Auteursarchief: Heidi

Keukenverbouwingen – 13. Veel werk, waar je niks van merkt

*Gaatjes in muren vullen, schuren, nog eens vullen, schuren, eindlaagje, schuren.
*Isolerende primer aanbrengen, zodat al die vulling straks niet loslaat als het vliesbehang eens moet geherpositioneerd worden (of hoe zeg je zoiets, als zo’n flap niet loodrecht hangt en je ze er weer af moet halen en opnieuw beginnen? zonder isolprimer: miserie)
*Vliesbehang omhooghangen, en waar nodig naadjes bijplamuren, schuren.
*Sms’en, mailen en bellen met de keukenbouwer. Over een aantal toch wel niet echt fijn afgewerkte dingen, over timing en planning. Besluit is telkens hetzelfde: komt goed.

kastenwand in 't vuil gangske
*Kastenwand in de gang af- en uitwassen, en inladen.
*Rolluikkast wind- en waterdicht afwerken, met extra isolerend laagje.
*Gordijnrails afwassen, gordijnen wassen.
*Folie van de kasten halen, lijmsporen en vette vingers verwijderen, kasten uitwassen en inladen.
*Opruimen, ritten naar het containerpark, poetsen, stofzuigen, ramen lappen, verfborstels uitwassen.

eindelijk spotjes
*Spotjes hangen waar al jaren tutjes draad uit de muur piepen. Het duurde bijna een hele dag voor er iemand van de zonen het doorhad. Die kale muren, en die industriële stofzuiger, dat is binnenkort verleden tijd.
*Ontelbare ritten naar doe-het-zelf en verfwinkel.

plinten terugzetten, stopcontact afgewerkt
*Plintjes op maat zagen, terugzetten, opvoegen.
*Afdekplaatjes van schakelaars en stopcontacten vervangen en eindelijk afwerken. Na 20 jaar zijn bepaalde dingen uit het gamma, en als je dan eindelijk de afdekplaatjes wil monteren blijkt dat je alles moet vervangen, want niks is nog compatibel met het oorspronkelijke inbouwplaatje. Aaaaaaa…uitstelgedrag is voor niks goed!
*Verven. Hele muren, dat zie je natuurlijk wel, maar retouches en veel herstellingen daar waar vakmannen vette potloodlijnen of vuile vingers achterlieten, daar kruipt enorm veel tijd in in verhouding tot het waw-gehalte.
*Kuisen. Again.
*Haarscherpe randjes tussen twee verschillende kleuren verf maken. (plafond-muur, of twee verschillende kleuren muur die op mekaar aansluiten). Lijkt zo normaal als je het ziet, maar betekent afplakken, siliconenvoeg maken en mooi uitstrijken, verven, tape en afplakfolie weg. Mooi resultaat, al zeg ik het zelf.
*Gordijnrails terughangen.
*Gordijnen ophangen, en alle haakjes die dreigen los te laten eens extra vastnaaien.
*Verf van vloertegels schuren. En nog eens, en dan nog een keer. Denken dat sommige dingen wel vanzelf zullen slijten.

afgewerkte binnendeuren
*Binnendeuren schilderen, en nadien het glas schitterschoon poetsen. Deurklinken en scharnieren terug monteren, deuren terughangen. Leve een tochtvrije living!
Die lelijke laminaat moet ook nog weg, maar dat kan pas in januari.

aluminium afdeklat voor schuifraam wordt teruggehangen
*Afdeklat voor de schuifdeur op maat zagen en terughangen.
*Stelling demonteren.

lamp ineenfoefelen
*Lampen hangen. Niet van het populaire woonwarenhuis, maar alles wat Scandinavisch is moet je blijkbaar zelf monteren.

kerstboom en minimaal magazijnhoekje
*Alle meubels terug op een min of meer normale plek zetten, stof afnemen en de kerstboom zetten.
*De “magazijnfunctie” van de woonkamer beperken tot één hoekje.
*Alle sporen van verf, cement, lijm en typische verbouwingsdingen proberen te wissen uit de uitgietbak in ons waskot. Missie absoluut nog niet volbracht.
*Fototoestel nog even veilig weg laten liggen, wat gsm-sfeerbeeldjes doorsturen naar de supporters aan de zijlijn (leve WhatsApp) en genieten van de weergekeerde rust.

Tussendoor genoten we van het sneeuwlandschap, musiceerden de zonen en man nog mee in het sprookje “Het meisje met de zwavelstokjes”, hielp ik mee op een marktje “ten huize van”, zitten er al heel wat fantastische en een paar ronduit nutteloze lessen Meesterherborist op,  werden er al wat cadeautjes gekocht en zijn de examens voor de twee jongsten alweer voorbij. Huizenhoog cliché, maar de tijd vliegt!

Deze namiddag komen de gordijnen, morgen wordt er voortgewerkt aan de keuken. Werkblad, spoelbak, kookplaat, vaatwas: komt goed!

Beu? Nee. Echt niet.
’t Mag beginnen voortgaan nu, dat wel, maar elke dag is weer een stapje vooruit, en elke dag is het beter dan we het hier ooit gehad hebben. Jeuj!

Oh ja, dag Miet! Bart vroeg om vanaf mijn virtuele erf eens te zwaaien naar jou. Bij deze 🙂
Zeg hem maar dat het toch nog goed komt voor oudejaarsavond, en doe hem veel groetjes van ons 😉

 

Advertenties

Keukenverbouwingen – 12. Muurtjes, in alle maten

Nadat alle kasten gemonteerd waren, kwam er een andere schrijnwerker om valse wandjes te zetten.
In zijn atelier was alles al min of meer op maat gezaagd, ’t was alleen nog een kwestie van binnendragen, hier en daar wat aanpassen en stevig bevestigen.

Dat binnendragen was voor mij al een uitdaging: zwaar, groot, lomp en vooral met vreselijk venijnig snijdende randen daar waar het verstek voorzien was. Werkhandschoenen: waarlijk onmisbaar in dit geval.
Heel ons magazijn stond opeens vol muurtjes in wording.

muurtjes, al dan niet gemonteerd
Er werd gemeten en gevezen, voorbereid voor de dag daarna, en klaargelegd om te verven. Nachtwerk voor mij, gelukkig met verf die na amper twee uur droogtijd overschilderbaar is, want een schuifdeur is makkelijker te voorzien van een kleurtje als ze op schragen ligt dan wanneer ze al tussen muur en nieuwe kasten gemonteerd is.

vals wandje

’s avonds

voila, geverfd

’s morgens

dampkapluifel, nu perfect in orde

Die afwaskeuken uit het vorige bericht, dat was -uiteraard- een zeer tijdelijk gegeven.
De enige wateraansluiting werd verlegd naar haar definitieve bestemmingen, en samen met de mal voor het werkblad en wat restjes deur en plint ligt onze oude spoelbak nu op de plaats waar de nieuwe moet komen.

wateraansluiting voor stoomoven
voorlopig mozaïek keukenblad

Alles werd nauwgezet waterdicht gemaakt met siliconen, zodat de afwas nu wel in de keuken kan gebeuren. Voorlopig nog met een waterkoker, de boiler komt pas als de definitieve spoelbak er is. Gelukkig bestaat er een vaatwasmachine! Een vervangtoestel, maar dat doet perfect wat het moet doen.
De opbergkasten in dat gangetje kunnen geplaatst worden.

lege gang, klaar voor opbergkasten

Alles werd geschilderd en opgeruimd, en het voorgemonteerde ladenblok werd met de hulp van enkele zonen op zijn plaats gezet.
Voor de schuifdeur was het een beetje passen, meten en goed afstellen.

schuifdeur monteren
Hier en daar werden er nog wat prutserijtjes afgewerkt: scharnieren vervangen, greepjes op de deuren gemonteerd, bovenkastjes geplaatst, en dan konden de eerste toestellen er eindelijk in.

Gedaan met improvisatiekoken in zo weinig mogelijk potten: eindelijk twee deftige ovens en een warmhoudlade die in combinatie met een inductieplaatje van IKEA een hemel op aarde zijn in vergelijking met wat het ooit was. En dan moet de “echte” kookplaat nog komen!
Ook de dagelijkse tripjes naar de koelkast in de garage zijn afgelopen. Er staat er nu één in de keuken, hoe tof is dat zeg! (en hoe moeilijk om dat ochtendwandelingetje naar de garage af te leren…)

Nu is het weer aan ons: terwijl we wachten op werkblad en toestellen doen wij verder met schuren, vliesbehang plakken en verven. Er is nog een rolluikbak die wat isolatie en afwerking kan gebruiken, en de binnendeuren worden na 20 jaar helemaal gerestaureerd. De biplexplaatjes die daar ooit voorlopig ingezet werden omdat glas en kleine kinders geen goeie combinatie was zijn voor het containerpark, de deuren werden allemaal naar een schrijnwerkerij/glashandel hier in de buurt gebracht, en binnenkort ga ik ze met de verfborstel te lijf.

De gordijnen zijn besteld, over de vloer zijn we het ook eens: ’t geraakt hier echt nog helemaal af 🙂

Keukenverbouwingen – 11. En toen was ’t voor echt

Ooit, lang geleden, in de zomer, begon Woonfase hier drie dagen te vroeg.
Het begin was heel simpel: maak van uw huis een lege ruimte, en denk daarna alleen nog in termen als “opslagplaats” en “magazijn”.
Daar komen dan vanzelf populaire vragen en begrippen bij: “waar ligt …?” , “uitdaging” en “geordende chaos” werden hier veel gebruikt.

living met magazijnallures

IMG_20170827_171709
We hadden een gangetje van ergens aan de voordeur, tot ergens waar de keuken moest komen, en de man die alles hier op zijn plaats moest monteren voelde zich tussen al die halve en hele kasten als een visje in het water.

Het grote wandmeubel, daar zou hij mee beginnen. De onderkastjes stonden heel rap, maar tot op de millimeter juist. Wat zeg ik? Tot op een honderste millimeter denk ik. Sommige mensen hebben een passie, en maken daar hun beroep van. Wel, M. is er zo ééntje.

IMG_20170826_154835
Die sleuven, die hadden we op voorhand gemaakt om de deuren zo diep mogelijk te laten wegschuiven, zonder de kast extra naar voor te moeten zetten. Eens passen en meten, en toch nog wat meer uitkappen. Gelukkig was man des huizes in de buurt, want zo’n kastje “efkes” presenteren, amai, dat weegt! Ook voor allerlei aanpassingswerkjes, zoals het betere kap- en breekwerk steken we zelf een handje toe. Dat maakt het ook een aangename samenwerking: we kunnen (en belangrijk: mogen) zelf meehelpen. Af en toe makkelijk voor M., die wat extra mankracht heeft, en ook voor ons, want al die professionele machines die hier zijn, amai, ne mens zou van minder lopen kwijlen 😉

IMG_20170827_171643Dat was het resultaat na dag één. Moeilijk om het mij nu nog zo voor te stellen, want ondertussen zijn we heel wat fases verder.

Die week kwam M. elke dag, klokvast (en heel vroeg in mijn beleving) ’s morgens. en ’s avonds vertrok hij wanneer er iets afgewerkt was, of wanneer de file opgeklaard was. Werken op de E4O… Lange dagen voor de man uit Diksmuide.
Een fijne man, die een koffietje op zijn tijd weet te appreciëren, die altijd maar verder doet, houdt van Radio 2 en een heerlijk droge humor hanteert, met het meest uitgestreken gezicht ever. Ik ben zwaar fan van M.!
Ook van zijn zelfgemaakte sorteerbakjes trouwens.

zelfgemaakte sorteerbakjes van de schrijnwerker

IMG_20170828_170712
Er kwam ook terug een afscheiding tussen gang en keuken, je weet wel, waar we die binnenmuur gesloopt hebben.

IMG_20170830_120728
IMG_20170905_125406
Aan de achterzijde is het nu breed genoeg om een heuse afwaskeuken te installeren. Sjiek jong, nooit meer vuile afwas in het zicht van de eettafel 😉
Wel andere rommeltjes (ahum), maar we zijn hier niet moeilijk.
Oh ja: dat stuk muur vergaten we niet te voorzien van een kleurtje, daar komen nog kasten.
M. lachte elke dag opnieuw met het feit dat hier echt op alle mogelijke momenten van de dag wel iemand aan tafel zat. Tja, pubers en nog vakantie, need I say more?

IMG_20170905_130113
Meetwerk: het werkblad moet juist zijn, en er komt zelfs eerst een mal om te controleren dat alles wel is zoals het moet zijn. Daarna kan de bestelling doorgaan, en zouden we na 6 weken helemaal geïnstalleerd kunnen zijn. Ondertussen weet ik dat dat niet zo is, soms lopen dingen fout, maar dat is des menschen, niwaar? Al komt deadline “Kerstmis” nu wel heel dicht…
We panikeren nog niet, want Conrad (links op de foto, voor man des huizes) sms’te
“komt goed”. Oké, dan rekenen we daar op. Menu en opkuis en tafelversiering zijn mogelijks iets minder dan andere jaren, sorry gasten!

IMG_20170901_143639

IMG_20170905_125429Toen was het eventjes gedaan voor M. Deze keukenkasten monteerde hij al helemaal, die staan klaar om op hun definitieve plaats gezet te worden. Eerst moeten er valse wandjes en een schuifdeur geplaatst worden, en dat gebeurt door iemand anders. Dat moet dan ook allemaal eerst geverfd worden, en net als meneer Natuurlijk-Rijk doe ik dat liefst als er nog niet teveel nieuwe meubels staan, want ik ben nogal enthousiast als ik aan de slag mag met borstel en rol.

 

 

 

Mijn zadenruillijstje: de tomaten

Wat toelichting bij mijn zadenruillijst, die je hier kan vinden.
De soorten die ik in aanbieding heb staan vet.

Best wel een hele lijst ondertussen…en een hele hoop potjes die hier de vensterbank bevolken.

fermenterende tomatenzadenVoor uw en mijn gemak hou ik het redelijk kort, en maak ik vier groepen: kerstomaten, “gewone” tafeltomaten, coeur-de-boeuf types en romatomaten.

Kerstomaten
*Pendulina Yellow: een nieuwe generatie tomaatjes, de plant hoeft niet te worden opgebonden. In de vollegrond wordt de plant breed. Eigenlijk is ze het meest geschikt voor potten en “hanging baskets”. De trossen met kleine heldergele kerstomaatjes hangen dan over de rand. Buiten uitplanten vanaf half mei, in de kas vanaf half april. Dit zgn. struiktype (zelftopper) hoeft niet te worden gediefd. Plantafstand 60-80 cm.
Wegens plaatsgebrek zette ik die in potten, en dat is altijd nefast… Ik vergeet dat water te geven. De momenten dat ze wel goed gesoigneerd werden: superlekker.
* Black cherry: donkere, middelgrote kerstomaat . Heel productief vroeg ras met roodbruin-rode ronde vruchtjes. Rijke, zoete smaak (sappig); ook geschikt voor pot. De eigenwijze tuinier, van wie ik deze zaden ooit kreeg, waarschuwde mij: het moeilijkste aan dit tomaatje? Wachten tot het donker genoeg is, en pas dàn in je mond steken.
* Green grappe: groene, druifgrote tomaatjes. Ze beginnen donkergroen, en rijpen af naar een iets geliger groen. Geen nood, de knik in het steeltje is een perfecte barometer om ze op het ideale tijdstip te plukken. Zeer productief.
* Sweet baby: wat mij betreft de allerlekkerste kerstomaat. Foto
* Zuckertraube: rode zoete kerstomaat. Zeer krachtige groeier, produceert grote trossen met rode smaakvolle zoete kerstomaatjes die net iets groter zijn dan gewone kerstomaten. De planten zijn geschikt voor teelt in potten en bakken.

Tafeltomaten
* Heidi: Een tomaatje dat ik moest en zou hebben, ah ja! Eddy bezorgde mij enkele zaden, met de waarschuwing dat ze al wat ouder waren, dus dat succes niet gegarandeerd was. Eddy, bij deze: tomatenzaden uit jouw collectie hebben het hier nog nooit laten afweten 😉 . Een rozerood, sappig tafeltomaatje, zeer productief en ook tot laat op het seizoen oogstbaar.
* Hellfrucht: zoet, vast, sappig trostomaatje. Vroeg. Volgens sommige bronnen dezelfde als Moneymaker.
* Rose de Berne: zeer productief ras. Rozerood. Oorspronkelijk uit Zwitserland afkomstig. Mooie ronde vorm met sappig en zoet vruchtvlees. Middelgroot, lekker, een blijvertje hier. Ik vraag mij af of die -e aan Bern daar niet te veel staat. De Zwitserse hoofdstad heeft dat toch niet?
* Tournesol blanc: zotjes, een roomwitte tomaat, die toch de heerlijke smaak van zo’n rode zongerijpte heeft. Ik kreeg de zaden van een Veltster, en deelde het jaar daarna zowel zaden als plantgoed uit. Ergens is er toch een kruising gebeurd, want ik had geen roomwitte, maar lichtoranje tomaten, met een feloranje tot rood “poepke”. Ook lekker, maar waarschijnlijk niet echt zaadvast. Voor de zekerheid vroeg ik zaden aan mijn schoonzus, die wel de perfect roomwitte had. Wie ze vraagt krijgt van die oogst, in de hoop dat ze niet gekruist zijn.
* Moneymaker: in de jaren ‘50 en ‘60 was de Moneymaker één van de meest populaire variëteiten om te kweken. Deze tomaat bracht in die tijd veel geld in het laatje bij kwekers, vandaar de naam. Tot op de dag van vandaag is het een populaire tomaat, zowel door de vorm als de smaak. De tomaten zijn middelgroot, 4 / 5 cm in diameter. De forse plant is zowel geschikt om te groeien in kassen als in de open lucht. Na zo’n 80 dagen kan er geoogst worden. Deze bleef ook maar vruchten maken, in november plukte ik de laatste trossen.
* Black Zebra: bruingroen-donkerrood gestreepte, middelgrote, ronde cocktailtomaat. Heel productief laat ras. Milde aromatische smaak

Coeur de boeuf
* Coeur de Boeuf van de markt van Edegem: zaden gewonnen uit een tomaat die mijn moeder op de markt kocht, en o zo lekker vond. Geeft een ietwat rozige, grote tomaat.
* Gildo Pietroboni: eentje die er elk jaar bij moét. Dit is de lekkerste dikkerd uit mijn serre. Rode, sappige, zoete tomaten, die per stuk tussen de 600 en 800 gram kunnen wegen. Rob vond ze ook lekker, een fotootje vind je hier.
* Roze Russische: die speelt volgend jaar niet meer mee hier. Weinig opbrengst, en niet echt “wow” van smaak.
* Terhune: type coeur-de boeuf tomaat, oranjeroze kleur. Grote vrucht met een redelijk aantal zaden, en een grillige vorm. Dieprood vruchtvlees, eerder fletse smaak en weinig productief. Hier zeker geen blijver.
* Amande pink: rozige, iets kleinere vleestomaat.
* Marvel striped: 
roze-oranje gestreept vruchtvlees, voelt sponsachtig aan bij het versnijden. Mooie, diep gelobde vruchten, met een grote variatie in vruchtgrootte.
Eerder melige, zoete smaak, en weinig zaden. Goed voor saus en soep, minder om zo te eten. Een zeer productief ras, waarvan begin augustus de eerste tomaat geplukt werd.

Marvel striped, klaar voor in de kookpotMarvel striped

* Russian persimmom:
abrikooskleurige vleestomaat, overheerlijk en zeer productief. Als ik mij niet vergis was dit één van de eerste die ik kon oogsten, en ook een plant die tot in oktober bleef gaan. 
* Marmande Franske:
 Katelijnse dikke vleestomaat. Deze werd nogal bejubeld op de zadenlijst van Velt, maar ik vond die wat tegenvallen, vooral qua opbrengst. Die komt in onze serre alleen als ik plaats teveel heb.
* Yubileyni tarasenko: een Oekraïense topper ontwikkeld in 1987 door de Sovjet-Unie tomatenkweker Fedor Tarasenko die zijn 75e verjaardag vierde in 1987 en de tomaat vernoemde naar deze viering: “Tarasenko’s Jubileum”. Krachtige, grote planten dragen grote clusters met ei-vormige vruchten van 100-150 g. De vruchten hebben een grappig spits uiteinde, het zogenaamde tepeltje. Ze hebben een zeer uitgesproken, evenwichtige, complexe en heerlijke smaak. Deze beschrijving haalde ik van ’t internet, bij mij overleefden de plantjes de transfer naar de serre niet. Ik kreeg vorig jaar echter zaden genoeg, ik kan delen.
* Burgess stuffing: Een tomaat om te vullen. Meer kan ik er niet over zeggen, ook deze overleefde de reis van warme keuken naar koele serre niet. Dat had vooral te maken met de ruwe behandeling onderweg. Krak, zei dat steeltje… Ik kreeg genoeg zaden om te uit te delen.
* Turks muts:
Een rare. Heel veel lobben en insnijdingen, gekke vorm, maar helaas snel geplaagd door ik weet niet wat. Amper vier tomaten heb ik daar van geoogst, en die verdwenen in de saus. Eerlijk is eerlijk: die krijgt volgend jaar een nieuwe kans.

tomatensaus

Roma
* San Marzano: de alombekende donkerrode saustomaat. Ik had gezegd dat ik ze nooit, echt nooit meer zou zetten, want die plant had altijd iets. Tot ik de zaden van Velt bestelde: geen omzien naar, en lekkere tomaatjes. Niet echt veel, dus misschien zal hij er volgend jaar toch nog uitgebonjourd worden.
* Amish paste: 
afkomstig uit de Amish gemeenschap in Amerika, waar deze tomaat sinds 1885 wordt geteeld. Hartvormig-ronde roma-tomaat. Zowel geschikt voor saus als om vers te eten. Middenlange rijptijd.
* Andine noire: donker, langwerpig, zeer productief. Prima voor saus.

 

 

 

Computers die het laten afweten

…dat is om het van te krijgen. Tijdens de keukenverbouwing lag mijn laptopke veilig weg voor alle stof op onze slaapkamer. Compleet verwaarloosd, daar had ik even geen tijd voor.

Toen die tijd er wel weer was, voelde het ding raar aan. De trackpad reageerde niet, ik voelde zelfs geen klik. Raar. Tot ik eens naar de onderkant keek. In plaats van een mooi vlak bodempje leek mijn computer wel gesmolten en nadien terug opgesteven. Bah.

Ook met een externe muis: geen reactie.
Met toetsenbordcommando’s lukte er wel nog één en ander, maar daar ken ik te weinig van. Frustrerend.

Het einde was al wel langer in zicht, maar toch. ’t Komt altijd ongelegen.

Gelukkig staan de belangrijkste dingen op een externe harde schijf, en heb ik een “time-machine” kopie van alles. Terugzetten van bestanden en programma’s zou geen probleem mogen zijn. In theorie. Om één of andere reden vindt de nieuwe computer mijn zorgvuldig gemaakte backup niet, is mijn fototoestel een nobele onbekende en blijken de time-machine voorkeuren niet zo vlot instelbaar als ik wel zou willen.

Ook de programma’s krijg ik dus voorlopig niet overgezet, geen Photoshop, Bridge en andere dingen die ik gewoon was, dus dat wordt nog een beetje puzzelen, ooit, als ik tijd heb.
En balen, nu, want ik puzzel niet graag met computers.

Mijn zadenruillijstje: de blaadjes

Wat toelichting bij mijn zadenruillijst, die je hier kan vinden.
De soorten die ik in aanbieding heb staan vet.

Omdat sla niet per definitie saai konijnenvoer moet zijn: een assortimentje fris groen om creatief uw bord te vullen. Gewoon laten in bloei komen kan natuurlijk ook, zo heb je weer zaden om volgend jaar te ruilen.

Spinaziezuring kreeg ik enkele jaren geleden via deze ruil. Ik zaaide een rijtje, en er gebeurde niet veel. Bij een tweede poging wel. Dit is een vaste plant, steeds weer het eerste frisse groen dat komt piepen, en ik zaaide het aan de rand van een moestuinperk waar ik nogal last heb van oprukkende legers slakken. Die vinden die spinaziezuring wel ok, maar kunnen het gewoon niet bijhouden, dus ze blijven meestal daar in de buurt hun buikjes rond eten.
Door de forse groei kunnen wij het ook niet bijhouden, en krijgen de kippen regelmatig wat oogst toegestopt. Ze steken zelf ook hun kop door het hekje om te “grazen”, dus ’t valt in de smaak. Iets waar je geen werk aan hebt, en dat ook niet woekert (hier toch niet). Ik zou het ook in de siertuin durven gebruiken, alles staat er nu in november nog steeds fris bij. Na aanhoudende vorst verdwijnt het blad, om dan in de vroege lente terug te komen.

Nieuw-Zeelandse spinazie: een soort die hier ook nooit wilde ontkiemen, tot die ene keer. En toen vergat ik te oogsten… Ik kan niks zinnigs vertellen over de smaak, maar het is wel een toffe plant die veel zaden produceert. Blijft groeien, en je kan er van blijven plukken. Ik probeer hem zeker opnieuw, deze keer om op te eten.

Rode tuinmelde is een éénjarige, waarvan de jonge blaadjes rauw gegeten kunnen worden. Zeer mooie donkerrood-paarse kleur, die ook perfect in een siertuinborder kan. Alleen is dat voor mij te veel werk om elk jaar opnieuw een eenjarige te voorzien. In de moestuin, op kale grond, zaait de plant zich iet of wat spontaan uit, maar niet in die mate dat het vervelend wordt (hier toch niet). Waar hij niet gewenst is is hij overigens zeer makkelijk uit te trekken. Ik gooide een massa zaden in een hoekje waar ik nog wat kleur wilde, maar daar kwam niks boven. de rijtjes die ik in de moestuin zaai kiemen wel altijd. De plant wordt zo’n anderhalve meter hoog, en produceert heel veel zaden. Ook hier deel ik met de kippen.

Oost-Indische kers groeit hier in een kleurenwaaier van roomwit over geel en oranje tot rozerood. Ik vind de roomwitte en de donkere het mooist, maar welke er uit de gemengde zaden die ik heb zullen komen is niet te voorspellen. Alles kruist met mekaar, en palmt tegen het einde van het moestuinseizoen zowat alles in.
Nu liggen de verlepte blaadjes als een dekentje over de moestuin, en daar mogen ze blijven tot in het voorjaar, Zo beschermen ze de grond, en vogels vinden onder dat dekentje zowel zaden als insecten. De grond eronder is lekker kruimelig in de lente.
Bloemen, blaadjes én zaden zijn eetbaar (en lekker pittig). De zaden kan je ook inmaken als kappertjes. Project voor volgend jaar.
Ik zaai ondertussen geen Oost-Indische kers meer, die komt overal spontaan op. Wat teveel is haal ik snel weg, in de lente zit ik meestal knabbelend in de moestuin. Heerlijk, die blaadjes.
Als er niet genoeg in de buurt van de boontjes staan, dan verplant ik ze even, want luizen zijn gek op dit plantje (en zo hou ik ze weg van de bonen)
Mogelijk besteed ik ooit nog eens een logje aan de heilzame werking van dit plantje, dat zou mij nu te ver voeren. Op mijn to-do lijstje voor volgend jaar staat tinctuur maken, hier vooral voor de reinigende werking op (puber)huid.
Echt, een toppertje! De zaden van “Milkmaid” zijn wel bijna 100% zeker alleen roomwit.

Chinese bieslook is ook zo’n veelzijdig ding. Blad, bloem en zaden kunnen gegeten worden, ook bij deze plant kunnen de onrijpe zaden als kappertjes gebruikt worden.
Een iets breder blad dan bieslook, afgeplatter en wat bleker groen. De bloemen zijn grote witte bollen die bestaan uit allemaal kleine bloempjes. Perfect winterhard, de zaden zijn koudekiemers. Na enkele jaren kan je zeker de plant delen, en hij zaait zich ook spontaan uit (in de directe omgeving van de moederplant).

De oerprei is ook eentje uit de alliumfamilie. Een lichtgroen, winterhard preitje, dat groeit uit een bol. Je kan er van snijden zoals bieslook, hij groeit wel terug. In augustus verlept het blad, en kan je de bollen opgraven om uit te delen. Ik ben daar veel te lui voor, en kijk, ik kreeg nog een tweede kans: prachtige witte bloemen, die ook voor veel kleine zaden zorgden. Ik heb zelf geen ervaring met het zaaien van deze oerprei, maar hoorde al van veel andere mensen dat het perfect lukt.
Verplanten en teeltwissel hoeft niet echt, bij mij doet hij het al jaren goed in de vaste kruidenborder. Dicht genoeg bij mijn wandelpad, zodat ik in de winter vlot kan oogsten. Heeft (hier toch) geen last van roest of preimineermot.

Wie foto’s wil zien moet misschien eens de zoekfunctie op mijn blog proberen, en anders vriend Google. Zoals de planten er nu bij staan zijn ze niet echt fotogeniek, ik heb geen sokken aan dus buiten lopen wordt te koud, en er roept een plafond heel hard “schilder mij! schilder mij!”. Dus als u mij wil excuseren nu?

 

 

 

Mijn zadenruillijstje: de pepers en paprika’s

Een eerste toelichting bij mijn zadenruillijst, die je hier kan vinden.
De soorten die ik in aanbieding heb staan vet.

Pepers en paprika’s, een mens kan daar nooit genoeg van hebben, vinden wij hier. Omdat onze serre maar een beperkte oppervlakte heeft moet ik elk jaar hartverscheurende (nu ja) keuzes maken, woekeren met beschikbare oppervlakte, en toch ook altijd een aantal planten buiten zetten.

Dit jaar loste ik het op met een trucje van Diana: 3 planten op de plaats van eentje. Dat ging behoorlijk goed. Een steunpaal in de grond, en drie plantjes er rond planten. In het begin liet ik ze wat doen, maar eens de planten blad genoeg hadden verwijderde ik alles tot een hoogte van ongeveer 25 cm. Blote stammetjes, en behoorlijk wat opbrengst.

De zoete puntpaprika’s (zaden van Rob) deden het buiten beduidend beter dan in de serre. Ze rijpten buiten veel vlugger af, en hadden ook veel meer vruchten per plant. In de serre stonden ze dan wel tot vandaag, terwijl de buitenplanten al zo’n maand niks meer doen.
Ook Lipstick was zo eentje. Mooie rode vruchten, veel vroeger rijp buiten dan binnen, en ook veel productiever. Ze bleven in de serre wel tot na het eerste vorstprikje hangen. Vandaag werd de plant verwijderd, en oogstte ik de laatste paprika.

paprika Lipstick
Carribean red, daar is voorlopig niet veel rood aan. Te laat gezaaid? Te weinig licht en/of warmte? De plant werd vandaag ook uit de serre gehaald, nadat ik nog een massa grote, mooi groene vruchten oogstte. ’t Schijnt dat paprika’s niet narijpen, we zien wel.

paprika Carribean red
De lekkerste dit jaar was ongetwijfeld Doe Hill, een afgeplat geel blokpaprikaatje, met sappig, zoet vruchtvlees. Het exemplaar op de foto is van vandaag, en heeft nog een klein groen stukje, maar eind augustus tot zowat half oktober aten we veel van die lekkere geeltjes. Ze waren toen ook iets groter.

gele blokpaprika Doe HillAlma zette ik dit jaar niet zelf, de zaden zijn van vorig jaar. Een roomwit afrijpende buitensoort, maar niet echt waw vinden wij hier. De struik groeit ook nogal chaotisch, en geeft zo nogal wat kans aan slakken. Ik herinner mij dat die paprika’s altijd pas heel laat rijp waren, en dat ik ze dan eerder aan de kippen gaf dan er zelf nog iets mee te doen. Nu ja, misschien kunnen jullie beter 😉

Sweet Choco, da’s eentje die hier volgens mij nog nooit al zijn troeven heeft uitgespeeld. Weinig opbrengst, dun vruchtvlees, maar wel lekker zoet, en met die speciale donkerrood- tot echt chocoladebruine kleur. In de serre geen enkele vrucht, en buiten waren de slakken mij meestal voor. Ik geef hem volgend jaar nog een kans, maar als er niet meer opbrengst is vliegt hij onverbiddelijk uit mijn collectie.

De mini oranje paprika’s zette ik met drie in een pot. Ooit gekocht als een leuk hebbedingetje, bij Ecoflora, maar uiteindelijk is dat niks voor een groot gezin. Er zijn nooit genoeg paprika’s samen rijp om eens iets deftig mee te doen, en het is veel te veel prutswerk voor mij voor wat het maar opbrengt.
Ik vond ze ook niet echt fantastisch van smaak. Je hoeft ze natuurlijk niet op te eten, een plantje met kleine oranje paprika’s is ook wel gewoon mooi op een balkon of terras. Ik zet ze niet meer, dus heel mijn voorraad zaadjes mag weg.
Om een idee te geven van het formaat legde ik er eentje op een dessertlepel. Ze zijn wat verrimpeld omdat ze louter voor zadenoogst gebruikt worden.

mini paprika oranjePepertjes, da’s altijd een succes: een beetje tot heel veel hot is hier altijd welkom.
Red Fire geeft een massa leuke vruchtjes die omhoog staan aan de plant, en kleine kaboutermutsjes lijken. Deed het zowel in de serre (in een pot) als buiten in volle grond uitstekend. Omdat we zoveel pepertjes niet zomaar eventjes opeten droog ik ze, en zo zijn ze enkele jaren houdbaar. Heerlijk om een spaghettisaus of soep mee te pimpen.

Ook de Rode cayenne is zo eentje. Heet, productief en makkelijk te drogen. Die stond dit jaar ook in pot in de serre, en buiten in volle grond.

Nog een heet dingske: Aji white fantasy. Al was dat niet altijd even duidelijk. Sommige vruchtjes kon ik eten als een paprika, terwijl oudste zoon (die echt wel veel pikanter eet dan ik) mij met een vuurrood hoofd beschuldigde van foute informatie.
Groter dan de vorige twee, roomwit afrijpend, en niet echt geschikt om als geheel te drogen. Misschien wel als je ze in stukjes snijdt, maar dat is dan weer te veel moeite voor mij. Ik denk dat ik ze verwerk tot een witte sambal, of invries. Wordt vervolgd.
Onderstaande foto nam ik vandaag, net voor de plant plaats moest maken voor spinazie. Zoals je ziet: nog behoorlijk fris. De verlepte blaadjes die je rechtsboven ziet zijn van de Smartmatplant. Als je goed kijkt zie je daar ook nog een groen pepertje aan hangen.

plant vol witte pepertjes Aji white fantasy
pepertje Aji white fantasy

Zowel Smartmat als Hellofresh hebben hier een aantal dozen geleverd, ooit. in elk van die dozen zat eens een pepertje, en ik vond dat de moeite om te proberen daar iets meer mee te doen dan gewoon in de saus te draaien. De zaden werden geoogst, en elk jaar heb ik hete Hellofresh pepertjes, en milde Smartmat pepertjes. Misschien kan een echte kenner er wel een ras op plakken, maar ik vind ze gewoon lekker. Ze zijn merkelijk groter dan de twee andere soorten.
Ze zijn perfect te drogen, maar dat vraagt meer tijd dan de Rode cayenne of Red fire.
Die van Smartmat (de milde) oogst ik ook groen. Vandaag werden de laatste geplukt.

Hieronder van klein naar groot: Red fire, Aji white fantasy, Rode cayenne, Hellofresh en Smartmat, allemaal vanop het droogrek.

pepertjes van klein naar groot
Voor wie niet meedoet met de zadenruil bij Rob: je mag het steeds laten weten als je zaden van iets zou willen proberen. Als er nog over is stuur ik met veel plezier een pakje op.

Tot slot nog een prentje van de oogst van de dag. Ik ben heel blij dat ik een groentenhofke heb dat een beetje zelfredzaam is.

oogst van de dag