Categorie archief: beestjes

Een rondje tuin

Het lijkt wel een eeuwigheid geleden dat ik nog eens in de tuin kwam. Wat een vies weer dan ook! Verder is het natuurlijk een feit dat de dagen gevuld zijn met vanallesennogwat, en “tuin” dus soms geschrapt wordt.

Als we deze zomer iets van “bladgewassen” de naam waardig willen eten, dan is er dringend actie nodig! Ik zaaide alles ruim op tijd, en was verwonderd dat zelfs de radijzen zo lang op zich lieten wachten. Helaas: overal glinsterende sporen, alles wat maar durfde te komen piepen werd direct weggevreten door de slijmerige monsters. Alleen rode tuinmelde en spinaziezuring overleefden deels. Juist ja: onkruid. Wel lekker, schijnt.
Alles is ondertussen opnieuw gezaaid, en onder het net (duiven, kauwen, kakkende poezebeesten) strooide ik ook wat ecologische slakkenkorrels. Oorlog!

Mijn pikante pepertjes en enkele tomaten in pot werden ook belaagd. Pepertjes: onherroepelijk verloren, ook omdat ze een beetje verzopen en verkleumd waren, en daarbij nog vol bladluizen zaten. De mezen in de buurt doen hun best, maar ze concentreren zich nu vooral op de rozenstruiken om te fourageren.
De tomaten werden grondig geïnspecteerd, en van onder de randen van de potten haalde ik soms wel tien slakken. Bweuk! Netjes de GFT-container in. Die blijft open staan, en de kraaien weten dat. Zo dienen die slakken toch voor iets.

De ajuinen liggen te rotten op natte bedden. Hier en daar doet er eentje heel erg zijn best, ik laat ze nog even doen, en hoop op droog weer, zon en mirakuleus herstel.
Tussen, achter en over de ajuinen: Verbena bonariensis. O-VER-AL. Massaal veel, ontzettend vitaal en goed groeiend. Twee moestuinperken werden al gewied, nog wel enkele te gaan.

Echinacea? Slakkenvoer. Ook hier werd het probleem met eco-korrels aangepakt.
echinacea purpurea, kaalgevreten door slakkenGelukkig was het niet allemaal kommer en kwel: de tomaten en paprika’s in de serre doen het voortreffelijk, de salie die ik er van verdacht in staking te zijn bloeit met wondermooie bloemen.

Vijgen! Jeej, vijgen! Genoeg voor confituur, en chutney, en met geitenkaas, en nog veel lekkere dinges. Ikke blij!

Ook het Kattenkruid zorgt voor spektakel. Prachtig van kleur, en een magneet voor bijen, hommels en deze juffer.
juffer op KattenkruidDe Boerenjasmijn is één witte wolk, met veel verschillende bezoekers. Hommels, bijen, vliegen, zweefvliegen: ze zijn er allemaal.
witte wolk Boerenjasmijn

bijtje in bloem van BoerenjasmijnAan de overzijde, iets dichter bij de grond bloeit een blauwe wolk geraniums, en vlak daarnaast komen er binnenkort een massa gele pomponnetjes aan. blauwe wolk Geraniums

pomponnetjes

bloemen van Phlomis russelianaEen beetje té felgeel naar mijn goesting, maar de hommels zijn er stekezot van, en in de winter is die Phlomis russeliana een speeltuin voor vogeltjes. Misschien kijk ik toch wel eens rond voor een ander kleurke.

Eén hommel was echt wel een snoeperke: van de gele bloempjes naar het Vingerhoedskruid, naar de Smeerwortel en dan terug dat toertje.
Een andere was druk bezig om “in te breken” in Akeleien: in plaats van de nectar er uit te halen langs de open voorzijde maakte die gewoon gaatjes in de bloem, om zo met minimale inspanning maximale resultaten te halen. Niet vreemd, hier ten huize…

Aan het keukenraam staat een kanten kunstwerkje, een Klimhortensia. Jammer dat er zo weinig bloemen aan staan dit jaar, en dat die zich dan ook nog eens verstoppen.
klimhortensiaAchteraan in de “ruige hoek” keek ik naar een plantje van de hertshooifamilie en vroeg me af of het nu Sint-Janskruid zou zijn of niet, (het plantje is ondertussen gedefinieerd: Mansbloed) toen ik een schijnaardbei ontdekte. Bah! Woekeraars, met lelijke gele bloemen, en vruchtjes die door niemand gegeten worden.

Nog meer rood, veel centraler in het gazon. Zijn die dingen nu al tot daar gekropen?
Maar neen: een prachtig vlindertje(*?). Sint-JacobsvlinderNog veel feller ( en zeer beweeglijk!) met open vleugeltjes.Sint-Jacobsvlinder met vleugeltjes openToevallig hier om zoon drie een gelukkige verjaardag te wensen? Daar was het net op tijd voor: vieruurtje met verjaardagstaart en lekkere koffie, op verzoek van zoon zonder onze zoetgevooisde gezangen.
Hiphiphip…

 

 

Advertenties

Gedaan met verstoppertje spelen!

Oef, kleine zucht van opluchting. Wie hier soms een beetje tussen de regels meeleest weet wel dat ik geen kuismaniak ben. Hygienisch verantwoord is dik oké, té werkt alleen maar allergieën in de hand.
Het stond mij dan ook geen beetje aan toen ik bij de grote keukenopkuis hier en daar kleine zwarte kevertjes zag rondkruipen. Met een lange snuit, maar helaas was dat verhaaltje nog niet uit…
Ik dacht dat ze toevallig met een mand oogst mee binnen gesukkeld waren, veegde ze bijeen met een vod of deed de grote truc met de stofzuiger, en dacht dat het wel goed zou komen.

Nee. Meer en meer zwart gespuis teisterde de vloeren, het aanrecht, donderde soms uit de kast, omarmde liefdevol elke gevallen kruimel en maakte de meest moordzuchtige gevoelens in mij wakker. De snoodaards doen soms ook alsof ze dood zijn, en kruipen vrolijk weer verder als je eventjes niet kijkt.
Ik stapte van vod en stofzuiger over naar pletten onder mijn schoen, of gewoon tussen duim en wijsvinger. Stoere meid hoor, ikke! (gelukkig stelt zo’n kevertje niet veel voor, anders had ik de zonentroepen wel ingeschakeld, stoerdoenerij heeft zo zijn grenzen)

Een determinatietje drong zich op. Een snuitkever, meer bepaald de graanklander (Sitophilus granarius). Houdt zich op in graanvoorraden, en bij gebrek daaraan in zetmeelproducten. Rijst, spaghetti, havermout, dat soort dingen.
Bestrijding is niet moeilijk, de aangetaste voorraad verpakken in plastiek, goed toebinden en bij het huisvuil zetten.
Tja… niks aangetaste voorraad te vinden. Niet in de kast, niet in de kelder, (daar zat wel een kikkertje) niet in de zakken bloem, niet bij de koekjes. En dan beweren ze dat bestrijden makkelijk is? Ahum.

Stofzuigen dan maar weer, en hopen dat de beestjes verdwijnen op den duur. Jammer genoeg hebben snuitkevers niet genoeg hersens om te begrijpen dat wanneer de vrouw des huizes elke dag stofzuigt ze verondersteld worden weg te blijven.

De bevolking bleef maar aangroeien, en ik zag al voor mij hoe ik gebrandmerkt zou worden als slechte huisvrouw. Binnenkort zijn hier weer luisterhuizen, veel volk over de vloer dan, en als die allemaal naar hun tenen kijken terwijl hier muziek gemaakt wordt is er achteraf maar één gespreksonderwerp mogelijk. Iets in de stijl van “hoeveel hebt gij er doodgetrapt?” of “kraakvers gekuist hier”. Gruwel.

Bestrijdingsfirma’s geven geen advies op hun website, en kosten waarschijnlijk meer dan heel het probleem snuitkever waard is. Laatste hoop: de lokale boerenbond. En ja hoor, Anneke had de gouden tip. Heb je nog vogelvoer staan misschien? Ha! daar zit graan in eh! Luister eens aan de zak, ge hoort ze knagen.

Bingo!
’t Vogelvoer is weggegooid (beschimmeld van de uitwerpselen van de beestjes), de stofzuiger zal straks nog een keer overuren draaien, en de voorraden worden deze week nauwgezet gecontroleerd. Kevertjes die zonder eten gezet worden zoeken hun geluk elders, en we willen niet dat er nieuw gebied gekoloniseerd wordt.

Het doosje verdelgingsmiddel dat in een zwak moment gekocht werd blijft netjes gesloten. Kleine beestjes kunnen zotte dingen doen met een mens…

Oooooh! Echt!

koninginnepage op verbenakoninginnepageDeze beauty fladderde hier rond op onze nationale feestdag. Wees maar zeker dat ik dat een feest vond! Ook vorig jaar zag ik hier een koninginnenpage, maar die bleef niet lang.
Dit (groot! schoon!) exemplaar verbleef zeker een kwartier in onze tuin, fladderend van verbena naar verbena. En ik huppelde er achter aan.
Schone broer, zijt ge zeker dat ge zo geen van die waaibomen in uwen hof wilt? 😉

’t Is de natuur…

Soms is onze tuin een mini-jungle. Er sluipen dan twee tijgerinnen rond, op zoek naar een prooi. De ene is al wat enthousiaster dan de andere, dat moet gezegd.
Na enkele dagen op de loer liggen in de nabijheid van het kippenhok, werd het geduld van Pluk beloond: muis liet zich zien.
Ik had eerst niks door, en dacht dat ze weer eens de kattenkolder had en met schors speelde. Dat gebeurt wel meer, zo opeens ’t zot in de kop. muizenjachtZe bleef wel erg overtuigd snuffelen en ronddraaien, dus mijn interesse was gewekt. Eventjes kijken wat er te beleven was. De astertjes zorgden tijdelijk voor dekking voor een nog niet nader gedefinieerd slachtoffer. waarbenjeBeetje snuffelen, beetje koteren… Pluk en PluisLazy sister Pluis wilde ook wel weten wat daar zo boeiend was. Boeiend, maar voor haar vééééél te vermoeiend. tijgersprongEen beetje zonnen terwijl de ander het werk opknapt, da’s een beter idee. Staan mijn oortjes mooi? Heb ik mijn zwoele blik op mijn snoet? Oké, picture-time. Ah, Plukkie heeft iets? Met een tijgersprongetje gepakt? Miauw! oogcontactPoes weet het, muis weet het. Het einde is nabij, maar wordt nog uitgesteld. Even oogcontact tussen prooi en roofdier. En dan de eindontsnapping. Misschien via de buurtweg die naast ons huis loopt? Beestje toch, zo’n open vlakte, daar ben je een vogeltje muisje voor de kat! Muis kreeg voorsprong, zoals dat altijd gaat, maar dan stoof tijger in de achtervolging. ontsnaptVan hier naar daar, met gekke sprongen en schril gepiep. Met af en toe een welgemikte rechter van de kat, en meer manoeuvres van het muisje. De uitslag was voorspelbaar: terug naar af, transport per poezenmuil. ikhebje victoryGedaan met spelen. Na een indrukwekkende reeks stuiptrekkingen gaf muisje de geest. Poes geloofde het nog niet helemaal, en probeerde met een paar tikken haar speelkameraadje te motiveren tot actie. Niks, gedaan, batterij plat.
Ok, tijd voor een vieruurtje dan (daar neem ik geen foto’s van, da’s gewoon wansmakelijk!). Deze bijna bejaarde kattin laat meestal niet veel over van haar prooi, de andere komt haar steeds schaarser wordende buit netjes aan de achterdeur deponeren. PluisTja, ze zit dan ook veel liever te zonnen dan zich te vermoeien…

Tuintijd

Een hele vakantie is weeral voorbijgevlogen. Moestuinplannetjes lagen klaar, plantjes moesten nodig verspeend, het schriftje lag gereed, het bakje “buiten zaaien” voor deze maand stond aan de achterdeur. Je ziet het, ik ben super-georganiseerd.

De moestuin zou er picobello bij kunnen liggen nu, mochten de dagen in zo’n vakantie niet zo hard hun eigen leven leiden. Paasfeest, verrassingsfeest, rugzakken voor twee scouts helpen maken, zelf een weekend met de moto weg, nadien wat weekendrommeltjes wegwerken, beetje achterstallige was- en strijk doen, puberperikelen, vriendjes die komen spelen, anderen die komen eten, nog een scout op weekend, een lang geplande wandeling op zaterdag en zie: laatste dag vakantie!

Een zonnige zondag, waarin de tuin eindelijk wat aandacht kreeg. De tomaten die nog niet verspeend waren staan nu met hun voeten in een ruimer potje. De laatste prei werd uitgebeiteld. De bikkelharde groentenbedden werden met behulp van een riek, wat compost en man des huizes tot aanvaardbare perceeltjes omgetoverd. Na een actie met de tuinslang en regenwater werden ze zelfs zaaiklaar verklaard. Heerlijk: in het zonnetje worteltjes, pastinaak, peterseliewortel en nog meer soorten worteltjes zaaien. Op ’t gemakje, zodat het uitdunnen tot een minimum wordt beperkt. Tussen de rijtjes af en toe eens een rij ajuintjes planten, en vooral niet te snel werken ;). Poes kwam er bij liggen en zag dat het goed was.

wortelbed

De serre werd zo goed als leeg gemaakt: winterpostelein gaf ik al eerder deze week mee met een vriendin, achterbuurmeisje kwam de laatste radijsjes opsnoepen, de spinazie werd samen met geitenkaas een heerlijke quiche-vulling, en de rucola gaat morgen gedeeltelijk hier en gedeeltelijk bij de buren in een slaatje. De zaaitrays werden uitgekieperd en alle uitgedroogde kolen, seldertjes in spé en spruitjes zijn wijlen. Goede organisatie? Tja, ’t kan niet allemaal even vlot lukken hé… De tomaten staan nu al een paar dagen en nachten in de serre, lekker warm en lekker licht, maar nog steeds in potjes. Het kriebelt heel erg om ze nu toch hun definitieve plek te geven, maar ik durf niet goed. ’t Kan nog koud zijn ’s nachts hé, zelfs in een glazen huisje.

Tegen de tijd dat man des huizes het stukje voor de bladgewassen in orde had, vond ik het tijd om te testen hoe goed het terras van Villa Steenschot georienteerd ligt. Fantastisch! Twee stoelen in het zand, twee Ricards, en meer moet dat niet zijn. Waar we zaten (en waar dus dat terras ooit komt) genoten we nog volop van de late zon.

Maandag en dinsdag werd er verder gewerkt: alle bloemen die via de zadenruil van Natuurlijk Rijk hier belandden zijn gezaaid. Ik hoop op een  heel bed vol kleur midden in de groentenhof.

kolen tweede kansIk zaaide vervanging voor de verpieterde kolen, merkte dat ik enkele dingen vergat terug binnen te zetten na een dag afharden, en zag ook dat sommige tomatenplantjes de felle zon vlotter kunnen verteren dan andere soorten. Als dat maar goed komt, al die perkamentachtig verbrande blaadjes…

verbrande tomaat

De ajuintjes zitten nog steeds in de grond: de kippenren kreeg een hogere omheining en onze zilverbrakels kunnen niet meer voetballen met al mijn geplant goed. Oef.

De cadeautjes die ik kreeg van Vake kregen hun plaatsje-voor-één-jaar. Zeg nu zelf, dat zijn toch wel originele geheugensteuntjes hé! De stenen die ik al had werden een keer grondig proper gemaakt, zodat ze terug leesbaar zijn. Ook die vonden terug een plekje.

aardbei

Villa Steenschot mag komen: alle “brol” die in de weg stond ligt tijdelijk in de boomhut.
De haagbeuken die verplant werden staan er frisgroen bij, niet eens achter op de rest van de haag. Goed gedaan van ons, al zeg ik het zelf!

Er werden beestjes gespot: vlindertjes die ik hier nog nooit zag (oranjetipje en geaderd witje) en oude bekenden (dagpauwoog, gehakkelde aurelia, koolwitje, bont zandoogje). De struiken die de voorbije jaren aangeplant zijn zijn nu een ware speeltuin voor kleine vogels. De grotere (kauwen vooral) komen hier nestmateriaal bijeenshoppen. Hele bergen boomschors worden hier ontvoerd. Zoef, over het dak, in de schoorstenen van alle buren.

muis in de voederbak

muisje

Bij de kippen zat een superschattig mini zoogdierexemplaar zich in de voederbak vol te schransen. Ik denk niet dat het een woelmuis is… Kenners, is dit een bosmuis? Een veldmuis?  Ook een egeltje wandelt hier regelmatig over het gazon.

Bladgewassen zaaien: check!  Sommigen kwamen spontaan piepen daar waar een konijnenvoer-indigestie er vorig jaar voor zorgde dat ik alle sla liet doorschieten. Een aantal kropjes in de serre zijn bijna oogstklaar. De voorgezaaide snijbietjes verhuisden vandaag, en ook een aantal kruiden staan nu buiten. Voor de eerste keer in al die jaren dat ik het probeer komt ook de Nieuw-Zeelandse spinazie boven.

Genoeg gewerkt nu, het kan allemaal groeien!

 

 

 

 

 

Lente in ’t land

Overal plantjes die hun kwetsbare scheutjes boven de grond duwen. Drie zeer eigenwijze kiekens die zich daar niks-nougabollen van aantrekken. Ze krabben liefst dicht bij die frêle planten op zoek naar lekkers, met een nimmer aflatend enthousiasme. Geen goeie combinatie voor een tuin in volle groei…

Onze kippen hebben een mooi domein tot hun beschikking, maar het gras is altijd groener aan de overkant. Fladder, fladder, over het hek, en onze tuin is hun speelveldje. Hoog tijd dus om de schaar boven te halen en een knipje in de rechtervleugels te geven. Net als vorige keer  was dat weer een heel gedoe om die beesten te pakken te krijgen. Een kip in blinde paniek, da’s iets dat hard tegen uw voorhoofd kan botsen, zo ondervond man des huizes. Ook iets dat sneller loopt en hoger vliegt dan je voor mogelijk houdt. Nu ja, een aantal lachbuien later hadden ze alledrie wat kortere pluimen. Man houdt vast, ik ben kippenkapper van dienst.

gepluimd

Een half uur later was er alweer eentje uitgebroken…zucht. We moeten dus echt hun omheining verhogen. ’s Avonds waren onze drie madammen doodop: de pogingen om op hun geliefkoosde slaapplek te geraken leverden niks op. Geknipte kippen en een gesnoeide moerbeiboom, dat is niet de gedroomde combinatie voor onze hoenders. Eén voor één gaven ze op, en kropen voor ’t eerst in hun bestaan samen in Villa Kakelbont om te slapen. Da’s toch al één ontsnappingsroute minder: ’s morgens kunnen ze zich niet meer uit de boom laten vallen aan de verkeerde kant van hun omheining.
Voor de rest leken de kippen vooral kwaad, ’t zal weer eventjes duren voor ze het zich verwaardigen om uit mijn hand te komen eten.

I.v.m. Villa Kakelbont: in het mosproject lijkt na maanden eindelijk een beetje evolutie te zitten. De betonnen buizen kleuren stilaan lichtgroen. Ik vermoed dat het sneller zal gaan als de moerbeiboom weer een dicht bladerdak heeft, maar volgens mij haalde die karnemelk niet echt veel uit. Op onze zijgevel probeer ik één van de volgende maanden eens mosgraffiti, maar dan met een mix van mossen en karnemelk. Ik hou jullie op de hoogte.

 

Typisch

Vogeltelweekend, dag 1. Ook de eerste dag dat onze twee tijgers de huis-, tuin- en terraskat willen uithangen. Over timing gesproken…
Recordtelling tot nu toe: 3 huismussen, 1  franke merel (die al jaar en dag mee-eet uit de katten hun schaaltje), 1 koolmees en 2 vinken. Drie zilverbrakels lopen ook nogal opvallend in the picture. Ik peins dat ik morgen mijn poezebeesten opsluit in de garage en dan een telmomentje hou. Eigenwijze beesten!