Keukenverbouwingen – 4. Het zit in de details

Zoals in de vorige post – lang geleden – over keukenverbouwingen gezegd werd, kwamen Wouter en Conrad bij ons kijken om alles definitief op te meten.
Nadien kregen we opnieuw een plan, werd er weer een beetje over en weer gemaild en gebeld, besloten we om toch ook maar ineens te gaan voor een nieuwe tafel en werden definitief kleuren en houtsoorten gekozen.

Met een zwierige krul onder een bestelbon werd de samenwerking bezegeld.

Niet dat we gesponsord worden, maar ik wil toch wel even kwijt dat het aangenaam samenwerken is met de mensen van Woonfase.
Ze kijken daar altijd nét iets verder dan hun neus lang is, en hebben een fijn soort humor, ook niet onbelangrijk voor ons.
“Zou je dat zo wel doen? Heb je al gedacht welke impact dat later op de woonkamer zal hebben?”
“Pas op, die handgrepen worden echte vuilbakjes. Beter verticaal zetten, of een alternatief kiezen.”
“Volgens mij is een kast die kan blijven open staan mooier als de planken binnenin in dezelfde kleur als de fronten zijn, ik zal eens kijken of ik dat geregeld krijg zonder meerprijs.”
“Broodmachines in een kast? Dan moeten de planken beschermd worden met een aluminiumlaagje, zodat ze na een jaar niet kromtrekken van vocht/damp/condens.”

Verder mochten we ook altijd meedenken, meer nog, er werd dikwijls vermeld dat het leuk samenwerken is met klanten die een mening (soms zéér uitgesproken), een oog voor kleur, een beetje technisch inzicht en enige creativiteit bezitten.

De bereidheid om ons zo veel mogelijk zelf te laten doen is ook van belang. Technische plannen, wat uitleg en ondersteuning ter plekke: so far so good. Een appje met de vraag of die plinten hier weg mogen, of moeten? Direct respons.
Conrad liet zelfs weten dat hij gerust wilde langskomen als we ergens vastzaten, zelfs tijdens de vakantie, want “hij ging toch niet weg, en hij had dan een doel om met de moto naartoe te gaan, altijd plezanter dan zomaar wat rondrijden.”
We hebben hem één keer gebeld, met een vraagje over plafondhoogtes, anders konden we écht niet verder. Voor de rest zijn we van het principe dat vakantie vakantie is.

Er werd nog wat over centimeters gepalaverd (tussen twee kastelementen, de hoogte van het werkblad, de ruimte die nodig is boven de kasten, één kast wat dieper, want het kàn, enz.

De kleuren voor muren en deuren werden gekozen, en goedgekeurd. Blijkbaar zit het soort blauw dat wij verkiezen in het gamma keukenmeubilair voor volgend jaar. Ha, wij zijn voor op onze tijd 🙂

Zoals beloofd kregen we de volledige set tekeningen. Grondplan, technische toestanden, en ingekleurde 3D.
Mét toestemming om te gebruiken voor deze blog. Ik vind het zelf ook altijd raar om een foto van mijn hand zomaar ergens te zien opduiken zonder bronvermelding, dus is dat maar logisch, niet?
Voila, ladies and gentlemen, hier een kijkje op hoe het zal worden:

©Woonfase
Perspectief 01_02

Rommel op de werkbladen en kruimels op de vloer, dat volgt vanzelf. Daar hebben we geen 3D plan voor nodig 🙂

Advertenties

Zomermodus

Ik beken, ik had dat beter op voorhand meegedeeld, zoals Menck.

Mijn excuus: er was vanalles te doen, er was een keuken te plannen, er waren examens en proclamaties, en het was zomer voor ik het besefte.

De keukenpostjes komen nog, maar voor nu kan ik u alleen maar vertellen dat we een nieuwe hobby hebben en ons daar volledig in smijten: stof maken.

Muurtje slopen, beschadigde vloertegels uitkappen, nog eens kijken welk kleurtje onze poutrelles (steunbalken in ’t schoon Vlaams denk ik) nu ook weer hadden en ze daarvoor volledig ontdoen van bepleistering, electriciteitskabels, gasleiding en verwarmingsbuizen definitief afsluiten, spotjes uit het plafond halen en nog van dat fraais. Veel soorten stof geeft dat. Rood steenstof valt het hardst op, gipsstof “pakt” het hardst op mijn adem, en stof van keramische vloertegels is van een ongelooflijke fijnheid. Vloeiende bloem is er niks bij.

Onze favoriete outfit? Vuile kleren, en wat attributen. Stofmasker, oordoppen, handschoenen en veiligheidsbril. Man des huizes zweert bij stevig schoeisel, ik hou het bij teensletsen. Kwestie van het zomergevoel toch wat te behouden 😉

Ons favoriete speelgoed? Alles wat zwaar in de hand ligt, lawaai, vonken of stof maakt, en je normaal niet in de hobbykast maar in een werfkeet vindt. Drilboren, slijpschijven mét of zonder industriële stofzuiger er aan gemonteerd, klopboormachines, hamers en beitels waar je spontaan een spierscheur van krijgt: noem het en we gebruiken het.

Onmisbaar drankje? Water. Liters water, om al dat stof door te spoelen. ’s Avonds ook liefst water om te douchen. Dweilen is absoluut nog niet aan de orde, gelukkig maar want ik doe dat niet graag.

Onze vakantie? Een hippe staycation. Minimalistische keuken incluis, het kampeergevoel overheerst. De deuren staan tentflapgewijs een hele dag open.
Het fototoestel werd verbannen naar properder oorden, vandaar dat er alleen iets te lezen is nu. Ooit volgen de kiekjes.

Kaartjes sturen we niet, maar ik zend iedereen van hieruit stoffige groetjes!

 

Familieweekend: ondertussen een gekoesterde traditie

Familieweekend, zoals in “met heel de kant van man drie dagen vrijwillig samen overnachten in een primitiever huis dan we gewend zijn, samen eten en samen sporten, genieten, wandelen”.

Als je dat vertelt bekijken velen ons alsof we een vijs kwijt zijn. Echt, met heel de familie?
Ja. Ondertussen gaan er ook twee lieven mee, dus de groep is nog wat groter, en zal in de loop van de jaren mogelijk nog aangroeien.
Met éénentwintig waren we dit jaar. En dat het leuk was!
Kijk even mee:

Zo ongeveer vertrokken we. Dat gaatje rechts en de dakkoffer werden ook nog vol gepropt. Zicht door de middenspiegel: nul komma nul.  Gelukkig ging Man des huizes per moto, en nam die nog een zoon mee achterop.propvolle auto

Op dag 1 werd er gefietst. Naar keuze met elektrische of gewone fietsen, en de ene al wat geoefender en beter geëquipeerd dan de andere. We deden zo’n kleine 70 kilometer, bergop en bergaf, en af en toe (oef!) ook een stuk RAVeL.
sportieve bende op de fiets

geoefende fietser

Peter fietste naast zijn petekind, en metekind gaf meter een dikke knuffel.peter fietst naast petekind
meter en metekind

Ook broers en zussen kwamen goed overeen, zowel naast als op het water.broer en zus

ook broer en zus

De liefjes gaan ook graag mee, en passen perfect in het gezelschap.
liefjes
ook liefjes
Ook bij het kajakken is er eentje wat geoefender dan de rest, en die wilde helemaal van boven op de helling naar het water “sjokkelen”. Dat handvat daar op ’t puntje van de boot is dan ideaal voor saboterende neven 🙂via de helling naar 't water

Een beetje recupereren doet soms wonderen. Vijf minuutjes kan genoeg zijn.hazenslaapje

We hadden een jeugdig barbecue-team, dat zorgde voor perfect gebakken vleesjes.team bbq

Er waren genoeg gewillige voeten om eindwerkproductjes over voetverzorging te testen. testvoeten voor pepermuntcrème

Terwijl de echte sportievelingen gingen mountainbiken maakten wij een prachtige wandeling. Voor elk wat wils op onze weekends, en helemaal top als de taalhumor ook nog kan aan bod komen.
mooie wandeling
aangepast pad zodat iedereen mee kan
woordmopjes...
Er werden filosofische uiteenzettingen gehouden, door jong en oud, vroeger en later op de avond. (N)oma genoot van het geïmproviseerde kampvuur, temidden van “haar” jong geweld.
filosoferen

oma tussen de kleinkinderen aan het geïmproviseerde kampvuur

Het weekend was een plaatje. Zoiets als hieronder, om in te kaderen. plaatje

En weet je wat? Het huisje voor volgend jaar is al geboekt. De Dardennen met (bijna**) heel onze bende, dat blijft fantastisch.

 

 

 

 

 

De Verbeelding Book Challenge 2017 – april

Een voornemen van vorig jaar: een overzicht van wat ik las, met de kaft van het boek, (een stukje van) de achterflaptekst, en voorzien van een klein beetje commentaar. Wie weet inspireert het je ook, of behoedt het je voor een foute aankoop.
April, alstublieft.

Wel, dat is gemakkelijk deze keer: niks gelezen.
Nu ja, niks… veel websites bezocht, stukken uit botanische gidsen en thuisdrogistenboeken doorgenomen, gegrasduind in wandel- en fietsboekjes voor ons familieweekend, en al zo’n dingen. “Niks” is te kort door de bocht, maar geen afgevinkte puntjes op het lijstje voor 2017.

In mei misschien.

Keukenverbouwingen – 3. De beslissing

Ze is eindelijk genomen. 20 februari was wat utopisch, er waren nog veel te veel onduidelijkheden.

Jo en Wouter tekenden, hadden beiden goeie ideeën en lieten beiden steken vallen.
Wij gaven feedback, borgen wilde plannen op ten voordele van nog wildere plannen, en hadden nog steeds het gevoel dat het nét niet dat was.

Weeral: huiswerk opnieuw maken. Over zo’n investering denken we liever nu wat langer na, dan achteraf te denken “hadden we maar…”

Wouter had drie nieuwe ontwerpen, waarin deze keer echt met onze wensen was gerekend. Van één keuken had hij ook een prijsraming gemaakt, het ontwerp dat volgens hem het meest naar onze zin zou zijn. Haha, mis poes!
Ze hadden daar ook even compleet out of the box gedacht, en laat dat nu echt wel iets zijn wat wij kunnen waarderen 😉
Huiswerk opnieuw, maar alleen het rekenwerk, en met het origineelste plan.

Jo kreeg inkijk in het concept, en gaf er een eigen twist aan. Beiden kwamen nog een paar keer langs, of wij bij hun, of mailsgewijs.
Uiteindelijk werden er twee offertes neergelegd, kwestie van appels met appels te kunnen vergelijken. Haha, weer mis poes. De details die in de ene prijsraming stonden vonden we in de andere niet terug, en in de andere lag de nadruk dan weer op totaal andere dingen.

Jochei! Weer telefoontjes, mails, een gesprekje. We zijn er uit. Onze buur blijft onze buur. Wouter mag onze keuken bouwen.

Wat betreft de voorbereiding staan we nog even ver als begin februari: nergens 😀
De leefruimte is nog steeds leeg, er hangt nog geen likje verf aan de muur.
Het leven gaat alweer veel sneller dan ik besef, en hoewel we dit jaar pasten voor ons jaarlijkse paasdiner is er genoeg ander tijdverdrijf. Oma werd 80 en kreeg een fantastisch verrassingsfeest, mijn eindwerk komt eindelijk op gang, er is een moestuin waar de groenten tot nader order niet vanzelf in de grond springen, en een familieweekend dat nu voorbereid wordt.

Vanaf nu moeten we er echt wel aan beginnen. We weten hoeveel cm de plafonds verlaagd mogen worden, moeten de garage opruimen om een noodkeuken te installeren, en ondertussen blijven ademen. Jeah, right!

Donderdag wordt alles definitief opgemeten, en is ’t voor echt 🙂

Deze post stond al eventjes klaar, maar we vonden het toch noodzakelijk om eerst Jo in te lichten. De kans dat hij hier leest acht ik zeer klein, maar toch…

De Verbeelding Book Challenge 2017 – maart

Een voornemen van vorig jaar: een overzicht van wat ik las, met de kaft van het boek, (een stukje van) de achterflaptekst, en voorzien van een klein beetje commentaar. Wie weet inspireert het je ook, of behoedt het je voor een foute aankoop.
Maart, alstublieft.

5. Een boek waarvan er wereldwijd minstens 100.000 exemplaren werden verkocht: De geheugenman – David Baldacci (392p)

Amos Decker 1 - De geheugenman

Tot twee keer toe veranderde het leven van Amos Decker voorgoed. De eerste keer was bij een footballwedstrijd, zijn allereerste als professional. Een harde klap tegen zijn hoofd maakte een einde aan zijn carrière voordat deze goed en wel begonnen was. Maar het ongeluk had ook een bizarre complicatie: vanaf dat moment kon Decker nooit meer iets vergeten. De tweede keer was toen hij als politierechercheur thuiskwam en hij de lichamen van zijn vrouw, dochtertje en zwager vond. Vermoord. Wie de dader was, was net zo onduidelijk als het mogelijke motief. Een jaar later geeft een man zichzelf aan en legt een bekentenis af. Tegelijkertijd doet een schokkende gebeurtenis de stad op haar grondvesten schudden en wordt Decker gevraagd om de politie bij het onderzoek te assisteren. Vastbesloten om voor eens en altijd uit te zoeken wat er die nacht precies is gebeurd, zegt hij toe. Om de waarheid boven water te halen, moet hij zijn bijzondere gave gebruiken.
Een echte pageturner, die niet verveelt. Blijkbaar is het een deel van een reeks rond de Amos Decker, en waarschijnlijk komen hier in de zomer nog wel wat van die boeken mee van de bib. 

28. Een boek dat iedereen en z’n moeder al heeft gelezen, behalve jij: 
Het smelt – Lize Spit (478p)
Het smelt
In Eva’s geboortejaar worden in het kleine Vlaamse Bovenmeer slechts twee andere kinderen geboren, allebei jongens. De drie maken er hun hele jeugd samen maar het beste van, tot de puberteit aanbreekt. Opeens ontstaan er andere verhoudingen. De jongens bedenken wrede plannen en de bedeesde Eva kan hieraan meedoen of haar enige vrienden verraden. Die keuze is geen keuze. Dertien jaar na die zomer keert Eva terug naar haar geboortedorp met een blok ijs in de kofferbak. Gaandeweg wordt duidelijk dat zij dit keer de plannen bepaalt.

Tja… Ik wou het per sé gelezen hebben, en op een bepaald moment “pakt” het je dan mee. Soms wel zeer lange beschrijvingen, een beetje suggestiever had wel gemogen. Sommige gebeurtenissen hoefden voor mij niet zo in detail. Na alle publiciteit had ik er meer van verwacht.

Weer twee boeken voor de Book Challenge deze maand. Dat zijn dan 11 boeken en 3143 bladzijden die meetellen voor 2017.

In februari begon ik ook in “Kleine dagen: novelle” van Bernard Dewulf. Ondanks mijn voornemen is het niet uit geraakt… De E-reader moest terug naar de bib, en er waren alweer zoveel andere leuke titels beschikbaar. Volgende keer misschien toch eens kijken of het er als boek ligt, dan geraakt het misschien nog wel uit.

Ook gelezen: Lokvogel, van Ann Cleeves. Drie vrouwen voeren onderzoek naar de milieueffecten van een geplande steengroeve, en als er geld en tegenstrijdige belangen bij komen kijken vallen er doden. Beetje voorspelbaar, maar leuk om op het nachtkastje te hebben. Ik dacht dat ik het nog ergens kon laten meetellen in de Challenge van vorige jaren, maar ik vind zo niet direct iets waar het onder zou kunnen passen.

Op naar april!

Bron afbeeldingen en flapteksten: Bib Wetteren en Bol.com

Ook in de moestuin: lente in zicht!

Gisteren draaide ik (virtueel dan toch) terug aan Villa Steenschot. In ’t echt wandelde ik natuurlijk tot helemaal achteraan in de tuin, via moestuin en serre.

pluviometer
Het eerste wat ik tegenkom: de pluviometer. In de winter haal ik die binnen, vorig jaar stond er nog water in en vroor hij kapot. Op de drie dagen dat hij terug op zijn plekje hangt viel er één-entwintig liter water per vierkante meter. Amai m’n botten!
Duidelijk te zien: door mulchen en grond bedekt houden in de winter valt het hier eigenlijk nog mee, ondanks de redelijk zware grond. Geen dichtgeslempte modderpoelen.
Vandaag ben ik nog niet gaan kijken hoeveel het regende, maar aan de lucht te zien zijn we nog lang niet aan het eind van de bui.
Ik blijf erbij: zooooo content dat ik gisteren buiten vertoefde!

chinese en gewone bieslook

Dan kom ik aan de “extra” perceeltjes. Twee stukjes moestuin, links en rechts van het pad, die niet meedoen in het rotatieschema. Links staan vaste kruiden. Hier doen de Bieslook (vooraan) en Chinese bieslook hun best om als eerste voor een frisse groene toets te zorgen. Ook de Oerprei heeft zich uitgezaaid: naast de duimdikke stengels staan ook een aantal heel fijne sprietjes, in dezelfde grijsgroene kleur. Een verloren teentje Knoflook van vorig jaar zorgt mogelijk ook nog voor een mooi knolletje. ’t Staat zo’n vijftien centimeter boven de grond nu.

bloemenperkje, met vooral Nigella damascena

Aan de rechterzijde, vlak voor de serre ligt het bloemperkje. Allerlei zaden worden hier uitgestrooid: Goudsbloem, Klaproos, Zegekruid, Damastbloem, Kattensnor, Haverwortel,Korenbloem… Een bont geheel, vol leven. ’t Is altijd een beetje afwachten wat er verschijnt of verdwijnt, ik laat de dingen hier hun gangetje gaan. Eén ding is zeker: onze tuin zal nooit meer zonder Juffertje-in-het-groen zijn. Een fantastisch mooi bloempje, zowel wit als blauw, maar met het karakter van een echte veroveraar. Verbena bonariensis is ook zo eentje. Overal kom ik die dingetjes tegen. Waar ze echt niet kunnen blijven staan zijn ze gelukkig zeer makkelijk te verwijderen, maar waarom zou er geen blauw of wit of paars bloempje tussen de sla mogen groeien? Wij zijn hier redelijk tolerante mensen…

In ons glazen huisje dan. Zo proper, die raampjes! Twee weken geleden besloten we dat het tijd was om eens grondig met water en zeep te spelen daar, door het mos hadden we op sommige plekken een eerder lichtgroene lichtinval. Nefast voor de groei van al dat jong geweld.
Zeep? Ik hoor het u denken. Ja, zelfgemaakte. Heel simpel, heel effectief, milieuvriendelijk, goedkoop en met veel minder schuim dan die uit de winkel.
Je hebt alleen maar 50g klimopbladeren, 900 ml water en 100 ml azijn nodig.

50 gram klimopblad in de blender, met water naar behoeven (je moet vlot kunnen fijnmalen). Als het fijn genoeg is alles in een kookpot doen, de rest van het water even gebruiken om je blender uit te spoelen en dan mee in de pot gieten. Ook de azijn toevoegen, en alles even laten opkoken. Dat moet niet lang duren, je ziet het schuim zo naar boven komen in de kookpot.
Zeven, in een fles gieten en klaar.
Da’s natuurlijk niet zo’n stroperige vloeistof als die uit de winkel hé. En ze heeft een vies bruin kleurtje (dat kan je wel fris groen houden door een eetlepel natriumbicarbonaat mee in de kookpot te doen) en geen synthetisch geurtje. Een geur kan je met etherische olie toevoegen, maar voor serreruiten vind ik parfum niet echt een must ;). Deze zeep kan ook voor (donker !) wasgoed gebruikt worden, en dan is lavendelfris misschien wél gewenst?

Een goeie scheut in een emmer lauw water, en de klus was geklaard in geen tijd. Streeploos aftrekken deden we niet, de regen hing toch al in de lucht!

Sla Little gem in de serre

erwtjes en reukerwtjes

stekjes van Japanse wijnbesIn de serre plantte ik de sla uit die ik vorig jaar in november in bakken zaaide, en vervolgens een hele winter vergat. Het platgeduwde stuk daarachter is een goeie vierkante meter spinazie in wording. Hopelijk wat enthousiaster dan vorig jaar, toen moesten we feest houden met twee of drie gelukte plantjes… Helemaal bovenaan de eerste foto, aan de achterste ruit staat ook nog wat veldsla gezaaid. Ook snijsla, worteltjes en radijzen worden hier bijna dagelijks uit de grond gekeken.

Op de zaaiplank: twee trays erwtjes, één deel om op te eten, de anderen zijn reukerwten.
Voorgezaaid, jawel. Het kan ook rechtstreeks in de grond, maar dan spelen de duiven een venijnig spelletje: vanaf het moment dat ze ongeveer zo hoog staan als nu in de bakjes worden ze gewoon uit de grond gewipt. Niet om op te eten hoor, nee, gewoon het plezier van een erwt aan zijn staartje eens door de lucht te zwieren. Duivenkermis! Mij niet meer gezien, als ze een tiental centimeter hoog zijn plant ik alles uit. Aan zo’n stengels wagen de fladderbeesten zich niet meer.
Verder staan er zaaikistjes met koolsoorten, prei en zaaiajuin, nog wat soorten radijzen, en koolrabi.

In de zwarte potjes lopen vijf stekjes van Japanse wijnbes uit. Bij wijze van experiment vorig najaar opgepot, en zie! Ze hebben al allemaal een adoptiegezin gevonden 🙂

Vandaag kijk ik naar buiten, en bedenk dat mijn dagje gisteren wel zonniger was. Geen nood, ook binnen kan ik mij bezig houden met tuingedoe. Opkuis is voorlopig een nuloperatie, en alle beschikbare plooi- en andere tafels staan vol…Paprika’s aubergines en kruiden doen het goed, en ik heb me voorgenomen om niet voor half maart te beginnen aan de tomaten. Dat wordt nog moeilijk vrees ik, als het buiten zo nat blijft.

op de keukenvloer

Jullie hebben nog één stukje te goed, helemaal vanachter gebeurt er ook vanalles.