Tagarchief: tafeldecoratie

Zonen en knutselen, en hoe dat plaatje veranderde

Knutselen met mijn kinderen, in mijn hoofd was dat dé ideale bezigheid voor druilerige vakantiedagen. De tijd zou passeren, we zouden lieflijk met z’n allen om de keukentafel geschaard zitten, en tegen de tijd dat we wel een warme chocomelk zouden lusten zouden we enkele prachtige creaties rijker zijn.
Ahem. Iedereen die nog geen knutselende kinderen heeft en zijn droom niet uiteen wil zien spatten: hier stoppen met lezen.

De realiteit is dat mijn zonen toen ze klein waren en het regende veel te veel energie hadden. Ze plakten mekaar aan tafel, waren bodypainters nog voor ze het woord konden uitspreken, en gingen met de scharen eerder mekaars kapsel en kleren creatief te lijf dan dat ze papier knipten.

Wij deden na enkele pogingen liever van regendans en modderwandeling, dan nog zo’n stressnamiddag. De chocomelk smaakt trouwens beter als je koud en nat geweest bent.

Zo komt het dat ik hier nu een veel te grote massa knutselgerief heb staan. Elke keer dacht ik iets in de stijl van “dit zullen ze wél tof vinden”, of “daar hebben ze niet echt fijne motoriek voor nodig”. Geen doen aan, niks te knutselen.

Wel, ik doe dat wel graag. ZONDER kinderen. Ze mogen zelfs niet in de buurt zijn.

Ik hield mij vandaag in stilte – ’t wordt een gewoonte – bezig met allerlei zolderschatten, en maakte al een eerste stukje tafeldecoratie voor Kerstmis.

Ik zal het stap voor stap laten zien, wie weet krijgt ge ook nog goesting.

Uit de knutselbak van mijne meneer haalde ik een vlak blokje hout.
Van het internet een tekening, die ik twee keer afdrukte en opkleefde. Eén keer op het blokje, één keer op een velletje schuimrubber.

geknipt en geplakt
Het schuimrubberen exemplaar kon ik op die manier perfect uitknippen, en dan de stukjes op het tekeningetje op het houten blokje kleven. Zijt ge nog mee?

zelfgemaakte stempel
Voila, mijn eerste zelfgemaakte stempel.

In mijn herboristenkast zitten bruine papieren zakjes, in twee formaten. De kleinste soort is ideaal.

gestempeld op kraftzakje
Stempeltje er op (de kleur maakt niet veel uit, je ziet dat achteraf toch niet meer).

stipjes om recht te stempelen

Om elke keer op gelijke hoogte te stempelen zette ik twee stipjes op het blokje. Die komen gelijk met de onderkant van het papieren zakje (of toch zo ongeveer).

potje emboss-poeder
Daarna rijkelijk bestrooien met emboss-poeder.

royaal bestrooien met emboss-poeder
Dat fijne poeder blijft kleven aan de stempelinkt.

overtollig poeder aftikken

Aftikken, en uiteraard het teveel aan poeder opvangen. Ik doe dat meestal op een stuk papier, maak daar dan een vouw in en giet alles achteraf terug in het potje.
Kijk even na: als er stukjes van je stempel niet genoeg bedekt zijn strooi je er terug wat poeder over, en dan weer aftikken.

loodgrijs poeder boven broodrooster
zilver
Verwarmen boven de broodrooster, en wachten op de magie: van saai loodgrijs zie je opeens het poeder veranderen in een zilveren tekening. Blijkbaar kan dat ook in de oven, maar dat probeerde ik nog niet. In onze oude gasoven zou dat ook veel te veel enegie vreten.

laten afkoelen
Even laten afkoelen, zodat het niet meer plakkerig is, en dan afwerken.

bestekzakje

Ik wil deze zakjes als bestekzakje gebruiken, dus knipte ik een stuk van de voorzijde af. Servietje er in, bestek er bij, en klaar. Zo simpel dat ik er ineens genoeg maakte om op ons familiefeest , tussen Kerst en Nieuwjaar, te gebruiken. Misschien wil schoonzusje er nog wel namen op handletteren.

Eat this papierwinkels! Mijn zakjes zijn veel toffer dan die die jullie verkopen. Al zeg ik het zelf. 😀

Het oorspronkelijke idee dat ik had (zoek eens op: papierfiligraan) bleek toch wat teveel werk te zijn om nog twaalf keer klaar te spelen. Misschien krijgt metekindje wel een exclusief ander bestekzakje, wie weet. In dat geval krijgen jullie ook nog een fotootje.

Pasen

Het wordt hier ten huize een gewoonte, volk aan tafel vragen en denken dat alles op een half dagje geregeld geraakt…
Gelukkig heb ik hier wat nuchtere mannenmensen rondlopen die mij af en toe tips influisteren 😉

De donderdagmarkt was goed voor potplantjes (witte viooltjes), de zondagmarkt voor snijbloemen (tulpen, ranonkels en rozen, allemaal wit)
Het menu geraakte ongeveer wel af (ik improviseer graag nog een beetje), de bestelling werd geplaatst, het huis min of meer aan kant, de tuintafel werd binnengehaald, drank gekoeld, en dan kwam het leuke stuk: decoreren.
Bij Dille en Kamille verkopen ze tafellinnen in grote maten aan redelijke prijzen. Dat, aangevuld met wat stoffen en papieren servietten, leuke kaarsjes en zelfgemaakte naamkaartjes zorgde voor een mooie tafel (al zeg ik het zelf). Ook voor een vrijdagnamiddag knutselplezier, want die inspiratie komt meestal pas op ’t laatste nippertje.

Met wat zelfdrogende boetseerpasta, soeplettertjes, verf en een uitsteekvormpje ging ik aan de slag.

paashaasjes met namen als tafeldecoratie

Fijn detail: de verf voor de hall blijkt qua kleur perfect te passen bij het tafellinnen. Papieren lintje er door, bloempje er bij: goedgekeurd.

paashaasje met ranonkel
Op het menu ook deze keer weer uitdagingen: elk van ons gaf een ingrediënt dat terug te vinden moest zijn. Deze keer waren dat appel, pijnboompitjes, geitenkaas, avocado, fruit in ’t algemeen (dat was van een zoon die geen zin had in nadenken) en drie dingen uit eigen tuin (dat kwam van mij).
Verder leg ik mezelf op dat er minstens twee gerechten moeten bij zijn die ik nooit eerder maakte. Geen nood deze keer, heel het menu was een gok. Schitteren als keukenprinses of mij met het schaamrood op de wangen verstoppen achter een berg afwas, beiden behoorden tot de mogelijkheden.

Tegen ’s noens liep het hier aardig vol, en aperitiefden we met hapjes. Op zo’n dagen zijn “makkelijke” chips, nootjes en koekjes uit den boze. Wij presenteerden een glaasje rauwe groenten met dipsaus, een trio van gevulde tomaatjes (met pesto-roomkaas, met garnaaltjes en met roerei en spekjes) en mini-wraps met kip. nadien werden de restjes tomatenvulling en wat toastjes nog op tafel gezet. Tot dan lag het fototoestel op de kast, ondanks het voornemen om deze keer alle hapjes op de gevoelige plaat te hebben…

Pauze! De paashaas was ondertussen toch wel in de tuin geweest zeker!? Kleine kabouter deed zijn best om alles te verzamelen.

paaseitjes rapen

Daarna mocht ieder zijn naam nemen en een plaatsje aan tafel kiezen. Alleen mijn stoel was voorbehouden (dicht bij de keuken), voor de rest deed ik deze keer niet aan tafelschikking. Te voorziene conflicten tussen disgenoten waren er niet, enige sturing was dus totaal overbodig.

Nadien: aardappelschijfje met zalmtartaar (ingrediënt avocado zit er bij). Oudste zoon vond het niet lekker…

aardappelschijfje met zalmtartaar

Posteleinsoep (eigen kweek, ook de prei die er bij zat) met een toefje room en garnaaltjes. Daar ontdekte Oma dat ze een ware entertainer was: de simpele vraag wat iedereen zag in de room leverde hilarische antwoorden op.

posteleinsoep

Gegrilde peer met geitenkaas (of brie voor wie geen geitenkaas apprecieert) en gehakte nootjes, op een bedje van sla (uit eigen serre), met snippers daslook en een toefje peterselie (ook beiden uit eigen tuin).

gegrilde peer

Sorbet van vlierbloesem en champagne, met een blaadje munt. De sorbet was ik eigenlijk vergeten, dus iedereen kon live “the making of” meemaken. ’t Was wel een verademing toen de machine weer uit mocht, zo’n extra decibels heb je echt niet nodig op zo’n dag.

vlier-champagnesorbet

En dan, dé uitdaging van de dag. Tajine met groenten en geconfijte citroen, opgediend met couscous. Er moeten er twee zijn, want mijn traditionele kokshartje wil met Pasen iets met lam op tafel, maar sommigen lusten dat niet. Die kregen dus een kiptajine. De kippeneters (4) waren in de minderheid, die kregen hun gerecht uit de traditionele aardewerken pot, de lamstajine (voor 10) werd in een gietijzeren pot van de buren bereid. Die citroen daarbij, da’s een must. De geur alleen al… Gelukkig heeft “onze” donderdagsmarkt een kraampje waar al zo’n oosterse ingrediënten te vinden zijn. De verkoper vond het fantastisch dat ik op een traditioneel feest van bij ons een traditioneel gerecht uit zijn cultuur maak.
Het vlees kwam van Bioplanet. Geen gesponsorde post, maar oprecht veel lof over zoveel kwaliteit. Mals, smaakvol, heerlijk. Bij het lamsvlees zaten paarse en gele wortels, venkel, courgette en aubergine, bij de kip koos ik witte selder ipv venkel. Terecht, bleek achteraf. Ik begin mijn tafelgasten te kennen 😉

tajine, stoofpot en couscous

Ook twee porties couscous: één mét en één zonder rozijnen en pijnboompitjes, waarbij die mét gemaakt werd met de bouillon uit de lamstajine, die zonder met een “blokjesbouillon”. En dat allemaal zonder stress. En oef! ’t Was heerlijk. De vrees voor taai vlees was ongegrond, plan B (de frituur) niet nodig. nog een leuke bijkomstigheid: op twee liter soep en drie miniwraps na was alles op.

Het dessert: een simpel Pinterest-idee, dat gelukkig de avond op voorhand gemaakt werd. Appelroosjes, die nog even terug opgewarmd werden in de oven, bestrooid met poedersuiker en in het gezelschap van heerlijk hoeve-ijs. Die van ons zagen er minstens even mooi en lekker uit, maar de fotograaf die het dessert hier fotografeerde had geen vaste hand.
Slagroom? Vergeten. Net als de koriander op de couscous trouwens, waarvoor man des huizes die ochtend twee keer naar de winkel gestuurd was…

Daarna was er koffie, met paaseitjes natuurlijk.

Jarige schoonzus kreeg achteraf alle snijbloemetjes mee, iedereen die wilde mocht een potje viooltjes meepakken voor in de tuin, en de ranonkeltjes die op de borden lagen staan hier nu in een speciaal (ook zelf gedecoreerd) vaasje.

vlindervaasje, voor S* en W* en al die anderen...

’t Is veel werk, veel plannen en goed voorbereiden, maar eigenlijk doe ik dat graag. Gelukkig vindt man des huizes het ook plezant om mee in de keuken en achter de stofzuiger te staan, en anderen een leuke dag en een gemeende “dankjewel voor wat je voor ons betekent” te bezorgen.
Kijk, die zachte vormen op de achtergrond: mijn rots in de branding.

rots in de branding

’s Avonds in de zetel dronken we nog een pintje, en zagen we dat iedereen zijn naampaashaasje liet liggen. Dat was de vereiste als ze er volgend jaar opnieuw wilden bij zijn. ’t Zal zijn dat het goed was zeker?