Tagarchief: tuin

BOEM!

Het geluid waarmee de deuren van de auto dichtgeknald werden zondagavond. De lege auto, welteverstaan. Na een rit van veel te lang terug uit dardennen (familieweekend, remember?) was het voor iedereen nog even van laatste loodjes en helpen uitladen. Onderweg was het ook hier en daar “boem” geweest, aan file geen gebrek…

Boem! Was ook het geluid waarmee ongeveer alles wat niet breekbaar was uit die auto op de livingvloer gesmakt werd. De koelkastdeur deed solidair mee, maar dat was een vergissing van één van de zonen. Het aperitiefje op het terras van Villa Steenschot smaakte, en we klonken op nog veel zo’n weekends.

In de tuin is het tijdens vier dagen afwezigheid ook lichtjes ontploft. We vertrokken woensdag, en dachten dat er wel één en ander zou veranderd zijn zondag, maar zo’n explosie van geuren en kleuren? Fantastisch. Het gazon is een bloemenweide waar voorbijgangers soms hoofdschuddend naar kijken. Tssss, zo slordig 😉

explosie van kleur en geur in de tuin

Wat stevig in de grond wortelt ziet er goed uit. Helaas vergaten we expliciete geef-water instructies te geven wat betreft zaailingskes, potplanten, en alles in de serre wat niet “tomaat” heet…Eéntje is gekortwiekt door slakken, en zijn groeipunt kwijt, de rest floreert.

Actie reanimatie is in volle gang, maar voor sommigen vrees ik dat het bladgroen voorgoed verdwenen is, en de sapstroom ophoudt waar de stengeltjes omplooiden.
Gelukkig eten we hier niet graag dagen aan een stuk kolen en aanverwanten, daar mochten er wel wat van sneuvelen. De Oostindische kers, andijvie, sla, Monarda, Citroenverbena en Hyssop staan op het plankje intensieve zorg. In tegenstelling tot familie kool wordt hier wel het onderste uit de kan gehaald om ze terug vitaal te krijgen. Dompelbadjes, vernevelingskes, liefdevolle monologen van mijn kant: ik hoop dat het helpt.

Altijd iets, als je van huis wil. Toch zou ik het direct opnieuw doen.

Het zalige zomerweer dat we hadden zorgde voor een fantastisch weekend. Fietsen op Ravelroutes – sommigen met gewone fietsen, anderen met E-bikes en zelfs een tandem –  was een absolute topper. We deden het dit jaar voor het eerst, maar ik denk dat dat bij de activiteiten een blijvertje wordt.

e-bikes

fun op de tandem

en nog tandempret

spiegel-groeps-selfie

Kajak moet er bij. Zonder kajak is ’t geen echt Ardennenweekend geweest. Deze keer peddelden we tussen La Roche en Hampteau, aan een gezapig vlot tempo, het debiet van de Ourthe was hoger dan we ooit hadden. Geen enkele keer moesten we uitstappen om boten vlot te trekken, des te meer om familieleden weer op het droge te helpen. Boomstronken na barrages kunnen zeer verraderlijk zijn 😀 . Voor sommigen is zelfs een klein takje genoeg om volledig om te keren, anderen springen bijna uit hun boot als er een vis mee wil varen. Man des huizes en zijn zus schepten op de laatste stuw zoveel water dat ze met een volle boot ter plaatse bleven liggen.

een deel van de Vano-vloot
We zijn altijd blij dat de niet-sportenden picnic willen voorzien. Geen drijfnatte boterhammen, we mogen onze bestelling doorgeven en even later komt het gevraagde er aan. Een drankje, een appeltje, aperitieftomaatjes: onze cateringploeg kent de finesses.

versgesmeerde boterhammen op de picnic

lekkere boterhammetjes

De rit terug in het busje van de verhuurder was ook het echte safari-gevoel: met veel meer dan mag opeengepropt in de camionette, rammel-rammel terug naar de startplaats.

Er was ook nog barbecue, aperitief, een wandeling,

waterballet op bottinen tijdens de wandeling

we komen aan onze stappen, beker verdiend

een mountainbikedag, een meer, een biljart, een sauna,  kaarsjes op tafel,

kaarsjes op tafel

emmers water die zomaar opeens over rokende hoofden geplensd werden, vlindertjes, nog aperitief, het lekkerste stoofvlees met frietjes ooit, een enthousiaste bende neven en nichten (jonge honden kunnen er wat van leren!) en bijna geen overschotjes om weer mee naar huis te zeulen.

Tussendoor reed man des huizes met een (geleende-dankjewel!) moto toertjes met iedereen die wilde. Op de foto hieronder samen met zijn broer, zelf ook motard, die wel eens wilde voelen hoe het achterop is.

broers op de moto

De laatste dag is altijd een beetje hectisch. Iedereen wil opruimen, er moet nog gegeten worden (en dus ook nog een keer afgewassen), het was moederdag en we hadden twee jarigen te vieren. Ik was er van overtuigd dat mijn boys het vergeten waren, maar toen ik na een wandelingetje om de drukdoenerij even te ontlopen en om wat kruiden te plukken voor mijn herbarium terugkwam, stonden ze daar te blinken met hun cadeautje, en een grijns tot achter hun oren: “Ge dacht da we ’t vergeten waren eh!?” Direct zonnebril voor mijn ogen, dat spreekt! Vanaf nu heb ik weer een schoon Woody-pyjamaatje om in te slapen, smaak hebben ze wel!

Als ik door de foto’s scroll zit ik hier even breed te glimlachen. Zoveel plezier, zoveel mooie momenten.

Een lang weekend met een gouden randje, dat is wel zeker.

 

Advertenties

Een update

Een maand geleden werd oudste zoon behandeld met laser voor zijn rookverslaving.

Een vraaggesprekje gisteren leerde mij dat het goed gaat. Al kan ik dat dagelijks zien en ruiken ook natuurlijk.

-En, lukt het nog?
-Ja natuurlijk.
-Zijn er grote verschilen met de keren dat je zonder hulp probeerde te stoppen?
-Ja. Ik ben minder “opgefokt”, kan gewoon in rokend gezelschap staan babbelen zonder zin te hebben in een sigaret, ben minder humeurig en kan zelfs na een paar pintjes op een feestje blijven nee zeggen.
-Heb je de eerste week veel afkickverschijnselen gehad? 
-Nee. Zelfs amper een vuil hoestje.
-Zijn er valkuilen waar je bewust van wegblijft? Situaties die in je hoofd gelinkt worden met sigaretten?
-Er zijn uiteraard zo’n situaties, maar ik kan ze niet ontlopen. In mijn klas rookt bijna iedereen, en ik ga niet elke pauze alleen staan hoor! Koffie, dat is geminderd. In plaats van een thermos mee naar school te nemen drink ik nu ’s morgens een tas, en de rest van de dag water.
-Zou je deze methode om te stoppen aan anderen aanraden?
-Ja, helemaal. Als ze iets willen weten moeten ze ’t maar vragen. Alleen maar positief.
-Heb je nu al veel bespaard dankzij dat stoppen? 
-Euh…(neemt er een rekenmachine bij en zit wat te tokkelen). Stel dat ik deze maand alles gerold had: 27 euro. Stel dat ik allemaal gewone sigaretten gerookt had: 87 euro. Laat ons een realistische schatting maken: 50 euro. Op gewone dagen rolde ik, naar fuiven en feestjes nam ik een pakje sigaretten mee (Dat betekent dat na drie maanden de kosten van de behandeling “terugverdiend” zijn)
-Voel je fysieke veranderingen?
-Ik ruik en proef weer beter, en heb de indruk dat de conditie ook weer in stijgende lijn gaat.
-En word je nu ook frisser wakker?
-Moeder! Wa voor een belachelijke vraag is da! Fris wakker worden, da kan ni!

Voila, en toen was ’t gedaan met vraaggesprek. Volgende maand opnieuw.
Zoon twee vindt het nog steeds stoer om te staan dampen en stinken, en zijn vingers te zien vergelen. En die heeft wél een smerig hoestje…

Verdere updates?

Ja, we doen nog steeds mee met dagen zonder vlees. We putten al eens uit ons recepten-archief, dus niet alle dagen iets nieuws. Ik post nog wel eens wat foto’s en recepten als ik van de buren mijn SD-kaart terugkrijg. Tussen de bedrijven door maakte ik wat foto’s van hun oudste zoontje, voor communieprentjes.

De bookchallenge ligt even een beetje stil. Dringend eens naar de bib gaan om vers leesvoer, en dringend eens werk maken van een verslagje over wat er gelezen werd.

Ook tuin en moestuin vragen aandacht, maar die geef ik ze graag. Alles liever dan binnen stof afdoen of dweilen.

Er werd min of meer een datum afgesproken om de resterende ruiten in de serre van schoonbroer en schoonzus te gaan placeren. Ah ja, de tomatjes moeten dit jaar van eigen kweek kunnen hé. Als bedanking voor het al gedane werk, en wat nog volgt, werden we getrakteerd op een etentje gisterenavond. Schoonbroer huurde daarvoor zelfs een heel restaurant af! (of die mensen draaiden zwaar verlies gisteren, dat kan ook. Lekker eten, gezellig etablissement, maar op een vrijdagavond als enige klanten aan tafel zitten, dat doet vreemd aan)

Vorige week was ook skiweek voor broer en schoonzus, en dan komt er hier traditiegetrouw een kleine kabouter logeren.

fietsende tuinkabouter
Zo een blond krullebolletje, dat over een gigantische woordenschat beschikt en iedereen hier in huis moeiteloos om zijn vinger wist te draaien. Poezen, kippen, een grote tuin, met veel volk aan tafel: het ventje keek zijn ogen uit. Zijn knuffel werd met veel overgave verzorgd. ’t Is een goeie slaper, die net als zijn neven niet echt graag opstaat. Serieus, hoeveel twee-en-half-jarigen draaien zich nog eens lekker om in hun slaapzakje als je denkt dat ze wakker zijn? Petekindje deed dat met de woorden “nee mete eidi, nog een beetje slapen!”. Duizend hartjes voor zo’n kind!

Herboristenopleiding: blijft de max. Even meegeven dat je bij kruidenbereidingen dezelfde vieze vetvlekken op je kleren kan maken als op een gewone dag in je eigen keuken. Wasmachine to the rescue!

Nu komt Pasen stilaan dichterbij, en dankzij een reactie op het logje van vorig jaar weet ik dat ik dringend in actie moet schieten. Anders zal er niet veel zen aan zijn…
De gasten weten dat ze mogen komen, de klokken weten dat ze langs mogen vliegen en dankzij Madam Menck heb ik ook al een decoratie-idee, maar daarmee is voorlopig alles gezegd. Werk aan de winkel dus.

 

 

’t Zonneke schijnt, de madammekes komen buiten

Een uitspraak van “onze” pastoor Pol zaliger. Hij bedoelde daarmee dat het plein naast zijn pastorij dan veel vroeger en langer gevuld was met moeders die hun kroost kwamen ophalen. Wanneer Pol tijd had, kletste hij mee, hij moest niet onderdoen. Als ’t zonneke schijnt werd/wordt er veel langer gebabbeld aan de schoolpoort. Een wetmatigheid gelijk een andere.

Ik hoor al een tijd niet meer bij de kroost-afhalende moeders, maar zo’n zonneke, dat trekt mij ook naar buiten.
Tuinwandelingetje, en een voorzichtig begin in de moestuin.

gele kornoelje
De Gele kornoelje staat nu op zijn mooist, veel vroeger dan vorige winter. De winterkamperfoelie is bijna uitgebloeid, vorig jaar nog plant van de maand in januari. Misschien komt er nog wel wat, maar waar die geurige bloempjes vorig jaar echt pas in januari bloeiden, staat de plant nu al van in november zijn best te doen.

Op heel wat takken en blaadjes zaten lieveheersbeestjes zich te warmen in het zonnetje.

knoflook
De look komt stevig door de aarde geprikt, bieslook en chinese bieslook staan ook weer enkele centimeters boven de grond.

narcissen

korenbloem
Narcissen en tulpen komen piepen en er staat zowaar een korenbloem bijna in bloei. De goudsbloemen van vorige week liggen er nu verfrommeld bij.

krokus

sneeuwklokje
Naar sneeuwklokjes en krokussen moest ik gisteren nog zoeken, vandaag zijn er vrolijke kleurige stipjes in het gazon.

De thermometer in de serre (met open deur) geeft 35° aan. Trui uit, mouwen omhoog en een beetje met aarde spelen dus.
Er werden radijzen en snijsla gezaaid in de serre, en een aantal soorten sla en erwtjes in zaaibakjes.

sla in zaaibakje

erwtjes voorgezaaid

Ik zaaide ook bietjes: lukt het niet, tant pis, maar door te proberen hebben we misschien wel extra vroeg die heerlijke chioggia-bietjes op ons bord. De enige die ik lekker vind, omdat ze niet zo’n uitgesproken grondsmaak hebben.
De winterpostelein zaaide zichzelf uit, en zorgt voor een groen tapijtje in de serre. Dit jaar strooi ik zeker ook wat zaden buiten, da’s een mooi en lekker bodembedekkertje dat op veel plaatsen mag opduiken.

Mme zegt dat worteltjes ook al kunnen, dat is iets voor morgen. Een paar diepe potten of emmers, en misschien lukt het dan dit jaar wel een keer om te oogsten. Wortelen, pastinaken, peterseliewortel, da’s blijkbaar een hele kunst. Dat lukt hier amper, en dat éne jaar dat de oogst goed had kunnen zijn waren de woelmuizen mij voor. De bloempot waar jongste vorig jaar in zaaide leverde wel wat op: voor ieder gezinslid twee superlekkere worteltjes, zeer traag te degusteren want klein maar fijn 😉
Ook voor morgen: prei, poging elfhonderdachtendertig.

preiplantjes van vorig jaar

Mijn plantpreitjes van vorig jaar staan liggen hier nog steeds in een p9 potje. Een jaartje later dan voorzien in de moestuin, dat kan geen kwaad zeker? Misschien schieten er wel wat in bloei, maar dan kunnen we weer van zadenoogst doen, da’s ook altijd meegenomen.

Vast voornemen van dit jaar: een beetje beter bijhouden wat hier zo allemaal gebeurt, lukt, mislukt, lekker is of net niet, en volgend jaar een houvast hebben om meer uit de serre te halen, vooral in voor- en najaar.  Proberen en experimenteren dus, we zien wel wat het geeft.

Liefste Velt-mensen, Wimmen of Madammen, wanneer komt dat serreboekje voor beginnende avonturiers er eigenlijk? Ik wil al mijn vraagjes opschrijven, mijn probeersels meedelen, mijn mislukkingen ook, dan hebt ge al een begin.
Gewoon, een klein handig wegwijzertje om elke maand mee naar mijn glazen kot te nemen? Toe?

 

 

Vergankelijk

Op werelddierendag deed ik zoals gewoonlijk een wandelingetje in de tuin. Beetje rammelend met wat graan in een potje, zodat de drie stuks pluimvee die vrolijk rondscharrelden pavlov-gewijs reageerden en op een spurtje tot bij mij kwamen. Eventjes verder nog, door ’t poortje, ja! Weer gevangen, hopelijk toch minstens tot morgenvroeg. Kiekens die in een boom slapen weten nogal rap waar ze er uit moeten vallen namelijk. Die ene tak die (voorlopig nog) over het hekje hangt vinden ze blindelings.

Die ochtend bedacht ik dat hun boomslaperij mogelijk in hun voordeel gespeeld heeft de voorbije dagen, want op terugweg naar mijn tasje koffie kwam ik deze mooie jongen tegen.

kopje dode wezel

Mijn parate zoogdierkennis is niet zo groot, dus moest ik even vriend Google raadplegen om uit te maken welk beestje van de marterachtigen hier zo in ’t zonnetje lag. Een wezel. Roofdier dat zich voedt met woelmuizen, zo leerde mij de natuurpuntpagina. Aha, een bondgenoot in de strijd tegen dat gespuis! Jammer genoeg niet meer actief.

Ik weet niet hoe het beestje aan zijn einde gekomen is, maar deze keer denk ik niet dat onze katten er iets mee te maken hebben. Compleet intact, geen bijtwonden, echt een schoon beestje. De katten lieten hem (haar?) ook volledig links liggen, geen gespeel zoals met dode vogels of muizen wel eens gebeurt. Vergiftigd? Hartstilstand? Kweenie.

wezel

Exact één week later was er van heel zijn bestaan bijna geen spoor meer. Een fijn skeletje met scherpe tandjes, en ribbekes zonder vlees. De maden van vleesvliegen hebben feest gehouden, en nadien werden die maden zeer gesmaakt door de (weerom ontsnapte) zilverbrakels. Jaja, de natuur is heel proper op haar eigen!

skelet wezel

 

 

 

Ondertussen, na de vakantie

* zijn alle zonen weer thuis. Da’s efkes weer wennen, geloof mij. Iedereen zoekt terug zijn plekje, en na een kleine twee dagen lijkt dat weer allemaal in de plooi te vallen. Iedereen had een supervakantie, met meer of minder overnachtingen buitenshuis, meer of minder vrienden en vriendinnen in de nabijheid, meer of minder actief. Iedereen content, ik ook.

* was er een lente-gevoel. Dat zorgde voor veel activiteit in de tuin, en omgekeerd evenredig daaraan was de binnenactiviteit. O jee, wat een zootje! Weekendtassen, een valies, slaapzakken, restjes filmparty-op-zolder, een massa was, veel zand in huis: een bewolkt dagje mag, maar is wat mij betreft geen vereiste. Ik kan het nog wel eventjes aan 😉

* is de tuin weer wat meer “af”: Een rozenboog, de boog voor de Wisteria, een klimrek voor de frambozen, compost in de moestuin, volle zaaibakjes, een serre die benut wordt zoals het hoort, erwtjes die boven piepen, aardbeien die netjes op twee ruggen geplant staan en kippen die vakkundig geweerd worden waar ze niet gewenst zijn. In de rest van de tuin mogen ze nog volop scharrelen en slakkeneitjes eten.

* staan de agenda’s nog altijd even vol. De zonen durven wel eens te vergeten dat er nog zoiets als “school” bestaat, en dat resulteert dan in stressy momenten tussen alle andere activiteiten door. Een spreekbeurt die eigenlijk al af moest zijn, componenten voor electronica die nog “écht, tegen morgen!” gekocht moeten worden in de winkel die binnen 20 minuten zijn deuren sluit, ochtenden waarbij de trap geteisterd wordt door pubervoeten die er niet kunnen aan doen dat het puberbrein vanalles vergeet in de rugzak te stoppen, brooddozen en turnzakken die er een hemels genoegen in scheppen om altijd onvindbaar te zijn…enfin, u kent dat misschien. Computers, gsms en muziek verstoppen zich nooit, da’s ook een puberwetmatigheid.

* zien we de buren weer wat meer: Een electriciteitspanne in de straat doet iedereen buiten komen, maar ook overschot aan plantgoed, het vermoeden van een barbecue, teveel ijstaart of een wit wijntje dat open is wordt hier broederlijk gedeeld en zusterlijk geconsumeerd. Horrorverhalen over lastige buren zijn de ver-van-mijn-bed show. Houden zo!

* leerden we weer wat bij op de gitaar. De vingertopjes worden het stilletjesaan gewoon, de variatie in akkoorden wordt wat groter, en de liedjes die we kunnen spelen al iets eigentijdser dan “Kumbaya”. Coldplay, hoe cool is da! In twee verschillende slagen dan nog wel. Ik word echt nog goed 🙂

* kriebelt de zon nog steeds. Ondertussen kwamen hier al een paar smsjes binnen van de zonen: mag ik straks na school nog even…? ’t Is zo’n goed weer. Ah ja zeker, dan moet ik ook niet te vroeg richting keuken. Win-win.

* moet ik nu dringend iets anders doen dan achter mijn scherm zitten. Straks is heel de zonnige dag voorbij zonder dat het gras aan mijn voeten gekieteld heeft. Dàt zou ik nu oprecht zonde vinden.

Voor u getest

…een recept van Dorien, maar niet hetzelfde als hier.
Deze voormiddag ging ik de tuin in om peterselie en prei te halen voor het doorgemailde recept. Halverwege was ik alweer vanalles anders aan het doen, en bleef eigenlijk heel de dag ver weg van de achterdeur. Als ik daar terug binnen zou gaan wachten er strijk, was & plas, maakt de vloer mij duidelijk dat “een dweilke” niet zou misstaan, en schreeuwt de stofzuiger om aandacht. Staalhard negeren dus, zeker als er zo’n zalig zonnetje schijnt.

Vorige week zijn we nogal hals-over-kop binnengevlucht toen het ineens begon te stortregenen, dus raapte ik nog wat resten klimop in zakken, ordende het tuinhuis een beetje, zette het gereedschap waar het moet staan, keek eens naar de moestuin, en toen naar het terras. Blaadjes op het terras. Hele hopen, die altijd in de hoek bij mekaar waaien. Het perfecte winterdeken voor de groentenbedden, die nu echt wel leeg beginnen te geraken. Dus begon ik blaadjes bij mekaar te vegen. En ik weet niet hoe dat bij jullie gaat, maar als ik dan begin, dan zie ik vanalles dat nog gedaan kan worden. Verloren gerolde ballen, een barbecue die nog vol as ligt, een emmer steenafval, de tuinstoelen die misschien deze winter toch wel beter eens binnen zouden staan, de voederhuisjes die dringend omhoog moeten…enfin, genoeg om mij bezig te houden tot meneer des huizes kwam roepen dat het koffietijd was (zei ik al dat zijn nieuwe oude functie een zaligheid is?) Daarna deed ik nog een half uurtje verder, maar toen gingen de hemelsluizen weer open. Verzopen jongens arriveerden, tijd om aan eten te denken.

Het recept dus. De prei kwam uit de winkel in plaats van uit de moestuin, al de rest stond klaar.  Euh ja, ik was dat toch gaan halen? Niet dus, vergeten eigenlijk, dus meneer trok zijn katchou botjes aan om naar vanachter te pletsen. Compleet met pillamp, wegens al donker.

Alles was eenvoudig te volgen, vereiste geen speciale technieken, en het eten was op een dik halfuur klaar. De meningen waren weer zeer verdeeld, maar dat lijkt bij ons een constante te zijn als we testen voor het boek.
Jongste zoon deed zijn best en at driekwart van zijn bord leeg toen hij besloot dat hij het niet zo lekker vond. Derde zoon deed 1 hap en zette zijn joker in: boterhammen. De twee oudste zonen vonden het “oké, mwoh, ja, ni slecht”, maar die zaten met hun gedachten al bij hun avondje uit. Gegarandeerd dat ze straks nog een klein hapje willen eten, en dan vraag ik naar een uitgebreidere omschrijving. Meneer vond het de eerste keer oké, maar toen we drie uur later nog een klein hongertje uit de wereld hielpen vond hij het lekkerder, omdat alle smaken meer vermengd waren. Ikzelf vond het lekker, eerste en tweede keer.
We aten spaghetti met prei en walnotenpesto.

pasta mat prei en walnotenpesto

Nu nog een verslagje doormailen naar Dorien, en dan kan ik ein-de-lijk beginnen snuisteren in de zadenlijst van Velt, en in mijn nieuwste aanwinst. Jeuj, weekend!

Heropbouw

…ofwel: belofte maakt schuld.
Toen we bij de aanleg van de borders gras afplagden, was mijne meneer (enthousiast as ever) rond de schommel bezig, en zat plots heel zijn schup door de schommelpaal. Dju toch! Twee van de vier palen waren volledig doorgerot, net boven de grond. Volgens ons had die schommel nog een hele tijd te gaan, maar volgens de firma konden ze daar geen garantie op geven. De oudste (bijna 16) vindt dat allemaal geen ramp, maar de jongste liet toch wel een traantje toen we lieten verstaan dat we geen nieuwe schommel zouden kopen.

We noteerden “schommel maken” op het to do lijstje voor deze vakantie.

Jongste zoon is nu op kamp, en het plan is om met de overblijvende palen een constructie te maken die vasthangt aan de boomhut, zodat hij ook “zijnen tijd” nog kan schommelen. Grote verrassing dus als hij thuiskomt.

Eerst werd er bepaald waar de steunpalen moeten komen, om toch niet te veel in de weg te staan.
Daarna inventaris: hoeveel vijzen zijn er nog, wat hebben we nog allemaal nodig? Nu ja, da’s hier al helemaal geen garantie dat we daarna niet meer naar de doe-het-zelf moeten hoor, gelukkig is dat niet ver. (ondertussen weet ik dat het bij twee keer winkelen bleef, zowaar een groot succes)

vijzen, moeren en boren

Oudste zoon roepen om een beetje te komen helpen. Nog eens roepen. En nog eens.
Vervolgens samen met hem palen en ondergrondse verbinding aan mekaar monteren.
Graszoden afplaggen en graven. Putten voor de palen, en een geul voor de dwarsverbinding.

zoden plaggen

Meten en bijwerken

meten

Palen rechtzetten en nokbalk toch bovenop het verdiepje van de boomhut leggen in plaats van onder aan de vloer te hangen. (Ja, dat plastiek dak is mottig, maar dat moet nog weg. Dat diende om te beletten dat de zonen langs daar naar buiten zouden klauteren en van veel te hoog vallen. Ondertussen hopen we dat ze dat zelf weten)

nokbalk

Controleren of alles een beetje in het gelid staat.

kijken of alles waterpas staat

We kregen zelfs goedkeurende blikken van een schattig kattenjong dat zich wel heel dicht bij onze tijger waagde. Buiten een beetje geblaas gedroeg ons Pluis zich nogal ongeinteresseerd.

kattenjong piept van bij de buren

Pluis kijkt naar kattenjong

Nokbalk aan de palen bevestigen, en greppeltje toegooien. Let vooral op de typische klederdracht van de puber hier ten huize. Echt zeer gemakkelijk om te werken 😉

greppeltje toe

Vervolgens deed de man des huizes de aanstampdans, met de elegantie hem eigen, en puzzelde hij de zoden weer in mekaar.

zoden terugleggen

Vijzen door de nokbalk kloppen (jaja, zo doen wij dat hier met vijzen, heel dikwijls),

vijs inkloppen

touwen eraan en testzwieren. Ok bevonden, kleinste zoon zal blij zijn!

schommel testen

Net op het ogenblik dat mijn fototoestel even opzij lag om ’t één of ’t ander vast te houden vloog er een koninginnepage voorbij. Een prachtige vlinder, die hopelijk nog een keertje langskomt om te poseren…

Na een verdiend natje en droogje was het tijd om ander speelgoed boven te halen.
Jongens hé 🙂

boyz