus). Een mooie plant, daar niet van…maar hij groeit enorm, en in een trage weg (die loopt naast ons huis) van amper een meter breed is dat niet de beste keuze geweest. Nietsvermoedende fietsers durven er wel eens met hun stuur in blijven hangen, en als zo’n hoprank liefelijk langs je gezicht streelt kan dat fameus branden en jeuken. Al die kleine haartjes… De takken wiegen in de wind, en kronkelen zich overal rond. Blijkbaar zaait die hop zich lustig uit, ik kom hem ook in onze tuin overal tegen.
hop

De blauwe regen (Wisteria, variëteit onbekend) draait zich rond een stevige paal. Als hij goesting heeft tenminste. Anders doet hij pogingen om de haagbeuken (Carpinus betulus) zachtjes te omarmen, maar’t schijnt dat dat op den duur een echte wurggreep wordt. Wij dirigeren dus geregeld de jonge scheuten in de juiste richting. De bedoeling is dat de blauwe regen richting terras geleid wordt, zodat er een natuurlijke poort naar de buurtweg ontstaat. Nog eventjes te gaan.
wisteria

Op de speelberg: klimop. Ooit een kamerplantje dat op sterven na dood was, nu een hangend en kruipend gordijn dat de toegang tot de berg verstopt. Dwars door de berg zitten twee betonnen buizen, waar onze jongens bijna nooit in gespeeld hebben. Te pijnlijk voor de knieën, te hard tegen hun hoofd, te veel spinnen. Enfin, niet echt een succes dus. Nu liggen er in die buis resten steenpuin en bladeren, en ik vermoed dat daar een egel zijn onderkomen heeft.
De klimop groeit, en maakt aan de stengels nieuwe wortels waar hij zich dan definitief mee vastzet. Gelukkig is dat een stevige plant, want op de berg spelen ze nog wel. Met fietsen er over, met de slee er af, of op hun buik naast één van de poezen.
klimop

De klimroos (welke variëteit het is ben ik vergeten) is pas dit jaar geplant, en strekt zich dus voorlopig alleen maar uit in de richting van de lijsterbes (Sorbus), waar ze haar ding mag doen. Ik liet mij vertellen dat bij klimrozen de doorns naar beneden gericht zijn, zodat die door het gewicht van de plant dieper in de gastheer grijpen. Zelfs aan de bladeren zie je zo’n doornen. Aan onze andere rozen (Rosa Smarty) zie ik dat ook, dus misschien is dat niet zo typisch?
klimroos

De laatste klimmer in het rijtje hier ten huize is de klimhortensia (Hydrangea Petiolaris). We plantten ze dicht tegen de muur van het terras, en ik ben benieuwd wat er bedoeld wordt met “zelfhechtend”. Onderaan rechts verschijnen er nieuwe scheuten, ons kleintje doet zijn best. Wordt vervolgd…
klimhortensia

Ja, als je rondkijkt zie je de fantastische details die tuinieren zo boeiend maken. Ik weet niet of alles wat ik hier schreef ook zo in de boekskes staat, ’t is louter gebaseerd op wat ik zag vandaag.

Goeie afspraken…

…maken goeie vrienden. Dat is hier niet anders. Daarom werd er op de eerste dag van de vakantie rond de tafel gezeten met de jongens, en werden er dus een paar dingen afgesproken. Kwestie dat ik ook het gevoel “vakantie” heb 😉

Een afspraak die zijn nut al bewezen heeft: iedereen helpt in de voormiddag, een kwartiertje tot een halfuurtje. Helpen kan zeer ruim genomen worden, maar eigen kamer opruimen valt daar niet onder, da ’s een rubriek apart!

Zo zijn er de voorbije dagen al een paar mooie projectjes gerealiseerd, met de niet te onderschatten hulp van de boys. De kelder bijvoorbeeld. Opruimen, uitvegen, de verse confituur en siroop een plaatsje geven, alle overtollige troep weg, kortom, geslaagd! Met glans zelfs.

Project waskot loopt de volgende dagen nog wat door, maar het schoenenrek is ondertussen ook weer wat het moet zijn. Oudste zoon was de uitgelezen persoon om met zijn lange benen en armen alle schoenen op de vloer te vegen, en daarna de rekken grondig te stofzuigen.
Ondertussen had ik mijn sopje klaar, waste ik de rekken af, en stond zoon 3 klaar om alle schoenen aan te geven zodat ze terug in’t rek konden.
een hoop schoenen
Of niet? Want de jury was zeer streng, maar rechtvaardig. Er werden vier categorieën onderscheiden:

1. Containerpark. Ongeacht de sentimentele waarde, de hipheid van’t merk (vooral bij de jeugd dan) of het die-zijn-echt-nog nie-versleten argument.

schoenen voor het containerpark

2. ’t Ensemble. Alles wat hier vergeten werd op het rek, en ondertussen aan geen enkele voet meer past. Uiteraard in goede staat, en ondertussen netjes gepoetst. Hopelijk is iemand anders er blij mee.
schoenen voor 't Ensemble

3. Nog ok. Die mochten zo weer terug.
schoenen op het rek

4. De paren die schreeuwden om een likje verzorgende crème op hun neus. Vooral dan de zwarten, die binnenkort deel uitmaken van een onberispelijk uniform op het WMC in Kerkrade.
schoenen die nodig gepoetst moeten worden

Eén paar ontkwam op mysterieuze wijze aan de strenge selectie. Het is verboden de jury te verdenken van enige vorm van partijdigheid 😀
mijn versleten sandalen