Maandelijks archief: juni 2016

Oh jee, zo nat!

Als dat maar goedkomt, met de helft van mijn kroost, ginder op Werchter. Ik hoop dat ze niet verzuipen. Die Nekkerhal had nu toch al open kunnen gaan?

Gelukkig zijn ze er geraakt, hebben ze mekaar gevonden, zitten ze dus op dezelfde vijver camping en staan volgens de laatste berichten de tenten bijna recht. Nu hopen dat dat vanavond geen zwembadjes zijn.

Geef mij maar een concert in een schone zaal met gemakkelijke zeteltjes…

 

’t Is al voorbij

Het eerste jaar herborist zit er op. Gisterenavond kwam iederen naar de examenles met een zelfgemaakte bereiding, en ’t mag gezegd: stuk voor stuk pareltjes.

Een parfum, een haarmist, anti-jeukstick, heerlijke rode wijnazijn, WC-bruisblokjes, een theemengeling, ginko-capsules, propolistinctuur, machtig lekkere snoepjes, badbruisballen, verschillend zalfjes en crèmes die deze zomer zeker van pas zullen komen… Heerlijk!

Het leuke was, dat iedereen ook voor alle anderen een klein testertje gemaakt had. Receptenfiches werden uitgedeeld, een woordje uitleg gegeven over het hoe en waarom, en hier en daar gaf de docente nog een handige tip. Topdocente trouwens, die sinds kort ook advies geeft in Herbacos. Probleempje met een kruidenbereiding? Allen daarheen op donderdag, en doe Anja mijn groetjes! (en neen, deze post is niet gesponsord).
Veel van de recepten zullen deze vakantie gemaakt worden, er is niks bij dat ongelooflijk ingewikkeld of totaal onbruikaar is.

Fijn ook als na afloop de vlierbloesemchampagne wordt bovengehaald – een blijvertje. Heerlijk fris, niet te zoet, niet te veel alcohol, en supermakkelijk te maken. De docente wist ons al met zekerheid te zeggen dat we er voor haar vak allemaal met vlag en wimpel door zijn, en dat het klasgemiddelde minstens 10% hoger ligt dan de vorige jaren. Ze bevestigde ons ook wat we zelf al wel doorhadden: we zijn een toffe groep om les aan te geven.

De allerlaatste donderdag van het schooljaar wordt ook aangenaam ingevuld: met z’n allen gaan eten.
Jammer voor de mensen die het ergens onderweg opgaven, maar de bende die doorgaat naar het tweede jaar heeft er zin in.

Geslaagd

Van één examen van oudste kennen we het resultaat al. Het minst belangrijke op de weg naar het middelbareschooldiploma, maar een handig hebbeding.

Hij legde vandaag zijn rijexamen af. En ja, het voorlopige kaartje mag omgeruild worden, missie geslaagd (al was volgens man des huizes een njet ook mogelijk geweest).
Niet dat ik daar enige verdienste aan heb. Buiten het ter beschikking stellen van mijn karretje, en op papier begeleider zijn deed ik niet veel. Eén keer zat ik naast hem in de auto, één keer als passagier op de achterbank (de twee begeleiders mogen hun pupil samen vergezellen).

Verder nam man des huizes de taak van rij-instructeur op zich. Met veel geduld, en massa’s minder stress dan ik.
De L en de extra spiegel mogen er uit, voor eventjes dan toch. De volgende in de rij staat klaar, al moet die tussen alle festivals en kampen in nog wel eventjes zijn theoretisch examen gaan afleggen.

Oudste overschat zichzelf mogelijk wel een beetje. “Nen otto is nen otto”, maar om nu al direct met de pickup van iemand anders “naar Frankrijk te cruisen” (sic), dat lijkt mij toch wat van het goede teveel. Mijn stekkedoos past daar twee keer in, minstens!
Mogelijk geeft man des huizes nog wat les in een dik wegmonster, mogelijk stellen we ons veto. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Examens

Vijf van de zes inwoners van dit huis doen examens deze periode. Man des huizes is de enige die niet meedoet. Bij de zonen is ’t nog van “moetens” omwille van leerplicht en toelatingsproeven, bij mij is dat eerder vrijwillig. Nu ja, de opleiding doe ik vrijwillig, de examens zijn een noodzakelijk kwaad dat er bij hoort.
Gelukkig zitten we in een module-systeem: lessenreeks gedaan? Exaam. Oef, zo is het een beetje gespreid, en kan mijn geheugen nog wat gewicht in de schaal leggen. Als ik oplet in de les is het achteraf studeren niet zo’n grote opgave.

Als de zonen er bijna van af zijn mag moeder beginnen: donderdagavond nog plantkunde, en volgende week praktijk.
Die plantkunde, daar zou ik gezien de resem Latijnse namen dringend aan moeten beginnen, maar dat verdomde (genetisch bepaalde, kweetet zeker!) uitstelgedrag speelt mij weer parten.
Voor praktijk is alles al in kannen en kruiken.

De opdracht: maak een bereiding, gebaseerd op wat dit jaar in de les gezien werd. Zorg voor een reclamefoldertje voor je product, en een receptenfiche voor de collega’s-cursisten. Testertjes of proevertjes zijn natuurlijk toegelaten, en de docente wil ook onze receptenschriftjes inkijken. Recepten die geprobeerd werden en voorzien van commentaar. Ze moeten zelfs niet gelukt zijn, want al doende leert men.

Zoiets, da’s spelen en prutsen voor mij. Geen wonder dat alles hier al klaar is, een week voor het eigenlijk moet.
Foldertjes en receptenfiche zijn met een beetje hulp van oudste (niet veel, ik ken er nog meer van dan ik dacht) samengesteld, etiketjes ontworpen, en vorig weekend maakte ik in twee keer voldoende insectenwerende lotionbars om deze zomer betenvrij door te komen én om uit te delen in de klas.

foldertjes insectenwerende bar
Deze namiddag was de stress voor plantkunde nog steeds niet aanwezig. Bars verpakken en mijn receptenschriftje illustreren vond ik veel leuker om te doen.

verpakte testertjes
examenbereiding: insectenwerende lotionbar
illustratietjes bij recept
receptenboekje kruidenbereidingen
Ik ben tevreden met mijn resultaten, en al helemaal nu die bar ook zeer effectief blijkt te zijn.

Ik was niet de enige met rare prioriteiten: zoon 2 moest dringend bijslapen, zoon drie lijkt zijn kamer te verbouwen (aan de geluiden te horen) en krijgt daar skype-gewijs aanmoedigingen en lachsalvo’s van vrienden voor, oudste vindt gamen belangrijker dan Frans, en jongste plakt weer aan zijn IPad. Knieën naast de oren, of voeten gedachtenloos in de lucht, ik zou in geen tijd een rare-houdingen-fotoalbum kunnen vullen met kiekjes van hem.

Zodadelijk teken ik nog wat verder in mijn boekje. Planten determineren zal wel lukken, en dat is al de helft van de punten. Morgen nog een hele dag, dat is echt genoeg voor wat namen en een paar schetsen van wortels, bloemen en takken. Toch?

 

 

 

Vlierbloesemtijd!

Olé! Vreugdedansje.

Twee flessen vlierbloesemchampagne staan al in de kelder. Ik had amper geduld genoeg om er aan te beginnen, en de eerste vier schermen die in bloei stonden werden direct geplukt. Misschien net ietsjes te vroeg, want het vergisten begon niet spontaan, ik heb na enkele dagen een mespuntje bakkersgist mee in de kom gezwierd. Daarna kwamen er bubbeltjes.
Elke dag ga ik eens kijken en draai ik even het stopje los, want hier en daar las ik al over ontploffingsgevaar.

Het ziet er raar uit, met wat vlokjes in de vloeistof, maar het ruikt wel lekker. Nog twee weken geduld, en dan kan ik zeggen of dit experiment voor herhaling vatbaar is of niet.

Natuurlijk wordt ook de favoriete confituur weer aangevuld. Abrikozen-vlierbloesem, dat blijft gewoon de allerbeste. Op de markt waren de abrikozen lekker en betaalbaar. De bloesems werden geknipt en lagen een nachtje te weken in sinaasappelsap, de pot ging op het vuur en zestien potjes pure verwenconfituur zijn nu klaar.

Naast het appelsiensap stond er ook water met citroen en bloemschermen te trekken voor vlierbloesemsiroop. Heerlijk in een droog wit wijntje, voor een Hugo of in een glaasje bubbels. Verder gebruik ik die siroop ook wel in plaats van gewone suikersiroop als basis voor sorbet. Vooral met citroensorbet geeft dat een fris resultaat.

Snoepjes, dat staat ook nog op het programma. Iets in de stijl van turks fruit, of fruitleer, dat moet haalbaar zijn, en als ik dan nog goesting heb maak ik bloesemgelei.

Met een restje vlierbloesemsiroop van vorig jaar, en verse bloemekes maakte ik ijsblokjes. Altijd handig als je wit wijntje net niet koel genoeg is. Kan natuurlijk ook gewoon in spuitwater… Bij mij lukte het omdat ik maar een halve kilo suiker op een liter water gebruik, van anderen hoorde ik dat de siroop niet bevriest omwille van het hogere suikergehalte.

Dit jaar ook een beetje niet-culinair gepruts. Vlierbloesems een tweetal weken laten trekken in appelazijn geeft een zachte lotion voor de huid. Da’s niet moeilijk, na het zeven staat het flesje gevuld, en ruikt heerlijk…naar vlierbloesem 🙂
Geen lotion nodig? Dan kan je deze azijn ook gebruiken in de keuken natuurlijk. Als basis voor een vinaigrette, of enkele druppeltjes op een fruitsla. Dankjewel AnneTanne voor de tip!

vlierbloesemolie, vlierbloesemazijn en gezichtscrème
Nog een beetje ingewikkelder is het recept van Anntje Peeters, voor een zachte gezichtscrème. Gezien ik allergisch reageer op alles wat parfumerieën en supermarkten verkopen om een vrouwenvelleke te soigneren ben ik zeer benieuwd of puur natuur wél zou lukken.

De jojoba-olie werd al getest, een hele week elke dag onder (en bijna in) één oog gesmeerd, en dat is tot hiertoe veelbelovend. Grote dank aan klasgenoot V. die mij haar flesje jojoba-olie uitleende. Geen tranen, geen pukkels, geen gezwollen oogleden.

Ik overgoot verse vlierbloesems met die olie en liet alles 24u trekken. Daarna goot ik het geheel door een fijne zeef, en mijn vlierbloesemolie staat nu klaar voor gebruik. Ik deed het geheel niet door een neteldoek, het blijft een beetje troebel door het aanwezige stuifmeel, maar dat vind ik niet erg.
De olie kan je zo gebruiken, of als onderdeel van deze crème.

Sinds de herboristenopleiding is dat recept geen compleet Chinees meer, en waagde ik het erop.

Het samen “blenderen” van de water- en vetgedeelten van de crème was geen goed idee: te weinig volume. Nadat ik alles met een pottenlikker weer min of meer bij mekaar geschraapt had klopte ik het met de hand stevig door mekaar. Een prachtig romig smeuïg smeerseltje.
Als dagcrème een beetje te vettig voor mij, misschien omdat ik mangoboter verving door cacaoboter? ’s Avonds, na een dagje buiten werken en een doucheke is het wel een zaligheid op je gezicht.
Na het bereiden zette ik de crème in de koelkast, en nu nog blijft hij stevig, maar smelt wel direct als je hem opbrengt. Ik heb ook de indruk dat de vermenging niet echt optimaal is, soms voelt het vet aan, dan weer waterachtig.

Nu is het eventjes gedaan, ik zou graag nog wat met vlierbessen proberen ook namelijk. Dan moeten er wel wat bloesems blijven staan hé…

Wie er ook nog wil aan beginnen: haast je, ’t is bijna voorbij. Wegens uitstelgedrag (ik neem morgen dat fotootje wel) stond die post hier veel langer in concepten dan gepland.

 

Nog eens over de tuin

Vorig weekend, en het stuk week tot nu toe: tuin!

Enig achterstallig zaaiwerk werd uitgevoerd. Een mens kan geen courgetten verwachten als die zaden niet in een potje met grond geraken niwaar?

Hoopjes maken met zadenzakjes per bestemming, takken van de takkenwal gaan halen om plantenlabels van te maken, ecoslakkenkorrels en knolselderplantjes kopen bij de plaatselijke middenstand, en met veel meer dan gepland thuiskomen.

Eerst een plan: wat moet er nog gezaaid of geplant worden, waar, en hoe dringend?
Zalig, onder de notelaar op een dekentje een beetje liggen doen alsof je goed bezig bent. Ha! Poes kwam er gezellig bijliggen, en de zon schoof richting avond.

Alle gekocht plantgoed geraakte voor het onweer op zijn bestemming. De berg in het midden wordt voor een deel vast kruidenperk, andere stukken zijn “experimenteerruimte” voor éénjarigen, of zaaibed voor probeersels waar ik niet echt van weet bij welke andere planten ze passen. Er is nu nog niet veel te zien, maar dat komt wel.

berg met kruiden

We zijn al enkele dagen echt aan zwaar geknetter ontsnapt: op de onweersradar zag je de intense zones eerst pal over ons passeren, en na een keer refreshen was het gevaar geweken. Zo heb ik het graag, ik hou niet van spektakel in de lucht.
Op veilige afstand wel, niks prachtiger dan bliksems tegen een paarsblauwe lucht, maar als het nadert zit ik (echt waar!) constant te tellen hoe ver het gevaar nog is.

donderwolken

Ook het blaadjesperk in de moestuin werd helemaal opnieuw gezaaid, slakken werden handmatig (jekkes!) en met ecokorrels verder bestreden, en na drie dagen zie ik al fijne groene lijntjes. Het werkt dus echt wel, die oorlogvoering.

eindelijk sla
Ook de viooltjes varen er wel bij: zowaar een ongeschonden bloemetje!

viooltje zonder slakkenvraat
In de serre had ik -voorzienige vrouw- een aantal bakjes en zaaitrays gevuld met zaai- en stekgrond, om altijd wat sla of boontjes of kruiden klaar te hebben staan als er plaats leegkomt, of bij diefstal door duiven, slakken of kippen (onze buren zijn betrouwbare individuen). De reserves op de bank, zeg maar.

De theorie was mooi, de praktijk niet. Je moet dan namelijk zaaien, in plaats van alle dagen te denken “morgen”.
Als je dat “morgen” een aantal weken volhoudt, dan zijn die trays geen fluit meer waard. Poederdroge grond, en wanneer je dan denkt om die eventjes nat te gieten komen al die blokjes aarde gewoon bovendrijven en spoelen zo uit je bakje, van je handige plank, op de serregrond. Alwaar de paprika’s en aubergines niet blij zijn met een zanddouche. Hoe zou je zelf zijn?
De tomaten aan de andere kant trokken er zich niks van aan.

tomaatjes
Niet getreurd echter: bovenstaand scenario is het perfecte excuus om als volwassene heerlijk in de weer te zijn met gieter, schopje, bakjes en zand. Zwart zand, voor de gevorderde modderspelers. Veel vijfjarigen zouden jaloers zijn.
Dat schopje, dat was alleen in het begin. Droge potgrond en water laten zich veel makkelijker broodbakgewijs mengen met de blote hand. Echt, een aanrader.
Tegen de tijd dat de jongens van school kwamen waren mijn potjes weer netjes gevuld en mijn handen gewassen, dat spreekt.

Intermezzo met zonen, ijs, aardbeien en banaan, en daarna werden eindelijk alle courgettes, pompoenen en komkommers in die versgevulde potjes gezaaid. Met deze temperaturen verwacht ik dat ze eergisteren al vijf centimeter boven staan. Ja, ik weet het. Als je dat pakje geduld in de Colruyt vindt, ge moogt het mij altijd meebrengen…

komkommers, courgetten en pompoenen gezaaid
De zieltogende andijvieplantjes kregen een portie liefde (en water en verse potgrond) en zien er na een nachtje op intensieve zorg veel beter uit. Nog even aansterken en het zijn volmaakte reserves.
Voor de boterpeultjes zijn geen reserves voorzien, die doen het voortreffelijk. Dringend te plukken.

boterpeultjes
Alle bloemen die niet uitgekomen zijn (en waar ik nog zaden van had) zijn ook opnieuw gezaaid. Waarschijnlijk was er die eerste keer ook iets mis met temperatuur, vochttoediening of hongerige vogels en slakken.
Sommigen mogen ook nu nog een keer de mist in gaan, voor anderen was het echt het laatste wat ik uit het zakje kon schudden. We zien wel. Een groot spontaan succes: Nigella damascena. Uitbundig uitgezaaid, en zo mooi!

Nigella damascena
Morgen nog te doen: basilicum die ik gisteren buiten zette herzaaien. De monsters zijn geweest, slijm is alles wat er overbleef. Wortels, pastinaken en bietjes: idem. Die zijn zelfs nooit boven de grond geraakt. Ook de pas gisteren geplante knolselder: voor de helft verdwenen.

Daarna: van uit mijn luie zetel alles uit de grond kijken, hoewel het mij een beter idee lijkt om de huishoudelijke achterstand eens in te halen. Want zaden, dat groeit wel, maar de was springt hier nog niet zelf in de machine.
Aaah, het leven van een huisvrouw is zo mooi! 🙂

 

 

Een rondje tuin

Het lijkt wel een eeuwigheid geleden dat ik nog eens in de tuin kwam. Wat een vies weer dan ook! Verder is het natuurlijk een feit dat de dagen gevuld zijn met vanallesennogwat, en “tuin” dus soms geschrapt wordt.

Als we deze zomer iets van “bladgewassen” de naam waardig willen eten, dan is er dringend actie nodig! Ik zaaide alles ruim op tijd, en was verwonderd dat zelfs de radijzen zo lang op zich lieten wachten. Helaas: overal glinsterende sporen, alles wat maar durfde te komen piepen werd direct weggevreten door de slijmerige monsters. Alleen rode tuinmelde en spinaziezuring overleefden deels. Juist ja: onkruid. Wel lekker, schijnt.
Alles is ondertussen opnieuw gezaaid, en onder het net (duiven, kauwen, kakkende poezebeesten) strooide ik ook wat ecologische slakkenkorrels. Oorlog!

Mijn pikante pepertjes en enkele tomaten in pot werden ook belaagd. Pepertjes: onherroepelijk verloren, ook omdat ze een beetje verzopen en verkleumd waren, en daarbij nog vol bladluizen zaten. De mezen in de buurt doen hun best, maar ze concentreren zich nu vooral op de rozenstruiken om te fourageren.
De tomaten werden grondig geïnspecteerd, en van onder de randen van de potten haalde ik soms wel tien slakken. Bweuk! Netjes de GFT-container in. Die blijft open staan, en de kraaien weten dat. Zo dienen die slakken toch voor iets.

De ajuinen liggen te rotten op natte bedden. Hier en daar doet er eentje heel erg zijn best, ik laat ze nog even doen, en hoop op droog weer, zon en mirakuleus herstel.
Tussen, achter en over de ajuinen: Verbena bonariensis. O-VER-AL. Massaal veel, ontzettend vitaal en goed groeiend. Twee moestuinperken werden al gewied, nog wel enkele te gaan.

Echinacea? Slakkenvoer. Ook hier werd het probleem met eco-korrels aangepakt.
echinacea purpurea, kaalgevreten door slakkenGelukkig was het niet allemaal kommer en kwel: de tomaten en paprika’s in de serre doen het voortreffelijk, de salie die ik er van verdacht in staking te zijn bloeit met wondermooie bloemen.

Vijgen! Jeej, vijgen! Genoeg voor confituur, en chutney, en met geitenkaas, en nog veel lekkere dinges. Ikke blij!

Ook het Kattenkruid zorgt voor spektakel. Prachtig van kleur, en een magneet voor bijen, hommels en deze juffer.
juffer op KattenkruidDe Boerenjasmijn is één witte wolk, met veel verschillende bezoekers. Hommels, bijen, vliegen, zweefvliegen: ze zijn er allemaal.
witte wolk Boerenjasmijn

bijtje in bloem van BoerenjasmijnAan de overzijde, iets dichter bij de grond bloeit een blauwe wolk geraniums, en vlak daarnaast komen er binnenkort een massa gele pomponnetjes aan. blauwe wolk Geraniums

pomponnetjes

bloemen van Phlomis russelianaEen beetje té felgeel naar mijn goesting, maar de hommels zijn er stekezot van, en in de winter is die Phlomis russeliana een speeltuin voor vogeltjes. Misschien kijk ik toch wel eens rond voor een ander kleurke.

Eén hommel was echt wel een snoeperke: van de gele bloempjes naar het Vingerhoedskruid, naar de Smeerwortel en dan terug dat toertje.
Een andere was druk bezig om “in te breken” in Akeleien: in plaats van de nectar er uit te halen langs de open voorzijde maakte die gewoon gaatjes in de bloem, om zo met minimale inspanning maximale resultaten te halen. Niet vreemd, hier ten huize…

Aan het keukenraam staat een kanten kunstwerkje, een Klimhortensia. Jammer dat er zo weinig bloemen aan staan dit jaar, en dat die zich dan ook nog eens verstoppen.
klimhortensiaAchteraan in de “ruige hoek” keek ik naar een plantje van de hertshooifamilie en vroeg me af of het nu Sint-Janskruid zou zijn of niet, (het plantje is ondertussen gedefinieerd: Mansbloed) toen ik een schijnaardbei ontdekte. Bah! Woekeraars, met lelijke gele bloemen, en vruchtjes die door niemand gegeten worden.

Nog meer rood, veel centraler in het gazon. Zijn die dingen nu al tot daar gekropen?
Maar neen: een prachtig vlindertje(*?). Sint-JacobsvlinderNog veel feller ( en zeer beweeglijk!) met open vleugeltjes.Sint-Jacobsvlinder met vleugeltjes openToevallig hier om zoon drie een gelukkige verjaardag te wensen? Daar was het net op tijd voor: vieruurtje met verjaardagstaart en lekkere koffie, op verzoek van zoon zonder onze zoetgevooisde gezangen.
Hiphiphip…