Tagarchief: slakken

Nog eens over de tuin

Vorig weekend, en het stuk week tot nu toe: tuin!

Enig achterstallig zaaiwerk werd uitgevoerd. Een mens kan geen courgetten verwachten als die zaden niet in een potje met grond geraken niwaar?

Hoopjes maken met zadenzakjes per bestemming, takken van de takkenwal gaan halen om plantenlabels van te maken, ecoslakkenkorrels en knolselderplantjes kopen bij de plaatselijke middenstand, en met veel meer dan gepland thuiskomen.

Eerst een plan: wat moet er nog gezaaid of geplant worden, waar, en hoe dringend?
Zalig, onder de notelaar op een dekentje een beetje liggen doen alsof je goed bezig bent. Ha! Poes kwam er gezellig bijliggen, en de zon schoof richting avond.

Alle gekocht plantgoed geraakte voor het onweer op zijn bestemming. De berg in het midden wordt voor een deel vast kruidenperk, andere stukken zijn “experimenteerruimte” voor éénjarigen, of zaaibed voor probeersels waar ik niet echt van weet bij welke andere planten ze passen. Er is nu nog niet veel te zien, maar dat komt wel.

berg met kruiden

We zijn al enkele dagen echt aan zwaar geknetter ontsnapt: op de onweersradar zag je de intense zones eerst pal over ons passeren, en na een keer refreshen was het gevaar geweken. Zo heb ik het graag, ik hou niet van spektakel in de lucht.
Op veilige afstand wel, niks prachtiger dan bliksems tegen een paarsblauwe lucht, maar als het nadert zit ik (echt waar!) constant te tellen hoe ver het gevaar nog is.

donderwolken

Ook het blaadjesperk in de moestuin werd helemaal opnieuw gezaaid, slakken werden handmatig (jekkes!) en met ecokorrels verder bestreden, en na drie dagen zie ik al fijne groene lijntjes. Het werkt dus echt wel, die oorlogvoering.

eindelijk sla
Ook de viooltjes varen er wel bij: zowaar een ongeschonden bloemetje!

viooltje zonder slakkenvraat
In de serre had ik -voorzienige vrouw- een aantal bakjes en zaaitrays gevuld met zaai- en stekgrond, om altijd wat sla of boontjes of kruiden klaar te hebben staan als er plaats leegkomt, of bij diefstal door duiven, slakken of kippen (onze buren zijn betrouwbare individuen). De reserves op de bank, zeg maar.

De theorie was mooi, de praktijk niet. Je moet dan namelijk zaaien, in plaats van alle dagen te denken “morgen”.
Als je dat “morgen” een aantal weken volhoudt, dan zijn die trays geen fluit meer waard. Poederdroge grond, en wanneer je dan denkt om die eventjes nat te gieten komen al die blokjes aarde gewoon bovendrijven en spoelen zo uit je bakje, van je handige plank, op de serregrond. Alwaar de paprika’s en aubergines niet blij zijn met een zanddouche. Hoe zou je zelf zijn?
De tomaten aan de andere kant trokken er zich niks van aan.

tomaatjes
Niet getreurd echter: bovenstaand scenario is het perfecte excuus om als volwassene heerlijk in de weer te zijn met gieter, schopje, bakjes en zand. Zwart zand, voor de gevorderde modderspelers. Veel vijfjarigen zouden jaloers zijn.
Dat schopje, dat was alleen in het begin. Droge potgrond en water laten zich veel makkelijker broodbakgewijs mengen met de blote hand. Echt, een aanrader.
Tegen de tijd dat de jongens van school kwamen waren mijn potjes weer netjes gevuld en mijn handen gewassen, dat spreekt.

Intermezzo met zonen, ijs, aardbeien en banaan, en daarna werden eindelijk alle courgettes, pompoenen en komkommers in die versgevulde potjes gezaaid. Met deze temperaturen verwacht ik dat ze eergisteren al vijf centimeter boven staan. Ja, ik weet het. Als je dat pakje geduld in de Colruyt vindt, ge moogt het mij altijd meebrengen…

komkommers, courgetten en pompoenen gezaaid
De zieltogende andijvieplantjes kregen een portie liefde (en water en verse potgrond) en zien er na een nachtje op intensieve zorg veel beter uit. Nog even aansterken en het zijn volmaakte reserves.
Voor de boterpeultjes zijn geen reserves voorzien, die doen het voortreffelijk. Dringend te plukken.

boterpeultjes
Alle bloemen die niet uitgekomen zijn (en waar ik nog zaden van had) zijn ook opnieuw gezaaid. Waarschijnlijk was er die eerste keer ook iets mis met temperatuur, vochttoediening of hongerige vogels en slakken.
Sommigen mogen ook nu nog een keer de mist in gaan, voor anderen was het echt het laatste wat ik uit het zakje kon schudden. We zien wel. Een groot spontaan succes: Nigella damascena. Uitbundig uitgezaaid, en zo mooi!

Nigella damascena
Morgen nog te doen: basilicum die ik gisteren buiten zette herzaaien. De monsters zijn geweest, slijm is alles wat er overbleef. Wortels, pastinaken en bietjes: idem. Die zijn zelfs nooit boven de grond geraakt. Ook de pas gisteren geplante knolselder: voor de helft verdwenen.

Daarna: van uit mijn luie zetel alles uit de grond kijken, hoewel het mij een beter idee lijkt om de huishoudelijke achterstand eens in te halen. Want zaden, dat groeit wel, maar de was springt hier nog niet zelf in de machine.
Aaah, het leven van een huisvrouw is zo mooi! 🙂

 

 

Een rondje tuin

Het lijkt wel een eeuwigheid geleden dat ik nog eens in de tuin kwam. Wat een vies weer dan ook! Verder is het natuurlijk een feit dat de dagen gevuld zijn met vanallesennogwat, en “tuin” dus soms geschrapt wordt.

Als we deze zomer iets van “bladgewassen” de naam waardig willen eten, dan is er dringend actie nodig! Ik zaaide alles ruim op tijd, en was verwonderd dat zelfs de radijzen zo lang op zich lieten wachten. Helaas: overal glinsterende sporen, alles wat maar durfde te komen piepen werd direct weggevreten door de slijmerige monsters. Alleen rode tuinmelde en spinaziezuring overleefden deels. Juist ja: onkruid. Wel lekker, schijnt.
Alles is ondertussen opnieuw gezaaid, en onder het net (duiven, kauwen, kakkende poezebeesten) strooide ik ook wat ecologische slakkenkorrels. Oorlog!

Mijn pikante pepertjes en enkele tomaten in pot werden ook belaagd. Pepertjes: onherroepelijk verloren, ook omdat ze een beetje verzopen en verkleumd waren, en daarbij nog vol bladluizen zaten. De mezen in de buurt doen hun best, maar ze concentreren zich nu vooral op de rozenstruiken om te fourageren.
De tomaten werden grondig geïnspecteerd, en van onder de randen van de potten haalde ik soms wel tien slakken. Bweuk! Netjes de GFT-container in. Die blijft open staan, en de kraaien weten dat. Zo dienen die slakken toch voor iets.

De ajuinen liggen te rotten op natte bedden. Hier en daar doet er eentje heel erg zijn best, ik laat ze nog even doen, en hoop op droog weer, zon en mirakuleus herstel.
Tussen, achter en over de ajuinen: Verbena bonariensis. O-VER-AL. Massaal veel, ontzettend vitaal en goed groeiend. Twee moestuinperken werden al gewied, nog wel enkele te gaan.

Echinacea? Slakkenvoer. Ook hier werd het probleem met eco-korrels aangepakt.
echinacea purpurea, kaalgevreten door slakkenGelukkig was het niet allemaal kommer en kwel: de tomaten en paprika’s in de serre doen het voortreffelijk, de salie die ik er van verdacht in staking te zijn bloeit met wondermooie bloemen.

Vijgen! Jeej, vijgen! Genoeg voor confituur, en chutney, en met geitenkaas, en nog veel lekkere dinges. Ikke blij!

Ook het Kattenkruid zorgt voor spektakel. Prachtig van kleur, en een magneet voor bijen, hommels en deze juffer.
juffer op KattenkruidDe Boerenjasmijn is één witte wolk, met veel verschillende bezoekers. Hommels, bijen, vliegen, zweefvliegen: ze zijn er allemaal.
witte wolk Boerenjasmijn

bijtje in bloem van BoerenjasmijnAan de overzijde, iets dichter bij de grond bloeit een blauwe wolk geraniums, en vlak daarnaast komen er binnenkort een massa gele pomponnetjes aan. blauwe wolk Geraniums

pomponnetjes

bloemen van Phlomis russelianaEen beetje té felgeel naar mijn goesting, maar de hommels zijn er stekezot van, en in de winter is die Phlomis russeliana een speeltuin voor vogeltjes. Misschien kijk ik toch wel eens rond voor een ander kleurke.

Eén hommel was echt wel een snoeperke: van de gele bloempjes naar het Vingerhoedskruid, naar de Smeerwortel en dan terug dat toertje.
Een andere was druk bezig om “in te breken” in Akeleien: in plaats van de nectar er uit te halen langs de open voorzijde maakte die gewoon gaatjes in de bloem, om zo met minimale inspanning maximale resultaten te halen. Niet vreemd, hier ten huize…

Aan het keukenraam staat een kanten kunstwerkje, een Klimhortensia. Jammer dat er zo weinig bloemen aan staan dit jaar, en dat die zich dan ook nog eens verstoppen.
klimhortensiaAchteraan in de “ruige hoek” keek ik naar een plantje van de hertshooifamilie en vroeg me af of het nu Sint-Janskruid zou zijn of niet, (het plantje is ondertussen gedefinieerd: Mansbloed) toen ik een schijnaardbei ontdekte. Bah! Woekeraars, met lelijke gele bloemen, en vruchtjes die door niemand gegeten worden.

Nog meer rood, veel centraler in het gazon. Zijn die dingen nu al tot daar gekropen?
Maar neen: een prachtig vlindertje(*?). Sint-JacobsvlinderNog veel feller ( en zeer beweeglijk!) met open vleugeltjes.Sint-Jacobsvlinder met vleugeltjes openToevallig hier om zoon drie een gelukkige verjaardag te wensen? Daar was het net op tijd voor: vieruurtje met verjaardagstaart en lekkere koffie, op verzoek van zoon zonder onze zoetgevooisde gezangen.
Hiphiphip…

 

 

Ondertussen in de moestuin

ijverige student onder zijn boekTerwijl mijn kinders druk doen boven (of onder, of tussen) hun boeken, prefereer ik het gezelschap van vrolijk zoemende beestjes. Talrijk aanwezig in de moestuin, op alles wat daar in en rond in bloei staat.

Hoe het gaat in de moestuin? wel euh…goed denk ik.
Op sommige vlakken zeer georganiseerd en vlotjes, op andere loopt het wel eens mank.

De indeling in bedjes met wisselteelt is nu zeer duidelijk: elk perk een steen met naam, vergissen is onmogelijk. De stenen verhuizen jaarlijks mee vanaf nu.
aardbeienbedDe twee bedjes die over zijn voor “experimenten” zijn…tja…over. Nog niet beplant geraakt dus.
De aardbeien die daar vorig jaar gegooid zijn om op te potten en weg te geven bleven daar liggen en doen het goed. Ondanks te dicht op mekaar, eigenlijk niet geplant maar verwaarloosd, en in de schaduw van de serre.
Het andere, daar ging quinoa op komen. Verbena bonariensis is ook mooi zeker? Daar hoefde ik helemaal niks voor te doen zelfs, die kwamen aangewaaid en staan nu in heel de tuin. Gelukkig dat ik die “waaibomen” (benaming die schone broer bedacht) mooi vind. Leven en laten leven dus.

Nog een experiment dat wél groeit: het bloemenperkje in de moestuin. Ingezaaid met zaden uit de zadenruil van Natuurlijk-Rijk begint de grond hier nu toch bedekt te geraken. Beetje later dan gepland, maar kom. Het enige probleem met plantjes die je nog nooit zelf had: wat is een goed kiemplantje, en wat is onkruid? De Mie Gemak in mij zegt dat dat later op het seizoen zichzelf zal uitwijzen. Ook hier: leven en laten leven!
korenbloemDit perk mag een plekje worden dat elk jaar anders kleurt, zonder al te veel bemoeienis van mijn kant. Zelfs het gele bloemetje mag blijven. De verloren gewaande wilde zandkool is toch niet verloren! Jochei!
Als (àls) we ooit een aspergebed aanleggen zal het wel hier worden, elders is er niet veel plaats meer over.

Mijn schriftje. Kwijt. Ergens vergeten gelegd, dus dit jaar geen grondige kosten-baten analyse. Ook het noteren van het aantal uren dat ik spendeerde in mijn klein paradijs zal ik niet kunnen meedelen. Misschien is dat geeneens een slechte zaak. Mogelijks volgend jaar, al zie ik dat dat schriftje hier alle jaren rond hetzelfde moment spoorloos verdwijnt. Een trend, als het ware.

De serre. Daar zat in het vroege voorjaar misschien wat meer in, maar hé, alle begin is moeilijk. Vòòr de ijsheiligen vertrokken aten we winterpostelein, sla, andijvie, radijzen, rucola en een enkel blad spinazie. Als kweekruimte is die serre fantastisch, veel luchtiger en lichter dan binnen op een vensterbank. Zaaibakken stonden er bijna heel de periode, nu pas zijn ze weggezet en kreeg alles een plekje. Meloenen, snackkomkommertjes, paprika’s en hete pepertjes, aubergines, tomaten en enkele soorten basilicum: alles vindt zijn draai. Ook de katten trouwens, de vuilaards. Ge moet zo een keer een warme serre binnengaan waar de avond tevoren net voor sluitingstijd een dikke drol geproduceerd werd. Instant kokhalsneigingen!
tomaatjes in wordingMet sommige tomaten gaat het bijzonder goed, anderen willen zich nogal bossig ontwikkelen en nemen zo heel veel plaats in. Een beetje googelen bracht mij op deze site, en nu weet ik dat de “vorken”  bij sommige tomaten eigenlijk ook mogen beschouwd worden als dieven. Kijken waar de meeste bloemtrossen zitten, en de rest: genadeloos weg. Klinkt hard, maar liever nu snoeien dan binnen enkele weken alle planten rooien omdat ze de tomatenplaag hebben. Tomaten, ik vind dat spannend: elk jaar heb ik er een paar gehad, en dan kwam die vieze schimmel. Nu, met een glazen serre, zie ik al dat alles veel sneler groeit dan vorig jaar onder mijn plastieken serretje, en ik hoop van ganser harte dat alle planten het nu een heel seizoen uithouden.

De continuïteit. Kan beter. Af en toe geniet ik veel liever van de zon dan pro-actief bezig te zijn met zaadjes. Gevolg: we doen nu eventjes zuiniger met sla, en we zullen eerder late boontjes hebben, want die springen tot op heden niet zelf in de grond. Jammer. Springboon, zou dat tegen volgend jaar uitgevonden kunnen worden? En doe er dan ineens een chioggia-springbiet bij ook. Misschien kunnen we dan ook zorgen voor radijzen die uit de grond ploppen als ze van aangenaam formaat zijn. Nu denkt iedereen dat ik rode bietjes gezet heb…
reuzenradijs

Nog een algemeen verschijnsel: er loopt hier elk jaar wel iets mis met labels.  De waterbestendige permanentstift is niet opgewassen tegen zonlicht.
lege labelsAl mijn wortelgewassen hebben een bleekgeel etiketje, zonder naam. Uit protest besloten ze dan gezamenlijk om niet boven te komen. Niks pastinaak, geen Nantes, Flakkeese, Witte Groenkraag of Gele Stompe van Doubs. Ook de paarse wortels en wortelpeterselie staken. Die ene die wél fier rechtop staat kreeg daarom een portret cadeau.
de enige wortel dit jaarPompoen, courgette, meloen en komkommer: de buitensoorten zijn niet meer via het etiketje van mekaar te onderscheiden. Dat wordt een verrassing waar ik welke groente zal kunnen oogsten.
Verder was ik er van overtuigd dat ik spinazie gezaaid had, met hier en daar een radijs, als “marker” voor de rijtjes. Blijkt omgekeerd te zijn. Er is duidelijk iets misgelopen met envelopjes vorig jaar. Of er is een grapjas aan het werk geweest.

De slakken zijn onder controle lijkt mij. Is het de droogte, of zijn het de medebewoners van onze tuin die ze onder de knoet houden? Ik weet het niet. Meneer en/of mevrouw egel komen altijd nog wel een dessertje meepikken uit het etensbakje van de katten. Alleen in het kolenbed vreten de slijmerds alles kaal. Palmkool? Weg! Rode kool? Enkele zielige nerfjes staan er nog. Ondertussen zijn de vervangers die onaangetast in de zaaikist stonden ook uitgeplant. Onder gaas, in het gezelschap van eco-slakkenkorrels. Na vijf dagen zien ze er nog steeds goed uit.

De opbrengst zal niet voldoende zijn om met zes een heel seizoen van te kunnen eten. Daarvoor is de oppervlakte te klein, en hou ik mij te weinig bezig met voor- en nateelten. Ik weet wel dat het uit eigen tuin altijd zoveel beter smaakt, en dat de luxe van “efkes gaan plukken wat we straks gaan eten” onbetaalbaar is. Dit jaar wil ik nog een beetje meer proberen te bewaren op een andere manier dan in de diepvries, en meer doen met alle kruiden die hier staan. Confituur, gelei en siroop, daar is wel genoeg van. Een paar fruitstruiken en bomen zorgen voor heel wat lekkers. Deze middag kregen de studenten boterhammetjes met platte kaas en verse aardbeitjes. Het werd geapprecieerd. Ondertussen kan ik elke dag een bak vol aardbeien plukken, en het einde is nog niet in zicht. Ook aalbessen kunnen we binnenkort oogsten, en daarna zijn het frambozen.

Het plezier dat ik er in heb is mooi meegenomen. Ik had nooit gedacht dat een paar vierkante meter groensels, wat beestjes en wat bloemetjes zo’n aangenaam “werk” zouden zijn. Ik geniet er van met volle teugen, en wel zeker als op zolder de zonen examenkolder hebben. Beste anti- stress-middel ooit!