Tagarchief: creatief

Recyclage-ideetjes

Low-budget tuingerief dus.

Een tip: als je weer eens vindt (zoals dat nu eenmaal kan gaan) dat je dringend iets moet gaan halen in één of andere winkel, omdat dat het werk in de tuin nu eenmaal zou kunnen vergemakkelijken, ga dan gewoon naar die winkel! Zonder portemonnee ;). En kijk eens wat je zou moeten betalen voor je o-zo-onmisbaar stuk alaam. Ga terug naar huis, bekom efkes (wit wijntje?) en zet dan het creatieve stuk van uw hersens aan het werk. Geen nood als dat niet zo vlot gaat, er bestaat het internet. Google en Pinterest zijn uw vrienden (maar zoals ik al eerder vermeldde, alles durft er daar wel eens beter uitzien dan dat het ooit zal worden). Bij de meeste tuinbloggers die ik volg krijg je ook heel wat tips. Menck heeft er een pracht van een rubriek van gemaakt die hier al voor veel inspiratie zorgde.

Nog een tip: kijk eens wat verder dan uw neus lang is. Ooit op een plantenkwekerij geweest? Je moet eens bij het afval kijken, wat daar aan p5, p9 en weet ik welke p nog aan potjes bijeen ligt, ’t is niet te doen. Meestal volstaat een vraag, en kan je een hoop potjes meenemen om je zaailingskes in te verspenen.

Zaailingskes? Uit van die mooie zaaibakskes? Ja, ik heb er een paar. Ook zelfgemaakte: de meeste grootwarenhuisverpakkingen zijn gedroomde zaaikistjes. Mits hier en daar een gaatje bij te prikken in de bodem zijn gourmetschoteltjes , champignonbakjes (met doorschijnend dekseltje wordt dat een mini-serre), wijnkistjes ed ideaal om in te zaaien. Sinds zoon 3 naar een school gaat waar ze planten kweken krijgt hij af en toe iets mee naar huis. Afgeschreven voor daar, maar prima geschikt!

zaailingen in gourmet-bakje

Zaailingen willen nogal eens op mekaar lijken, dus plantenlabels moeten er zeker bij. Ja, hier liggen er ook van die gele plastiek dingen. Jammer genoeg te weinig, en de ervaring leert dat ik dat beter écht wel in elk potje steek. Ik ging er van uit dat ik wel zou onthouden hoeveel potjes van elke rij er bij een bepaald etiket zouden horen, maar dat is dus niet het geval. Elke tuin heeft wel hier of daar enkele planten die gesnoeid moeten worden, en waarvan je de takjes kan recupereren.  Potlood of alcoholstift, en voila, schoon hé. Ook de bamboestokjes van brochettes voldoen hier prima voor.

plantenlabels

Boompalen zijn hier gewoon stevige takken, schuin in de grond geklopt, tegen de overheersende windrichting in. Hugo vroeg ons of we sterke bomen of mooie palen wilden. Eén paal gedurende één jaar volstaat volgens hem. Twee palen is voor rijke mensen, en drie voor de gemeente 😀 Omdat wij een takkenwal aan keuze hadden werden het hulststammetjes, die ondertussen al terug liggen. Plicht volbracht.

Bij de buren staan – weggestopt achter hun tuinhuis, en dus pal in ons zicht – soms wel interessante dingen. Een chapenet dat na de werken blijft liggen, weinig kans dat dat ooit nog van achter dat tuinhuis uitgehaald wordt. Maar met wat balkjes is daar wel een pracht van een klimrek voor erwtjes van te maken.

Een tuinhuis dat voor een groter exemplaar moest wijken werd mits wat aanpassingen onze eigenste “Villa Kakelbont”, de legresidentie van onze kippen. Na een jaar of 10 (merkte ik bij het zoeken naar een foto)  is ze nu echt aan vervanging toe. Onbewoonbaar verklaard wegens instortingsgevaar en vochtproblemen. De sloop is al aan de gang, we willen geen belasting op leegstand en verkrotting betalen. De betonnen speelbuizen krijgen hier een nieuwe bestemming.

villa kakelbont

Nog voor beestjes: een bijenhotel. Samenraapsel van een verdwaalde baksteen, wat snoeiafval, bamboestokjes die er al jaren liggen, en een houten wijnkistje uit de Colruyt (altijd mooi vragen daar, anders wordt de wijnverantwoordelijke naar de kassa geroepen).

insectenhotel

Ons materiaalhokje is ook een gerecupereerd tuinhuis. De buren hadden het niet meer nodig, aanpassingen waren niet nodig, dus dat was zeer snel gefikst.

berghokje

Een tafel om te zaaien en te verpotten stond ook op mijn verlanglijstje. Met wat paletten werd ijverig geknutseld, en nu heb ik een zaaitafeltje waar ofwel potjes en bakjes in staan, of waar we een restje worteldoek kunnen inleggen en dan vullen met grond, al naargelang de behoefte. Vorig jaar werden daar de slaplantjes in gezaaid, en toen die groot genoeg waren verhuisden ze naar de moestuin.

zaaitafel

Van een omgekeerde grotere palet – met stevige zijsteunen – en wat gerecupereerde houten terrasplaten maakten we nog een werktafel. Ideaal om bloempotten en bakken te vullen, en handig om een tasje koffie op te zetten. Een vriend-achterbuur is aannemer, dus een redelijk betrouwbare leverancier van paletten. De houten terrastegels zijn ook al aan hun derde of vierde leven. Ooit waren ze inderdaad een voorlopig stukje terras, maar dat hout gecombineerd met blote voeten was een zeer splinterige ervaring.

Toen ouders van schoolkameraadjes hun oprit wilden vervangen door een groot, mooi (!?) klinkerexemplaar en vonden dat het toch wel een gigantisch werk was om de oude oprit uit te breken en naar het containerpark te brengen, toonden wij ons van onze hulpvaardigste kant. Ooit komt er misschien iets anders, maar ondertussen hebben we een terras en een moestuinpaadje voor de prijs van wat stabilisé en boordstenen. Enneuh, ja, als we werken aan het ene durft de rest er al wel eens wat rommeliger bij liggen 😉

moestuinpad

Ik kan daar ongeloofelijk content mee zijn, met zo’n dingen. Buiten de financiële kant is het gewoon plezant om te kijken waar je “afdankertjes” nog allemaal kan voor gebruiken. Het resultaat geeft altijd nét dat beetje meer voldoening dan de kant- en klaar oplossing uit de winkel.
Wel fijn natuurlijk dat meneer des huizes ook wat creativiteit en handigheid in huis heeft. Als we op voorhand afspreken wie “handjes” is, en wie “brains” dan lukt alles. Een goed team, al zeg ik het zelf!

Advertenties

Maakboom

Nog nooit van gehoord? Wel, ik ook niet. Tot enkele dagen geleden. Madam uit de kempen had een stukje gepleegd, en ik lees daar al eens graag. In dat stukje zat een linkje naar een andere blog, en daar stond alles over de maakboom.

Een uitdaging! Een creatieve dan nog wel! Yes, ik doe mee. Voor iedereen die de échte kerstboom een warm hart toedraagt: ik ook. Maar…
* er is de allergie. Zoon twee, Moeke en ikzelf tranen en snotteren dat het een lieve lust is zolang de naaldboom binnenstaat.
* er is elk jaar opnieuw het voornemen om de boom genoeg water te geven, maar elk jaar opnieuw wordt dat vergeten. Er regenen dus een massa naalden naar beneden.
* er is elk jaar na de feestenperiode het gevoel dat het genoeg geweest is. Organiseren, koken, huis ombouwen tot B&B voor klein en groot, en dan heb ik geen massa’s naalden nodig, en na tien keer stofzuigen en dweilen nog altijd naalden. Nee, ik overdrijf niet. Nooit. 😉
* er was vorig jaar al de vraag of we nep of echt zouden zetten. En het jaar dààrvoor. En daarvoor. Maar die plastiekdinges zijn ofwel niet mooi, ofwel verschrikkelijk duur voor de tijd dat ze uit de kelder mogen komen.
* er is al enkele jaren de fantastisch mooie nepboom bij Noma. En zoiets wil ik ook, maar dan zelfgemaakt. Ik wilde hem laten zien, maar er is blijkbaar geen enkele nieuwjaarsbrieven-foto waar hij mee op staat.

Alles begint hier altijd met een strak plan. Er moesten dus wilgentenen gevonden worden, liefst niet te dik, en een beetje extra inspiratie. De wilgen in het bos van de tofste onthaalmoeder van de streek mochten wat bijgeknipt worden, dus man des huizes en ikzelf trokken gewapend met snoeischaar, zaagske en ladder naar “den bos”.

Met twee bussels takken kwamen we weer thuis, en dan snuisterde ik wat op Pinterest. Gevaarlijk, want zoals iedereen weet ziet alles daar er veel mooier en simpeler te maken uit dan in ’t echt.

Plank gezocht, cirkel getekend, gaten in geboord (waar ik de structuurtakken dan stevig in kan vastzetten) en al wat dikke takken van hun zijtwijgen ontdaan. Daarna was het donker, en moest er dus vanalles binnen gedaan worden. Ah ja, mijn kroost wil ook eten, er was “Eigen Kweek”, en dan een bad, nog wat boek en bed.

Vandaag dus de rest van het verhaaltje. Weven met wilgentakken valt al bij al nog mee.  Na een uurtje was een koffietje aan de orde, uit een grote tas, waar mijn verkleumde vingers weer wat gevoel kregen.
In de namiddag deed ik nog wat verder, en de jongens staken hun duimen omhoog, lachten lief van achter de ramen en verzekerden mij dat het mooi was.
Toen had ik eigenlijk al nattigheid moeten voelen. De koude douche kwam een paar uur later, toen man des huizes vroeg hoe groot die mand voor de luchtballon moest worden…

Kijk, ik deed mijn best.
Ik voorzie een hoop zakdoeken, neus- en oogdruppels, ik koop één van de jongens om om te stofzuigen na de feestdagen en bombardeer een andere tot verantwoordelijke van de waterhuishouding. Man, zoekt u ne schonen boom en brengt’em mee. En stop met lachen met mijn creatie!
Nee, een foto krijgen jullie niet. Ge zou te veel leute hebben!