Keukenverbouwingen – 2. We weten wat we willen

Of toch al een beetje…
We weten goed welke toestellen we willen, van sommige dingen kennen we zelfs ook al een merk en type.
Er is duidelijkheid waar werkzone en leefruimte komen.
De architect gaf een duidelijke “JA” op onze vraag of de muur helemaal weg mocht (vreugdedansje).
Een spoelbak waar een ovenplaat in afgewassen kan worden, en een ruime tweede. Mét afgeronde hoekjes, strak design is mooi maar niet onderhoudsvriendelijk.
Een inductiekookplaat. Gas is supertof om op te koken, maar ik ben het afkuisen van fornuizen zo beu als kouwe pap.
Een werkblad in warmgewalst inox alstublieft. Nog nooit eerder van gehoord, maar nu ik het gezien heb: instant verliefd. Ik ben bereid om andere dingen te schrappen, maar dat wil ik. Echt.

We lieten bij twee mensen ontwerpen maken. Onze achterbuur, Jo, omdat we daar al veel keukens van zagen, bij ongeveer iedereen hier in ’t dorp die een keuken wil. Overal dezelfde commentaar: fijne mens, en alles tot in de puntjes en tot op de millimeter afgewerkt. Ook na enkele jaren intensief gebruik zijn ze nog steeds top.
Een interieurfirma die er wat ons betreft met kop en schouders bovenuit stak op de BIS-beurs mocht ook ontwerpen. Daar hadden we het voordeel van een grote toonzaal, waar alle mogelijkheden aan de hand van de opstellingen uitgelegd konden worden.

Beiden zijn vergelijkbaar, ze leveren allebei maatwerk als dat nodig en interessanter is, maar plaatsen net zo goed standaardmeubels.
Grote verwachtingen natuurlijk, als je de voorontwerpen mag gaan bespreken.
Achterbuurman kent ons huis, kwam in onze keuken zitten, kijken en plannen. Op dat moment was er nog geen consensus over een grote oven (90 cm breed) of niet, moeilijk om concreet te tekenen dus. Een kast van 90 cm waar een XL toestel in past is nogal dominant, merkten we.

Terug naar de andere partij, die drie plannetjes had, waar telkens onze grootste eis over het hoofd gezien was: wij willen naar buiten kunnen kijken als we werken. Werken gebeurt meestal aan een werkblad, of aan een spoelbak, iets minder aan een kookplaat.
Hadden ze toch wel weer elke werkzone dwars op het uitzicht naar buiten georiënteerd zeker!?
Huiswerk herdoen, we gaven ondertussen een paar dingen mee die nu voor ons een must zijn, en wachten in spanning tot 20 februari. Dan komt er een uitgewerkt plan (mét prijsofferte) onze kant op.

Gisteren zaten we opnieuw bij Jo, die ons vorig schetsje en onze mail netjes naast zich had liggen, en samen met ons het puzzeltje deed passen. Een paar krabbels later hadden we drie mogelijkheden qua opstelling, die in de loop van deze week uitgewerkt zullen worden.
Na 20 februari beslissen we met wie we in zee gaan, en welke utopiën we aan de hand van het prijskaartje zullen schrappen of toch uitvoeren. Spannend!

Voor beiden is zomer 2017 nog haalbaar.
Daarom deden we deze week met de jongens niet van “Kuis je huis”, maar eerder van ruim een hele woonruimte leeg om voorbereidingen te kunnen treffen.
Heel onze benedenverdieping is nog nooit geverfd, behangen of wat dan ook. Niet ideaal natuurlijk om daaraan te beginnen als er een nagelnieuwe keuken geplaçeerd is. Nee, stof eten moet op voorhand gebeuren.

Kasten werden gedemonteerd en elders weer opgebouwd, er werd een hele zak voor de kringwinkel klaargezet, en ons bureau is in plaats van smijt-maar-daar plek nu netjes ingedeeld in een stuk jongensdressing en een stuk werkruimte.

Een plafond uitvullen en opschuren (x3), of toch verlagen wegens te grote barsten, muren egaliseren, vliesbehang en grondlagen verf: allemaal voor de komende weken. Eerst moeten we nog grote kaders met plastiek maken om de ruimten toch min of meer af te sluiten, en dan beginnen we er aan.
Jeuj, contenter dan een kind dat op Sinterklaas wacht, ikke.

Als afsluiter van de dag staken we de voetjes onder tafel in een fantastisch tapas-restaurant. Samen met Moeke en  Vake, die dat als nieuwjaarscadeau van hun petekinderen veel meer kunnen waarderen dan een zoveelste overbodig paar kousen of setje zakdoeken. Lekker en gezellig, meer moet dat niet zijn.

 

De Verbeelding Book Challenge 2017 – januari

Een voornemen van vorig jaar: een overzicht van wat ik las, met de kaft van het boek, (een stukje van) de achterflaptekst, en voorzien van een klein beetje commentaar. Wie weet inspireert het je ook, of behoedt het je voor een foute aankoop.
Januari, alstublieft.

3. Een boek geschreven door meerdere auteurs: Drift – Luc Deflo en Sormaria Marchan (229p)

Drift

In de Hasseltse kanaalkom komt een verhakkeld lijk bovendrijven. Masha Kirilenko en de rest van het team staan voor een raadsel. In Hasselt loopt een gestoorde gek rond en de flikken slagen er zelfs niet in om het slachtoffer te identificeren. Als bovendien ervaren rot Felix Debie moet afhaken wegens persoonlijke beslommeringen, ziet Masha geen andere oplossing meer dan raad te vragen aan Joris Bokstael, ooit een gerenommeerd profiler, maar aan lager wal geraakt wegens een teveel aan testosteron. Masha vindt hem in… de gevangenis.
Ik las al eerder boeken van Deflo, en vond ze altijd wel een leuk tussendoortje, maar zou nu begot niet meer kunnen zeggen welke ik al las en waarover ze nu ook weer gingen…
Deze schreef hij samen met zijn vrouw, en pakt mee vanaf de eerste bladzijde. Het verhaal flitst van hier naar daar, en ook deze was snel uit.  Een eerder boek over Masha Kirilenko schreef Deflo samen met Aloka Liefrink. Vermoedelijk haal ik het ook nog in de bib, het leest vlot, maar ik vrees dat ook hier de verhalen nogal op mekaar lijken, en ik geen finesses zal onthouden.

4. Een boek geschreven door iemand die jonger is dan jou: Mevrouw Verona daalt de heuvel af – Dimitri Verhulst (112p)

Mevrouw Verona daalt de heuvel af

Op een gure winterdag daalt Mevrouw Verona de heuvel van Oucwègne af, in de wetenschap dat de terugtocht voor haar fysiek niet meer haalbaar is. In het dal gaat ze bij de rivier zitten, in afwachting van haar laatste moment, aan haar voeten een trouwe hond.
Het verhaal op zich is zeer mooi, maar voor mij kwam het té “bewerkt” over. Het lijkt wel of het verhaal geschreven werd, en daarna tien of meer keer herlezen en herwerkt met als enige doel om er zo veel mogelijk gekunstelde woorden in te proppen. Soms moest ik echt mijn aandacht te veel bij het boek houden om er echt van te kunnen genieten. Ik las al eerder boeken van Verhulst, ’t is de eerste keer dat mij dat opvalt.

10. Een boek met een titel die bestaat uit één woord: Cécile – Ish Ait Hamou (368p)

Cecile

Djibril is elf en droomt van de wereld buiten zijn kleine dorp in het diepe zuiden van Marokko. Door zijn nieuwsgierigheid en zijn kinderlijk enthousiasme krijgt zijn leven een onverwachte wending. Het enige wat Djibril nog verbindt met zijn zonovergoten geboorteplaats zijn de kleren die hij droeg en een verhakkelde foto die toebehoorde aan zijn oudere broer Kareem. Een onduidelijke krabbel op die foto leidt hem naar een adres in Parijs, waar hij kennismaakt met de jonge vrouw Cécile. Hoe meer hij Cécile bezoekt, hoe meer Djibril verwikkeld raakt in haar duistere kwellingen.

Mag mijn oordeel ook uit één woord bestaan? Ooooooooooooooh!
Da’s zo’n boek dat je ruikt, proeft, voelt, helemaal mee beleeft. Prachtig.

11. Een boek met een kleur in de titel : Nachtblauw – Simone van der Vlugt (304p)

Nachtblauw

 Na de dood van haar man wordt Catrijn huishoudster bij de familie Van Nulandt. Ze is er op haar plek en kan de vrouw des huizes ondersteunen tijdens haar schilderlessen.
Catrijns verleden achtervolgt haar echter en ze moet op zoek naar een andere betrekking. Ze komt terecht bij Evert van Nulandt in zijn plateelfabriek in Delft, waar haar schildertalent op waarde wordt geschat.
Er breken woelige tijden aan. Catrijn overleeft in 1654 de Delftse donderslag die de binnenstad in puin legt ternauwernood en daarna staat ze voor een levensbepalende keuze tussen haar hart en haar hoofd. Wacht ze op haar grote liefde, die voor jaren de zee op gaat, of kiest ze voor de man die haar zekerheid kan bieden?
Simone van der Vlugt verweeft het meeslepende verhaal van Catrijn met een intrigerende periode uit de Nederlandse geschiedenis: de Gouden Eeuw, waarin handel, wetenschap en kunsten een enorme vlucht namen.
Ik kan een boek met een mooie kaft onmogelijk laten staan…de kleur van het kleed deed het.  Een meeslepende roman over de ontstaansgeschiedenis van Delfts blauw. Op twee avonden was hij uit (ik moet misschien wel even zeggen dat ik heel graag historische romans lees…en meermaals mijn nachtrust niet zo belangrijk vind). Het boek deed mij een beetje denken aan “Het meisje met de parel” van Tracy Chevalier. Schilder Johannes Vermeer komt er ook in voor, het gaat over dezelfde tijdsperiode.

 14. Een non-fictie boek: Eet als een expert – Jolien Klamer, José van Riele, Liesbeth Smit, Gaby Herweijer  (176p)

Eet als een expert

Over voedselhypes en wat je daarvan mag geloven.  In het boek leggen de auteurs op een toegankelijke wijze uit hoe voedingswetenschap werkt (en wanneer het niet werkt) en geven ze praktische adviezen over voeding. Met handige weekschema’s en smakelijke recepten van ontbijt tot diner.
Een heerlijk no-nonsense book, dat ik als onverwacht cadeautje kreeg op oudejaarsavond, en waar na twee dagen al grondig in gegrasduind was. Ondertussen nam ik het dikwijls vast, en is het zeker al meerdere keren helemaal uitgelezen. In stukjes, want daar leent het zich uitstekend voor. Een absolute aanrader!
De auteurs zijn 4 dames die ook meewerken aan de website I am a foodie.

19. Een boek waarin meerdere generaties van één familie aan bod komen: Wat voorafging – Diane Broeckhoven (240p)
Wat voorafging

Berthe Moreels (1919-2014) wilde eigenlijk geen kinderen. Haar huwelijk met Jan Broeckhoven bracht evenwel een verbintenis van meer dan zestig jaar, twee dochters en een zoon met zich. Kind nummer één, een dochter, was bijzonder omdat het haar tot moeder maakte. Kind nummer drie, eerste en enige zoon, was haar afgod. Daar tussenin zat kind nummer twee, alweer een dochter en de nagel aan haar doodskist. Diane werkte vanaf het prille begin op moeders zenuwen en kreeg een hele reeks bijnamen, met Mater Dolorosa als een van de opmerkelijkste. Het verlangen naar liefde van deze dochter en de afwijzing van de moeder liepen een leven lang parallel.
Waw. Wat een boek. Diane Broeckhoven schrijft het zonder sentimenteel te zijn, zonder medelijden te vragen. Mooie taal, een vleugje humor, maar het gaat recht naar het moederhart. In dit autobiografisch verhaal werd ik ook terug in de tijd gevoerd: het speelt zich af in de buurt waar ik opgroeide, en ook wij noemden Antwerpen “de koekenstad”, hoewel ik tot op vandaag niet weet waar die benaming vandaan komt. Iemand?
Een boek dat nog dikwijls door mijn gedachten zal gaan, en verplichte lectuur mag zijn voor elke moeder (of vader, dat spreekt).

24. Een boek uit de bibliotheek: De hondenman – Toni Coppers (304p)De hondenman

Een vrouw wordt gevonden in het Galgenweel, het uitgestrekte zeilmeer op de Antwerpse Linkeroever. Ze is gewurgd en misbruikt. De zaak wordt nog gruwelijker wanneer de politie ontdekt dat haar hart koelbloedig is verwijderd. Vergelijkbare misdaden duiken op in Spanje en Duitsland. De moordenaar lijkt ongrijpbaar. Het enige wat hij telkens achterlaat is een sneeuwwitte veer die geheimzinnig naast het lichaam ligt.
Leuk tussendoortje, ik lees wel graag een thriller. Bij dit boek kregen de personages gezichten, omdat er een reeks liep op tv, met Hilde De Baerdemaeker in de rol van Liese.
De relatie tussen de personages wordt in de verhalen ook verder uitgediept, waardoor het wel leuker is om de “juiste” volgorde te respecteren, al kan elk verhaal perfect op zichzelf gelezen worden.
Staat hier als “boek uit de bibliotheek”, maar eigenlijk komen bijna al mijn boeken uit de bib.

Tot hiertoe zijn dat 7 boeken, goed voor 1744 pagina’s en ettelijke uren gemiste nachtrust 🙂

Verder begon ik ook in “Er gebeurde dit, er gebeurde dat”, van Kristien Hemmerechts. Een bundeling van autobiografische verhalen. Sommigen lezen als een trein, voor anderen moet ik mezelf dan weer wat forceren. Ik weet nog niet of ik het helemaal uit zal lezen, en  nog minder of het voor de Challenge in aanmerking komt. Misschien past het wel bij één van de niet-indevulde puntjes van edities 2015 of 2016.
Op mijn nachtkastje ligt “Heilzame kruidenrecepten van Broeder Guy”, een boekje dat geschreven werd door Guy van Leemput, broeder in de abdij van Postel. Vooral veel basisrecepten voor tincturen staan er in, handig om de verhoudingen kruiden/alcohol/alcoholpercentage op te zoeken, maar elke keer met dezelfde theoretische uitleg er bij. Zo krijg je natuurlijk heel snel je bladzijden vol…
Op de e-reader ben ik bezig in een tweede Coppers, In naam van de vader, en ondertussen halfweg. Ontknoping voorzien deze nacht 🙂

Bron afbeeldingen en flapteksten: Bib Wetteren en Bol.com

 

 

Vrijdag de dertiende

Ik geloof daar niet in, en dacht dat mijn geboortedag (zondag de dertiende) dat altijd genoeg zou compenseren.

Tot vandaag. Jongste thuis van school, mankend: drie tenen verstuikt in de turnles.
’t Viel nogal mee, geen reden tot bijgeloof.

Beetje later op de avond telefoon van tweede, dat derde met een kap in zijn hoofd en helemaal onder ’t bloed op de info-avond van de CM zat. Monitoren in spé. Zoon drie groggy, op het moment dat zoon twee net aan zijn presentatie moest beginnen.
Enfin, ik heb nen helen avond ge-appt (ah ja, nieuwe smartphone, dat ding kan dat!) met de echtgenoot die met zoon drie op spoed zat, en met zoon twee die op een andere manier thuis moest geraken. Eenzaam in de zetel, arme ik 😉

Zoon drie heeft nu 6 nietjes in zijn hoofd, en weet dat de Martelaarslaan zijn naam niet gestolen heeft. Donker, dichtbijpasserende auto’s, voetganger zijnde en werken in uitvoer: een droomscenario voor deze dag.

Gelukkig is oudste tijdens het gamen niet van zijn bureaustoel gevallen, anders zou ik beginnen twijfelen!

Toeval zeker? Toch?

Al een hele week 2017!

Vooreerst: een gelukkig nieuwjaar!
Ik weet niet wat dat voor ieder van jullie betekent, maar ik heb één suggestie. Droom.

Een paar dromen wemelen hier onder mijn vel, als de tijd er is vertel ik er misschien wel wat meer over.

Verder gaat alles hier zijn gangetje, precies zoals dat altijd de eerste week van januari gaat. Na een gezellig feestje is de eerste dag van ’t jaar er eentje van hangen en rondsloffen, en ’s avonds van de resten gourmetgroenten een lekkere soep maken. De vleesjes worden in één grote pan gebakken, en ieder kiest wat hij wil.

De dag daarna kreeg ik last van dadendrang. Zoiets van “genoeg gesuft, ik wil iets doen”. We sliepen een klein gaatje in de dag, en boomhut slopen was geen optie meer. Tegen dat we goed en wel bezig zouden zijn zou de zon alweer zakken. Uitgesteld, tot nader order.

Diepvrieskuis! Jochei (not!). Jongste was secretaris en noteerde nauwgezet wat we allemaal aan ingevroren goederen bijeenspaarden. Man ontruimde de kist en droeg alles in manden naar buiten, lekker koud, en ik waste af en waste uit. Snel gepiept, en nadien werd alles overzichtelijk weer teruggestopt.

Aan de hand van de inventaris werd ons eerste weekmenu opgesteld, met als thema “maak plaats”. Leutig, zo een kleurprentje, getekend door Mme Zsazsa. Er is zelfs een hele facebookgroep om inspiratie op te doen. Deze week is het geweldig goed gelukt (ja, ook het kleuren 🙂 ), maar aangezien we niet van goeie voornemens doen weet ik niet of het een blijvertje is. Gemakkelijk, dat wel. Niet meer de dagelijkse “vraag”.

Solden scoren, moest ook gebeuren. Moest, want schoenen en broeken en een jas voor jongens die er uit groeien terwijl ik er naar kijk, daar krijgt de portemonnee anorexia van.
De twee oudsten waren al gaan kijken in de tweedehandswinkel, maar je moet daar wel wat geluk hebben. Deze keer was de buit bescheiden.

De dag daarna op schok met Moeke in Antwerpen. Voor de jongens. Als ze weer op de schoolbanken zitten maken wij er met ons tweetjes nog eens een gezellig dagje voor ons van, want eerlijk, lingerie passen met drie zonen mee, daar begin ik niet aan!
Iedereen was tevreden.

Woensdag was een rondrijdag voor man en de twee oudsten, donderdag en vrijdag was het hier wat stiller, zoon twee was naar zee met wat vrienden. ’t Deed deugd, de jongen heeft een beetje last van zijn hormonen, en dat kan voor onverwachte uitbarstingen zorgen. De zeewind kon eens goed tussen zijn oren blazen…

Gisteren mocht hij nog mee om schoenen, en gezien mijn oude gsm er nu echt wel de brui aan gegeven heeft zet ik mijn eerste stappen in smartphoneland. Met een abonnement zonder internet! Lukt perfect, ik kan nog steeds bellen en berichten sturen. Ook veel meer, waar ik waarschijnlijk nooit toe kom wegens veel te weinig interesse in het medium.

Tegen ’t avondeten was iedereen thuis, en nadien ploften we in de zetel voor een paar films. Eéntje met, en eentje zonder de boys. De bedoeling was dat ze toch wel weer een beetje een normaal ritme zouden hebben, maar helaas…pindakaas.

Typisch voor deze week: bioritme compleet om zeep. Gaan slapen tussen twee en drie is een gewoonte geworden. Dat zal heel hard pikken maandag!
De katten hebben het er ook van genomen. Baasjes laat op, dat betekent voor die twee ook dat ze heel lang binnen mogen liggen.

Deze middag was de werking van de zilte zeelucht al weer helemaal over (of de nood aan nicotine zeer hoog, dat kan ook) en blafte zoon twee zich een weg naar de scouts. Ik hoop dat hij de welpjes waar hij vandaag leiding bij speelt een beetje vriendelijker behandelt dan ons.
Wij ruimen ons slagveld op: strijken, kleren in de kasten, verloren gewaaide cadeaupapiertjes weg, de maakboom en zijn versiersels een jaartje in de berging. Zonen worden aangemaand om minstens één goed voornemen ten uitvoer te brengen: boekentas op voorhand klaar.

Morgen begint de ratrace weer, en tegelijkertijd de rust.
2017 is gelanceerd.

 

Nog ééntje

Voila, het bestekzakje voor metekindje hangt aan de koelkast. Af.
Volgens mij zou ik nu beter wat beginnen knutselen met voedingswaren, als ik morgen mijn deadline wil halen…

kinderversie bestekzakje
Geniet van een warme en gezellige Kerst!

Zonen en knutselen, en hoe dat plaatje veranderde

Knutselen met mijn kinderen, in mijn hoofd was dat dé ideale bezigheid voor druilerige vakantiedagen. De tijd zou passeren, we zouden lieflijk met z’n allen om de keukentafel geschaard zitten, en tegen de tijd dat we wel een warme chocomelk zouden lusten zouden we enkele prachtige creaties rijker zijn.
Ahem. Iedereen die nog geen knutselende kinderen heeft en zijn droom niet uiteen wil zien spatten: hier stoppen met lezen.

De realiteit is dat mijn zonen toen ze klein waren en het regende veel te veel energie hadden. Ze plakten mekaar aan tafel, waren bodypainters nog voor ze het woord konden uitspreken, en gingen met de scharen eerder mekaars kapsel en kleren creatief te lijf dan dat ze papier knipten.

Wij deden na enkele pogingen liever van regendans en modderwandeling, dan nog zo’n stressnamiddag. De chocomelk smaakt trouwens beter als je koud en nat geweest bent.

Zo komt het dat ik hier nu een veel te grote massa knutselgerief heb staan. Elke keer dacht ik iets in de stijl van “dit zullen ze wél tof vinden”, of “daar hebben ze niet echt fijne motoriek voor nodig”. Geen doen aan, niks te knutselen.

Wel, ik doe dat wel graag. ZONDER kinderen. Ze mogen zelfs niet in de buurt zijn.

Ik hield mij vandaag in stilte – ’t wordt een gewoonte – bezig met allerlei zolderschatten, en maakte al een eerste stukje tafeldecoratie voor Kerstmis.

Ik zal het stap voor stap laten zien, wie weet krijgt ge ook nog goesting.

Uit de knutselbak van mijne meneer haalde ik een vlak blokje hout.
Van het internet een tekening, die ik twee keer afdrukte en opkleefde. Eén keer op het blokje, één keer op een velletje schuimrubber.

geknipt en geplakt
Het schuimrubberen exemplaar kon ik op die manier perfect uitknippen, en dan de stukjes op het tekeningetje op het houten blokje kleven. Zijt ge nog mee?

zelfgemaakte stempel
Voila, mijn eerste zelfgemaakte stempel.

In mijn herboristenkast zitten bruine papieren zakjes, in twee formaten. De kleinste soort is ideaal.

gestempeld op kraftzakje
Stempeltje er op (de kleur maakt niet veel uit, je ziet dat achteraf toch niet meer).

stipjes om recht te stempelen

Om elke keer op gelijke hoogte te stempelen zette ik twee stipjes op het blokje. Die komen gelijk met de onderkant van het papieren zakje (of toch zo ongeveer).

potje emboss-poeder
Daarna rijkelijk bestrooien met emboss-poeder.

royaal bestrooien met emboss-poeder
Dat fijne poeder blijft kleven aan de stempelinkt.

overtollig poeder aftikken

Aftikken, en uiteraard het teveel aan poeder opvangen. Ik doe dat meestal op een stuk papier, maak daar dan een vouw in en giet alles achteraf terug in het potje.
Kijk even na: als er stukjes van je stempel niet genoeg bedekt zijn strooi je er terug wat poeder over, en dan weer aftikken.

loodgrijs poeder boven broodrooster
zilver
Verwarmen boven de broodrooster, en wachten op de magie: van saai loodgrijs zie je opeens het poeder veranderen in een zilveren tekening. Blijkbaar kan dat ook in de oven, maar dat probeerde ik nog niet. In onze oude gasoven zou dat ook veel te veel enegie vreten.

laten afkoelen
Even laten afkoelen, zodat het niet meer plakkerig is, en dan afwerken.

bestekzakje

Ik wil deze zakjes als bestekzakje gebruiken, dus knipte ik een stuk van de voorzijde af. Servietje er in, bestek er bij, en klaar. Zo simpel dat ik er ineens genoeg maakte om op ons familiefeest , tussen Kerst en Nieuwjaar, te gebruiken. Misschien wil schoonzusje er nog wel namen op handletteren.

Eat this papierwinkels! Mijn zakjes zijn veel toffer dan die die jullie verkopen. Al zeg ik het zelf. 😀

Het oorspronkelijke idee dat ik had (zoek eens op: papierfiligraan) bleek toch wat teveel werk te zijn om nog twaalf keer klaar te spelen. Misschien krijgt metekindje wel een exclusief ander bestekzakje, wie weet. In dat geval krijgen jullie ook nog een fotootje.

Kort maar krachtig

De kortste dag van ’t jaar vandaag. Amai, ’t was me er eentje.

Zoon twee had het niet gezegd, maar hij was aan ’t stressen elke keer als de telefoon ging. Blijkbaar was het vandaag deliberatie van zijn klas, en de daarbijhorende telefoons naar de ouders, in geval van slechte prestaties. Niks gehoord, oef.

We kregen wel een ander telefoontje. Schoonzusje weet bevestigd wat zij al vermoedde. Niet zomaar knieproblemen, maar een gebroken bovenbeen. Morgen operatie.
Allemaal duimen in de lucht, of een kaarske branden hé?

Dat bericht kwam terwijl man en twee zonen buiten waterspelletjes deden. ’t Is de tijd van ’t jaar daar niet voor, ik hoor het u wel denken. Toch wel: kerstavond is in aantocht, en onze tuintafel is na de zomer nog niet binnen geraakt. Met een beetje gasten in huis kunnen we die niet missen. Mos, modder en vuiligheidjes werden vakkundig verwijderd door de helft van het gezin (en uiteindelijk toch geen foto, sorry F.)  Ik stond vanuit een warme keuken te genieten van mijn jong en iets minder jong geweld.
Nadien mochten ze allemaal een warm douchke nemen, met spons en kuisproduct mee (ja, wij hebben drie douches). Tegen oudejaarsavond moet ons tijdelijk hotel weer een beetje proper zijn, en dat moet niet altijd op 30 december pas in orde gemaakt worden.
Oudste mestte de CD-kast zeer grondig uit, jongste was knecht-voor-alle-werk en mocht ook mee de bestelling bruisballen helpen maken.

Slavernij? Nee hoor. Kuis-je-huis, een maandelijks dagje klussen met z’n allen, waar we nadien een beloning aan vasthangen. Iets gaan drinken, een film, een uitstapje… Dit was de derde keer dat er zo’n dag op het programma stond, en het liep ook nu weer gesmeerd.
Van de hele lijst werkjes kiest elk wat hem ligt, en op het eind van de dag kan er heel veel afgevinkt worden.
Geen feestenstress: het huis is netjes, morgen en overmorgen hebben we nog een zee van tijd om cadeautjes te gaan halen, tussendoor een examen te gaan maken, wat oudercontacten mee te pikken en naar de finale van De Slimste Mens te kijken. Opgenomen weliswaar, dus ik moet er aan denken om na de avondschool de radio niet op te zetten in de auto. Vorig jaar was dat hét hoofdpunt in het nieuws van 22u, en ik wil het nu zelf bekijken en in spanning zitten tot de laatste seconde. Komaan Olga! Go for it!

De kortste dag zit er op. Hij is voorbijgevlogen, en ik vind dat niet erg. Ik mis het zomeruur, ik hou niet van dat grijze druilgedoe, ik kijk reikhalzend uit naar de lente. (nu ook wel naar mijn bed. Zo’n korte dagen, ze moesten dat verbieden. 😉 )