Categorie archief: moestuin

Ook in de moestuin: lente in zicht!

Gisteren draaide ik (virtueel dan toch) terug aan Villa Steenschot. In ’t echt wandelde ik natuurlijk tot helemaal achteraan in de tuin, via moestuin en serre.

pluviometer
Het eerste wat ik tegenkom: de pluviometer. In de winter haal ik die binnen, vorig jaar stond er nog water in en vroor hij kapot. Op de drie dagen dat hij terug op zijn plekje hangt viel er één-entwintig liter water per vierkante meter. Amai m’n botten!
Duidelijk te zien: door mulchen en grond bedekt houden in de winter valt het hier eigenlijk nog mee, ondanks de redelijk zware grond. Geen dichtgeslempte modderpoelen.
Vandaag ben ik nog niet gaan kijken hoeveel het regende, maar aan de lucht te zien zijn we nog lang niet aan het eind van de bui.
Ik blijf erbij: zooooo content dat ik gisteren buiten vertoefde!

chinese en gewone bieslook

Dan kom ik aan de “extra” perceeltjes. Twee stukjes moestuin, links en rechts van het pad, die niet meedoen in het rotatieschema. Links staan vaste kruiden. Hier doen de Bieslook (vooraan) en Chinese bieslook hun best om als eerste voor een frisse groene toets te zorgen. Ook de Oerprei heeft zich uitgezaaid: naast de duimdikke stengels staan ook een aantal heel fijne sprietjes, in dezelfde grijsgroene kleur. Een verloren teentje Knoflook van vorig jaar zorgt mogelijk ook nog voor een mooi knolletje. ’t Staat zo’n vijftien centimeter boven de grond nu.

bloemenperkje, met vooral Nigella damascena

Aan de rechterzijde, vlak voor de serre ligt het bloemperkje. Allerlei zaden worden hier uitgestrooid: Goudsbloem, Klaproos, Zegekruid, Damastbloem, Kattensnor, Haverwortel,Korenbloem… Een bont geheel, vol leven. ’t Is altijd een beetje afwachten wat er verschijnt of verdwijnt, ik laat de dingen hier hun gangetje gaan. Eén ding is zeker: onze tuin zal nooit meer zonder Juffertje-in-het-groen zijn. Een fantastisch mooi bloempje, zowel wit als blauw, maar met het karakter van een echte veroveraar. Verbena bonariensis is ook zo eentje. Overal kom ik die dingetjes tegen. Waar ze echt niet kunnen blijven staan zijn ze gelukkig zeer makkelijk te verwijderen, maar waarom zou er geen blauw of wit of paars bloempje tussen de sla mogen groeien? Wij zijn hier redelijk tolerante mensen…

In ons glazen huisje dan. Zo proper, die raampjes! Twee weken geleden besloten we dat het tijd was om eens grondig met water en zeep te spelen daar, door het mos hadden we op sommige plekken een eerder lichtgroene lichtinval. Nefast voor de groei van al dat jong geweld.
Zeep? Ik hoor het u denken. Ja, zelfgemaakte. Heel simpel, heel effectief, milieuvriendelijk, goedkoop en met veel minder schuim dan die uit de winkel.
Je hebt alleen maar 50g klimopbladeren, 900 ml water en 100 ml azijn nodig.

50 gram klimopblad in de blender, met water naar behoeven (je moet vlot kunnen fijnmalen). Als het fijn genoeg is alles in een kookpot doen, de rest van het water even gebruiken om je blender uit te spoelen en dan mee in de pot gieten. Ook de azijn toevoegen, en alles even laten opkoken. Dat moet niet lang duren, je ziet het schuim zo naar boven komen in de kookpot.
Zeven, in een fles gieten en klaar.
Da’s natuurlijk niet zo’n stroperige vloeistof als die uit de winkel hé. En ze heeft een vies bruin kleurtje (dat kan je wel fris groen houden door een eetlepel natriumbicarbonaat mee in de kookpot te doen) en geen synthetisch geurtje. Een geur kan je met etherische olie toevoegen, maar voor serreruiten vind ik parfum niet echt een must ;). Deze zeep kan ook voor (donker !) wasgoed gebruikt worden, en dan is lavendelfris misschien wél gewenst?

Een goeie scheut in een emmer lauw water, en de klus was geklaard in geen tijd. Streeploos aftrekken deden we niet, de regen hing toch al in de lucht!

Sla Little gem in de serre

erwtjes en reukerwtjes

stekjes van Japanse wijnbesIn de serre plantte ik de sla uit die ik vorig jaar in november in bakken zaaide, en vervolgens een hele winter vergat. Het platgeduwde stuk daarachter is een goeie vierkante meter spinazie in wording. Hopelijk wat enthousiaster dan vorig jaar, toen moesten we feest houden met twee of drie gelukte plantjes… Helemaal bovenaan de eerste foto, aan de achterste ruit staat ook nog wat veldsla gezaaid. Ook snijsla, worteltjes en radijzen worden hier bijna dagelijks uit de grond gekeken.

Op de zaaiplank: twee trays erwtjes, één deel om op te eten, de anderen zijn reukerwten.
Voorgezaaid, jawel. Het kan ook rechtstreeks in de grond, maar dan spelen de duiven een venijnig spelletje: vanaf het moment dat ze ongeveer zo hoog staan als nu in de bakjes worden ze gewoon uit de grond gewipt. Niet om op te eten hoor, nee, gewoon het plezier van een erwt aan zijn staartje eens door de lucht te zwieren. Duivenkermis! Mij niet meer gezien, als ze een tiental centimeter hoog zijn plant ik alles uit. Aan zo’n stengels wagen de fladderbeesten zich niet meer.
Verder staan er zaaikistjes met koolsoorten, prei en zaaiajuin, nog wat soorten radijzen, en koolrabi.

In de zwarte potjes lopen vijf stekjes van Japanse wijnbes uit. Bij wijze van experiment vorig najaar opgepot, en zie! Ze hebben al allemaal een adoptiegezin gevonden 🙂

Vandaag kijk ik naar buiten, en bedenk dat mijn dagje gisteren wel zonniger was. Geen nood, ook binnen kan ik mij bezig houden met tuingedoe. Opkuis is voorlopig een nuloperatie, en alle beschikbare plooi- en andere tafels staan vol…Paprika’s aubergines en kruiden doen het goed, en ik heb me voorgenomen om niet voor half maart te beginnen aan de tomaten. Dat wordt nog moeilijk vrees ik, als het buiten zo nat blijft.

op de keukenvloer

Jullie hebben nog één stukje te goed, helemaal vanachter gebeurt er ook vanalles.

Advertenties

Zaaikoorts

Ik heb even getwijfeld om man des huizes een gastlogje te gunnen. De jongen had zoveel plezier, dat de tranen over zijn wangen liepen, hij zich haast verslikte in zijn koffietje, en zijn gezicht de kleur van een rijpe tomaat kreeg.

Dit alles na het aanschouwen van onze keuken, mijn zaaiwerkzaamheden en een opmerking van mij. Zo langs mijn neus weg, dat ik eigenlijk nu al plaats te weinig zal hebben in de serre… en dat de tomaten nog niet gezaaid zijn, zelfs nog niet geselecteerd.

De keuze van gereedschap was blijkbaar ook lachwekkend.

speciaal zaaigrondschepje

Alles wat goed schept kan volgens mij gebruikt worden om potgrond uit zakken in zaaibakjes te brengen. Een sopje (voor zoon twee thuis komt, zijn favoriete koffietas!) en er is niks gebeurd.
Er kwam een schampere opmerking dat ik misschien beter eerst de keuken wat had opgeruimd alvorens zaaibakken te willen uitwassen, plantenspuiten te vullen en heel de tafel in te palmen. Tja, ’t zou waarschijnlijk gemakkelijker werken zijn…

paprikazaden

Maar jongens, plezant dat dat was! Minizaadjes, proper geschreven labeltjes en een woonkamer met plooitafels, het hoort er allemaal bij.

gerecycleerde moestuinagenda

Ik recycleerde Wim’s moestuinagenda van vorig jaar. Alles wat ik dit jaar doe wordt op de juiste datum, maar in een andere kleur geschreven. Vorig jaar was ik goed begonnen, maar na enkele maanden neemt de drukte in de tuin toe, en de activiteit in zo’n boekske af. Hergebruiken dus, een nieuw aanschaffen vond ik er wat over.
Wel confronterend: ik lees hier net dat vorig jaar op 14 februari de narcissen al geel kleurden, maar nog niet open stonden. Nu staan ze met moeite drie centimeter boven de grond…

De Winterkamperfoelie (Lonicera purpussi “Winterbeauty”) begint eindelijk te bloeien, en op zo’n zonnig dagje als vandaag geurt die ook heerlijk. Eens proberen of ik dat geurtje kan vangen in een olie, om een crème van te maken. De Gele kornoelje (Cornus mas) is nog net niet uit de startblokken, en het Nieskruid (Helleborus oriëntalis) zal dit jaar eerder vroege lentebloeier dan winterkleur zijn. Knoppen genoeg, maar nog laag bij de grond, en ver van open.

Op 14 februari zag ik een moedig bijtje vliegen, de katten hebben de kolder, de tortels denken alleen maar aan nageslacht produceren, man des huizes lacht met mijn zaaigedrag: de lente is volgens mij echt in aantocht!

 

PANG! of het startschot van moestuinseizoen 2017

Het was mijn mantra zo’n beetje, na nieuwjaar: niet beginnen, nog niet, echt niet, te vroeg. En dat zo heel veel keer, vooral als er stomme huishoudklussen op het programma stonden. Een keuken opruimen na een dag, serieus, da’s toch elke keer weer een nul-operatie? Ge hebt uw schotelvod nog niet goed en wel uitgewrongen of er staat daar al weer eentje met “een hongerke”. Die dan de koelkast doorploegt, op zoek naar lekkers, heel de tafel onderkruimelt en bij voorkeur nog alles achter zijn gat laat staan ook. Ja, “zijn”. Ik ben het enige vrouwelijke exemplaar hier in huis.

Maar enfin, daar ging het niet over. Zaaikoorts dus. Niet vóór 7 februari. Man des huizes verjaart dan, maar dat heeft er niks mee te maken.
Nee, les van the one and only Jos, de Velt-lesgever die ongelooflijk gepassioneerd kan vertellen over zijn vreselijk uit de hand gelopen hobby: groenten kweken, en vroeg beginnen onder glas.
Ik kan niet blijven hopen op beginnersgeluk, en ging luisteren naar alle details over pepers, paprika’s en aubergines. Haha, zo veel fouten die ik maak, en toch zo’n goeie oogst…met wat ik nu weet kan het niet meer stuk.
Ik vroeg hem ook om mij te mailen, elke keer als hij iets in zijn serre gezaaid of geplant heeft, kwestie van mee te zijn. Tot hiertoe: radijzen, spinazie, zaaiajuin en kolen. Ook zijn zaaitafel is in orde gemaakt. Me dunkt dat ik hier al een inhaalmanoeuver zal mogen maken.

Verder mag ik rustig beginnen om er in te komen. Zaai- en stekgrond naar binnen halen om op te warmen, zo’n dagje of drie moet wel volstaan.
Ondertussen heb ik tijd om de zaden uit te kiezen, labels te schrijven, potjes en kweekbakjes te zoeken en uit te wassen, en een lading cocopeat te halen. Dat, vermengd met stekgrond en eventueel wat lavagruis zou een veel groter vochtabsorberend vermogen hebben volgens Jos. En gezien mijn stiptheid (ahum) met de gieter kan dat hier alleen maar in het voordeel van ontkiemend plantgoed werken.
Verder mag er een kampeertafel in de keuken gezet worden om al die dingen rustig te laten  groot worden, en zoek ik best ook de plantenspuit in plaats van alle zaden met de gieter weer op een hoopje te spoelen.

Volgende week zaai ik, waarschijnlijk zeer zeker weer veel te veel voor onze beschikbare grond. Een moestuin in verdiepingen, wie wil dat eens uitvinden?

Voila, mooie vooruitzichten. Wroeten in de grond, niks leukers dan dat toch?
En weet ge wat? Jos vertelde mij met blinkende oogjes van trots dat hij aan een boek schrijft. Voor Velt. Over serreteelt. Of hoe schoon een moestuinjaar kan beginnen.

 

Zadenruil 2016

zadenruil©foto: natuurlijk-rijk

Alle info over de zadenruil 2016 vind je daar. Mijn aanbod hieronder.

Moestuin:
*Nieuw-Zeelandse spinazie (Tetragonia tetragonioides): lukte mij nooit om te zaaien, dit jaar kocht ik een plantje (en vergat het). Bij het opruimen van de moestuin vond ik heel wat zaden. Geen idee of het daar wel een keer mee zou lukken, maar ik heb er nog over. Blaadjes en toppen oogst je het hele seizoen, en worden klaargemaakt als spinazie.

*Oost-Indische kers Milkmaid: roomwitte bloemen, laagblijvende plant. Bloeit zeer enthousiast tot de eerste vorst.

*Oost-Indische kers gemengd: mogelijk is het overgrote deel ook roomwit, maar ik heb geen idee hoe enthousiast ze kruisen, en er stond hier en daar oranje en rood ook.
oostindische kers

*Tomaten: veel verschillende soorten, eigenlijk veel te veel… maar het blijft leuk om nieuwe soorten te ontdekken en te proeven, ondanks het plaatsgebrek.
Kerstomaatjes: Black Cherry, Sweet Baby, Pendulina Yellow
Een beetje groter: Green grappe (rijpt geelgroen af), Black Zebra, Hellfrucht
Romatomaten: Amish Paste, Andine Noire
Coeur de boeuf: Gildo Pietroboni, Marmande “Franske”, Roze russische
Een speciale: Tournesol Blanc. Rijpt roomwit af, smaakt heerlijk, formaat ligt ergens tussen een gewone tafeltomaat en een kleine coeur de boeuf.
Nog andere soorten: deze zaden zijn van vorig jaar. Er ging dit jaar iets mis tussen zaaien en oogsten, (niet ontkiemen, omvergewaaid toen ze verhuisden naar de tuin, uitgedroogd, vroegtijdig geoogst door de kippen enz). Ik weet helaas niet bij welke categorie ze thuishoren, Google is uw vriend! Yubileynyi Tarasenko, Moneymaker, Rose de Berne, Amande Pink

*Koriander (Coriandrum sativum)

*Rode tuinmelde (Atriplex hortensis “Rubra”): Mooie rode eenjarige, waarvan de jonge bladeren eetbaar zijn. Ik vergat dat ik hem zaaide, en ik denk dat ik hem nu in heel mijn leven nooit meer zal moeten zaaien… De plant wordt 1,5m hoog, en is -wel euh- zeer op nakomelingen gericht. ’t Schijnt wel dat ze indien ongewenst zeer makkelijk te verwijderen zijn 😉

*Komkommer Marketmore: op onderstaande foto vooraan in ’t midden. Hij ziet er stekelig uit, maar smaakt voortreffelijk. Buitenteelt, zeer productief ras.
oogst van de dag

*Aubergine Purple Blush: de linkse op de foto, met het vage zweempje lila. purple blush aubergine

*Erwt Charmette: 
Struikerwtjes die al heel vroeg op het seizoen gezaaid kunnen worden in volle grond. Meestal vergeet ik ze daarna te oogsten, gelukkig voor wie er zaden van wil!

*Sluimererwt Mrs Lei: een zeer productieve klimmer, die nog lekker is ook.
bloei Mrs Lei

*Chinees bieslook (Allium tuberosum): heeft hoge en stevige bloeistengels, die later komen dan bij gewone bieslook. Smaakt iets sterker door, zaait zich hier ook makkelijk uit.
landkaartje

Eénjarigen:
*Dropplant (Agastache foeniculum): ’t is een éénjarige, maar hij zaait zichzelf hier elk jaar opnieuw. Ik help soms wel een handje, en zet ook in de serre elk jaar wat in potjes om zeker deze beauty te hebben. Fantastische kleuren, en een enorme insectenlokker.

*Reukerwt “Lilac Ripple”: een fijne lila-witte reukerwt, die hier een moeilijke start had door vocht en slakken, maar daarna uitbundig bloeide. Vorig jaar van de Biodiverse Tuinier gekregen, dit jaar zijn er al een (beperkt) aantal zaden om door te geven.

*Juffertje-in-het-groen, wit en blauw (Nigella damascena): hier is iets geks aan de hand. Ik had witte en blauwe bloemen, zoals op de foto hieronder. Na één jaar merk ik dat ze zich zeer vlotjes uitzaaien, maar dat het nu bijna allemaal gevulde bloemen zijn. Veel meer dan 6 kroonblaadjes. Staat hier in de buurt een dominante cultivar? Geen idee. Jammer, ik vond de eenvoudige mooier. Gelukkig gaan de bloemen ver open, voor bijen en co blijft het feest. De zaaddozen zijn ook een lust voor het oog, en zeer bruikbaar voor bloemschikken.
Nigella damascena

Vaste planten:
*Sint-Janskruid (Hypericum perforatum): Ik kreeg enkele zaailingen, en hoewel het een gele is mag deze plant toch blijven. De verse bloemen in olie zorgen namelijk voor een zeer interessante rode olie. Als ik ze in eigen tuin heb weet ik zeker dat daar geen -iciden aan te pas gekomen zijn. De enkele kleine stekjes zijn ondertussen een forse struik, en die zorgde voor heel wat zaden.

*Rode zonnehoed (Echinacea purpurea): Ik hou mij nooit bezig met deze schoonheid, ze zaait zichzelf uit in onze tuin. De zaden zouden wel een koudeperiode nodig hebben. Jonge planten hebben het wat lastig als er veel slakken in de buurt zijn. Na een drietal jaren is het ook mogelijk om wortelstekken te nemen. Dat lukt goed, en is vrij eenvoudig.echinacea purpurea

*Look-zonder-look (Alliaria petiolata): bosrandplant met een typische lookgeur als je de blaadjes kneust, en waardplant voor oranjetipje. Is nu volledig weg, maar komt in de lente weer piepen.

*Akelei (Aquilegia vulgaris): een donkerpaarse schoonheid. Ze zou ook zeer makkelijk kruisen, en de buren hebben een aantal gevuldere en blauw-wit-roze soorten staan, dus je kan iets heel anders krijgen dan de bijna zwartpaarse die hier in de tuin staat. Ook deze zaden houden van een koudeperiode.

*Brandkruid (Phlomis russeliana): een gele, die ik niet graag zie. Voor ik de planten weggaf oogstte ik voor jullie nog wat zaden. Vinken komen in de winter de zaden uit de verdroogde pomponnetjes halen, een leuk schouwspel. Zorg dus dat hij in het zicht staat, en in de zon.
Op drie jaar tijd hadden de enkele iele plantjes die hier stonden zeker een vierkante meter volledig ingenomen.
bloemen van Phlomis russeliana

*Kleine pimpernel (Sanguisorba minor): Ik ritste eens langs enkele uitgebloeide aren, en heb nu één zakje piepkleine zaadjes. Geen idee of het wat wordt, de plant schijnt zich hier nogal gedeisd te houden (en als je zo ziet hoeveel zaadjes die produceert vind ik dat verwonderlijk).

Tot hier mijn lijst. Paprika’s en pepers zijn er deze keer niet bij, compleet mislukt dit jaar. Wat ik mij eigenlijk afvraag: zijn de zadenruilers van vorige edities tevreden met “mijn” aanbod? Zijn de opgestuurde zaden uitgekomen, of bleef het een lege plek in de tuin/ serre/bloembak?
Van de tomatenplanten weet ik dat (hier) bijna 100% is uitgekomen, maar siertuinplanten test ik zelf niet, vandaar de vraag.

Ik probeer iedereen die iets vraagt tevreden te stellen, maar het moet natuurlijk nog wel de moeite blijven. Het aantal tomatenzaden in een zakje is minstens tien, voor andere zaden is het een beetje afhankelijk van de vraag. Op is op…

Nog eens over de tuin

Vorig weekend, en het stuk week tot nu toe: tuin!

Enig achterstallig zaaiwerk werd uitgevoerd. Een mens kan geen courgetten verwachten als die zaden niet in een potje met grond geraken niwaar?

Hoopjes maken met zadenzakjes per bestemming, takken van de takkenwal gaan halen om plantenlabels van te maken, ecoslakkenkorrels en knolselderplantjes kopen bij de plaatselijke middenstand, en met veel meer dan gepland thuiskomen.

Eerst een plan: wat moet er nog gezaaid of geplant worden, waar, en hoe dringend?
Zalig, onder de notelaar op een dekentje een beetje liggen doen alsof je goed bezig bent. Ha! Poes kwam er gezellig bijliggen, en de zon schoof richting avond.

Alle gekocht plantgoed geraakte voor het onweer op zijn bestemming. De berg in het midden wordt voor een deel vast kruidenperk, andere stukken zijn “experimenteerruimte” voor éénjarigen, of zaaibed voor probeersels waar ik niet echt van weet bij welke andere planten ze passen. Er is nu nog niet veel te zien, maar dat komt wel.

berg met kruiden

We zijn al enkele dagen echt aan zwaar geknetter ontsnapt: op de onweersradar zag je de intense zones eerst pal over ons passeren, en na een keer refreshen was het gevaar geweken. Zo heb ik het graag, ik hou niet van spektakel in de lucht.
Op veilige afstand wel, niks prachtiger dan bliksems tegen een paarsblauwe lucht, maar als het nadert zit ik (echt waar!) constant te tellen hoe ver het gevaar nog is.

donderwolken

Ook het blaadjesperk in de moestuin werd helemaal opnieuw gezaaid, slakken werden handmatig (jekkes!) en met ecokorrels verder bestreden, en na drie dagen zie ik al fijne groene lijntjes. Het werkt dus echt wel, die oorlogvoering.

eindelijk sla
Ook de viooltjes varen er wel bij: zowaar een ongeschonden bloemetje!

viooltje zonder slakkenvraat
In de serre had ik -voorzienige vrouw- een aantal bakjes en zaaitrays gevuld met zaai- en stekgrond, om altijd wat sla of boontjes of kruiden klaar te hebben staan als er plaats leegkomt, of bij diefstal door duiven, slakken of kippen (onze buren zijn betrouwbare individuen). De reserves op de bank, zeg maar.

De theorie was mooi, de praktijk niet. Je moet dan namelijk zaaien, in plaats van alle dagen te denken “morgen”.
Als je dat “morgen” een aantal weken volhoudt, dan zijn die trays geen fluit meer waard. Poederdroge grond, en wanneer je dan denkt om die eventjes nat te gieten komen al die blokjes aarde gewoon bovendrijven en spoelen zo uit je bakje, van je handige plank, op de serregrond. Alwaar de paprika’s en aubergines niet blij zijn met een zanddouche. Hoe zou je zelf zijn?
De tomaten aan de andere kant trokken er zich niks van aan.

tomaatjes
Niet getreurd echter: bovenstaand scenario is het perfecte excuus om als volwassene heerlijk in de weer te zijn met gieter, schopje, bakjes en zand. Zwart zand, voor de gevorderde modderspelers. Veel vijfjarigen zouden jaloers zijn.
Dat schopje, dat was alleen in het begin. Droge potgrond en water laten zich veel makkelijker broodbakgewijs mengen met de blote hand. Echt, een aanrader.
Tegen de tijd dat de jongens van school kwamen waren mijn potjes weer netjes gevuld en mijn handen gewassen, dat spreekt.

Intermezzo met zonen, ijs, aardbeien en banaan, en daarna werden eindelijk alle courgettes, pompoenen en komkommers in die versgevulde potjes gezaaid. Met deze temperaturen verwacht ik dat ze eergisteren al vijf centimeter boven staan. Ja, ik weet het. Als je dat pakje geduld in de Colruyt vindt, ge moogt het mij altijd meebrengen…

komkommers, courgetten en pompoenen gezaaid
De zieltogende andijvieplantjes kregen een portie liefde (en water en verse potgrond) en zien er na een nachtje op intensieve zorg veel beter uit. Nog even aansterken en het zijn volmaakte reserves.
Voor de boterpeultjes zijn geen reserves voorzien, die doen het voortreffelijk. Dringend te plukken.

boterpeultjes
Alle bloemen die niet uitgekomen zijn (en waar ik nog zaden van had) zijn ook opnieuw gezaaid. Waarschijnlijk was er die eerste keer ook iets mis met temperatuur, vochttoediening of hongerige vogels en slakken.
Sommigen mogen ook nu nog een keer de mist in gaan, voor anderen was het echt het laatste wat ik uit het zakje kon schudden. We zien wel. Een groot spontaan succes: Nigella damascena. Uitbundig uitgezaaid, en zo mooi!

Nigella damascena
Morgen nog te doen: basilicum die ik gisteren buiten zette herzaaien. De monsters zijn geweest, slijm is alles wat er overbleef. Wortels, pastinaken en bietjes: idem. Die zijn zelfs nooit boven de grond geraakt. Ook de pas gisteren geplante knolselder: voor de helft verdwenen.

Daarna: van uit mijn luie zetel alles uit de grond kijken, hoewel het mij een beter idee lijkt om de huishoudelijke achterstand eens in te halen. Want zaden, dat groeit wel, maar de was springt hier nog niet zelf in de machine.
Aaah, het leven van een huisvrouw is zo mooi! 🙂

 

 

Een rondje tuin

Het lijkt wel een eeuwigheid geleden dat ik nog eens in de tuin kwam. Wat een vies weer dan ook! Verder is het natuurlijk een feit dat de dagen gevuld zijn met vanallesennogwat, en “tuin” dus soms geschrapt wordt.

Als we deze zomer iets van “bladgewassen” de naam waardig willen eten, dan is er dringend actie nodig! Ik zaaide alles ruim op tijd, en was verwonderd dat zelfs de radijzen zo lang op zich lieten wachten. Helaas: overal glinsterende sporen, alles wat maar durfde te komen piepen werd direct weggevreten door de slijmerige monsters. Alleen rode tuinmelde en spinaziezuring overleefden deels. Juist ja: onkruid. Wel lekker, schijnt.
Alles is ondertussen opnieuw gezaaid, en onder het net (duiven, kauwen, kakkende poezebeesten) strooide ik ook wat ecologische slakkenkorrels. Oorlog!

Mijn pikante pepertjes en enkele tomaten in pot werden ook belaagd. Pepertjes: onherroepelijk verloren, ook omdat ze een beetje verzopen en verkleumd waren, en daarbij nog vol bladluizen zaten. De mezen in de buurt doen hun best, maar ze concentreren zich nu vooral op de rozenstruiken om te fourageren.
De tomaten werden grondig geïnspecteerd, en van onder de randen van de potten haalde ik soms wel tien slakken. Bweuk! Netjes de GFT-container in. Die blijft open staan, en de kraaien weten dat. Zo dienen die slakken toch voor iets.

De ajuinen liggen te rotten op natte bedden. Hier en daar doet er eentje heel erg zijn best, ik laat ze nog even doen, en hoop op droog weer, zon en mirakuleus herstel.
Tussen, achter en over de ajuinen: Verbena bonariensis. O-VER-AL. Massaal veel, ontzettend vitaal en goed groeiend. Twee moestuinperken werden al gewied, nog wel enkele te gaan.

Echinacea? Slakkenvoer. Ook hier werd het probleem met eco-korrels aangepakt.
echinacea purpurea, kaalgevreten door slakkenGelukkig was het niet allemaal kommer en kwel: de tomaten en paprika’s in de serre doen het voortreffelijk, de salie die ik er van verdacht in staking te zijn bloeit met wondermooie bloemen.

Vijgen! Jeej, vijgen! Genoeg voor confituur, en chutney, en met geitenkaas, en nog veel lekkere dinges. Ikke blij!

Ook het Kattenkruid zorgt voor spektakel. Prachtig van kleur, en een magneet voor bijen, hommels en deze juffer.
juffer op KattenkruidDe Boerenjasmijn is één witte wolk, met veel verschillende bezoekers. Hommels, bijen, vliegen, zweefvliegen: ze zijn er allemaal.
witte wolk Boerenjasmijn

bijtje in bloem van BoerenjasmijnAan de overzijde, iets dichter bij de grond bloeit een blauwe wolk geraniums, en vlak daarnaast komen er binnenkort een massa gele pomponnetjes aan. blauwe wolk Geraniums

pomponnetjes

bloemen van Phlomis russelianaEen beetje té felgeel naar mijn goesting, maar de hommels zijn er stekezot van, en in de winter is die Phlomis russeliana een speeltuin voor vogeltjes. Misschien kijk ik toch wel eens rond voor een ander kleurke.

Eén hommel was echt wel een snoeperke: van de gele bloempjes naar het Vingerhoedskruid, naar de Smeerwortel en dan terug dat toertje.
Een andere was druk bezig om “in te breken” in Akeleien: in plaats van de nectar er uit te halen langs de open voorzijde maakte die gewoon gaatjes in de bloem, om zo met minimale inspanning maximale resultaten te halen. Niet vreemd, hier ten huize…

Aan het keukenraam staat een kanten kunstwerkje, een Klimhortensia. Jammer dat er zo weinig bloemen aan staan dit jaar, en dat die zich dan ook nog eens verstoppen.
klimhortensiaAchteraan in de “ruige hoek” keek ik naar een plantje van de hertshooifamilie en vroeg me af of het nu Sint-Janskruid zou zijn of niet, (het plantje is ondertussen gedefinieerd: Mansbloed) toen ik een schijnaardbei ontdekte. Bah! Woekeraars, met lelijke gele bloemen, en vruchtjes die door niemand gegeten worden.

Nog meer rood, veel centraler in het gazon. Zijn die dingen nu al tot daar gekropen?
Maar neen: een prachtig vlindertje(*?). Sint-JacobsvlinderNog veel feller ( en zeer beweeglijk!) met open vleugeltjes.Sint-Jacobsvlinder met vleugeltjes openToevallig hier om zoon drie een gelukkige verjaardag te wensen? Daar was het net op tijd voor: vieruurtje met verjaardagstaart en lekkere koffie, op verzoek van zoon zonder onze zoetgevooisde gezangen.
Hiphiphip…

 

 

Schaduw in de serre

Soms kan de zon fel zijn, en zeker voor plantjes die nog nooit echte zon gezien en gevoeld hebben.

De paprika’s, tomaten en aubergines die lang gekoesterd werden in huis staan ondertussen in de serre, maar na vorig jaar heb ik mijn lesje wel geleerd. Ook plantjes kunnen verbranden!
Ideaal is om ze in een bewolkte periode buiten of in de serre te zetten, zodat ze wat kunnen wennen aan zonlicht, maar het weer doet nogal een keer zijn goesting in onze contreien, niwaar?
Zonnecrème smeren lijkt mij ook niet je dat, en de schaduwdoeken die verkocht worden zijn op zijn minst “prijzig” te noemen.

Gelukkig brengt mijne meneer af en toe iets mee naar huis, van op ’t werk. Monsters, heet dat. Monsterlijke proporties nemen die aan, daar in onze garage. Als daar een hele zak zakken staat te staan, en uiteindelijk de weg naar de klant niet vindt, dan durf ik mij soms iets toe-eigenen. Na beleefde vraag, dat spreekt.

Recept voor een goedkope versie van een beschaduwde serre:
* een grote monsterzak uit pp-non-woven langs beide zijden openscheuren;  dit met nog drie zakken herhalen.
* vier serrevijsjes (die zijn wel gekocht, speciale T-vijsjes die je in een serreprofiel kan schuiven en vastklemmen) en vier haakjes bevestigen; twee aan de nok, twee aan de zonnigste zijkant.
haakjes bevestigen
* de rol metaalkabel die ooit gekocht werd om druiven en clematis te leiden even zoeken, twee stukken afmeten en bevestigen in de achterste haakjes.
* spanvijs aan de voorste haakjes hangen, kabeltje bevestigen en opspannen. Aan het geplooide haakje op bovenstaande foto weet je wel wanneer je daarmee moet stoppen.
spanvijs tussen haakje en kabel
* de opengescheurde zakken aan de nokkabel hangen met wasknijpers die voor de rest geen fluit waard zijn en zelfs geen zakdoek kunnen tegenhouden. Mijn oog wil niet te veel opvallend plastiek in de serre, dus ik zocht de grijze knijpers bijeen voor dit doel.
gordijntjes draperen
* zakken over de zijkabel zwieren, en open of toe schuiven, geheel en al volgens de behoefte van uw plantgoed.
schuifsysteem met wasknijpers
* ondertussen de serredans doen en bedenken dat het wellicht handiger geweest was als die dingen vóór de tomaten en paprika’s daar waren gemonteerd.  Als een 46 en een 39 neergeplant worden tussen die kwetsbare plantjes is dat soms een beetje spannend.

Af en toe kan rommel uit de garage geweldig interessante toepassingen hebben…