Tagarchief: creatief

Zonen en knutselen, en hoe dat plaatje veranderde

Knutselen met mijn kinderen, in mijn hoofd was dat dé ideale bezigheid voor druilerige vakantiedagen. De tijd zou passeren, we zouden lieflijk met z’n allen om de keukentafel geschaard zitten, en tegen de tijd dat we wel een warme chocomelk zouden lusten zouden we enkele prachtige creaties rijker zijn.
Ahem. Iedereen die nog geen knutselende kinderen heeft en zijn droom niet uiteen wil zien spatten: hier stoppen met lezen.

De realiteit is dat mijn zonen toen ze klein waren en het regende veel te veel energie hadden. Ze plakten mekaar aan tafel, waren bodypainters nog voor ze het woord konden uitspreken, en gingen met de scharen eerder mekaars kapsel en kleren creatief te lijf dan dat ze papier knipten.

Wij deden na enkele pogingen liever van regendans en modderwandeling, dan nog zo’n stressnamiddag. De chocomelk smaakt trouwens beter als je koud en nat geweest bent.

Zo komt het dat ik hier nu een veel te grote massa knutselgerief heb staan. Elke keer dacht ik iets in de stijl van “dit zullen ze wél tof vinden”, of “daar hebben ze niet echt fijne motoriek voor nodig”. Geen doen aan, niks te knutselen.

Wel, ik doe dat wel graag. ZONDER kinderen. Ze mogen zelfs niet in de buurt zijn.

Ik hield mij vandaag in stilte – ’t wordt een gewoonte – bezig met allerlei zolderschatten, en maakte al een eerste stukje tafeldecoratie voor Kerstmis.

Ik zal het stap voor stap laten zien, wie weet krijgt ge ook nog goesting.

Uit de knutselbak van mijne meneer haalde ik een vlak blokje hout.
Van het internet een tekening, die ik twee keer afdrukte en opkleefde. Eén keer op het blokje, één keer op een velletje schuimrubber.

geknipt en geplakt
Het schuimrubberen exemplaar kon ik op die manier perfect uitknippen, en dan de stukjes op het tekeningetje op het houten blokje kleven. Zijt ge nog mee?

zelfgemaakte stempel
Voila, mijn eerste zelfgemaakte stempel.

In mijn herboristenkast zitten bruine papieren zakjes, in twee formaten. De kleinste soort is ideaal.

gestempeld op kraftzakje
Stempeltje er op (de kleur maakt niet veel uit, je ziet dat achteraf toch niet meer).

stipjes om recht te stempelen

Om elke keer op gelijke hoogte te stempelen zette ik twee stipjes op het blokje. Die komen gelijk met de onderkant van het papieren zakje (of toch zo ongeveer).

potje emboss-poeder
Daarna rijkelijk bestrooien met emboss-poeder.

royaal bestrooien met emboss-poeder
Dat fijne poeder blijft kleven aan de stempelinkt.

overtollig poeder aftikken

Aftikken, en uiteraard het teveel aan poeder opvangen. Ik doe dat meestal op een stuk papier, maak daar dan een vouw in en giet alles achteraf terug in het potje.
Kijk even na: als er stukjes van je stempel niet genoeg bedekt zijn strooi je er terug wat poeder over, en dan weer aftikken.

loodgrijs poeder boven broodrooster
zilver
Verwarmen boven de broodrooster, en wachten op de magie: van saai loodgrijs zie je opeens het poeder veranderen in een zilveren tekening. Blijkbaar kan dat ook in de oven, maar dat probeerde ik nog niet. In onze oude gasoven zou dat ook veel te veel enegie vreten.

laten afkoelen
Even laten afkoelen, zodat het niet meer plakkerig is, en dan afwerken.

bestekzakje

Ik wil deze zakjes als bestekzakje gebruiken, dus knipte ik een stuk van de voorzijde af. Servietje er in, bestek er bij, en klaar. Zo simpel dat ik er ineens genoeg maakte om op ons familiefeest , tussen Kerst en Nieuwjaar, te gebruiken. Misschien wil schoonzusje er nog wel namen op handletteren.

Eat this papierwinkels! Mijn zakjes zijn veel toffer dan die die jullie verkopen. Al zeg ik het zelf. 😀

Het oorspronkelijke idee dat ik had (zoek eens op: papierfiligraan) bleek toch wat teveel werk te zijn om nog twaalf keer klaar te spelen. Misschien krijgt metekindje wel een exclusief ander bestekzakje, wie weet. In dat geval krijgen jullie ook nog een fotootje.

Advertenties

Maakboom, het vervolg

Het eerste deel leest u hier, en is alweer oud nieuws. 2013, 2014, en 2015 waren elke keer de “mogelijk laatste” echte boom.

Deze keer is ’t van dat. De kerstboom die in 2013 gekocht werd mag rustig in de tuin blijven staan. Ergens vanachter, in een verborgen hoek, want eigenlijk vind ik dat zelfs niet eens een mooie boom…

Maakboom, poging twee. De ideale boom staat al jaren op Pinterest te blinken, maar ik vergeet elk jaar opnieuw om “driftwood” te verzamelen. Maar geef toe: mooi toch hé?

maakboom uit wrakhout

Een strandjutterswandeling zat er niet in, maar een toevallige wandeling door de lokale supermarkt bracht wel inspiratie. Het model dat daar stond was voor kaboutertjes, en belachelijk duur, maar wij draaien onze hand niet om voor een knutseltje meer of minder.

Het idee is simpel: een aantal trapeziums op mekaar, en bovenaan een driehoek. Gemaakt uit gewone planken, die we in de loop van volgende zomer zullen buitenzetten, ze kunnen dan wat “verweren” en vergrijzen.

Strak actieplan: koop hout, verzaag, vijs in mekaar, voorzie van een centraal gat voor een borstelsteel, maak een kantelbeveiliging, draag naar binnen, monteer, voorzie oogvijsjes, versier, geniet.

Voila, meer is dat niet. In het kader van “hou u in stilte bezig” werd man des huizes verbannen naar Villa Steenschot, en mocht ik maar één keer heel enthousiast “Waaaaw” roepen.

Kijk maar wat we er van maakten:

planken verzagen en trapeziums maken

Planken verzagen en trapeziums van verschillende gootte maken.

één stukje maakboom

De basis: trapezium van 110cm lang en 40cm hoog.

losse stukken

Vier losse stukken gemonteerd op een bezemsteel.

valbeveiligig toegevoegd

Voorzien van losse voet die stabiliteit verzekert en de bezemsteel fixeert.

oogvijsjes om versiering aan te hangen

Oogvijsjes aan de binnenzijde van elke module, om versiering op te hangen, zowel op de schuine als op de horizontale stukken.

recuperatie van snoer

Gerecupereerd snoer van de vorige set lampjes om versiering rond de bezemsteel te bevestigen.

stalletje

Primitieve blokhut voor ’t Heilige Paar, van restjes steigerhout. De voorzijden moeten nog bijgekleurd worden.

het resultaat

Het resultaat.

Iedereen hier thuis vindt het resultaat geslaagd, en goed genoeg om een echte boom te vervangen. Ikzelf ben vooral blij dat deze feestenperiode er één zal zijn zonder gesnotter en rode ogen. In plaats van dennennaalden stofzuigde ik nu wat zagemeel op, maar ik vermoed dat dat éénmalig is. Het hout ruikt nog vers,  harsig, een beetje zoals echt.

Wat niet lukte: een maakboom die gedurende de periode dat hij niet in gebruik is compact kan opgeborgen worden. Ons oorspronkelijke plan was om de modules zo te maken dat we ze in mekaar zouden kunnen schuiven. Met de oogvijsjes en de dikte van de planken bleek  dat geen goed idee. Het bovenste stukje zou dan een veel te kleine open ruimte hebben, en alle vijsjes zouden elk jaar verwijderd moeten worden. Ons kent ons… we voorzien wel een plek waar alle stukken naast mekaar kunnen staan.

Het stalletje werd geen hoogstaand geknutsel, maar een stalletje zoals ik het al mijn hele leven ken: primitief, tochtig, niks geen luxe, maar wel met een lampje. ’t Kindeke ligt tenminste droog, en misschien maak ik die os en ezel nog wel om hem wat warme adem te bezorgen.

En draai het of keer het zoals je wil: met die boom is de kerstsfeer er. We hebben er zin in 🙂 . Zelfs het cadeautjesmandje raakt stilaan gevuld.

 

 

 

SSSSSJT!

Als driekwart van mijn kroost examens heeft, dan hou ik mij in stilte bezig.
Da’s de beste manier om ze toch een beetje achter hun boeken te houden: die zonen van mij, ze zijn nogal rap afgeleid… Alles wat beweegt hebben ze gezien, elk geluidje gehoord, en dan komen ze gegarandeerd vragen wat dat allemaal is.

Als zij studeren pruts ik een beetje, beneden aan mijn bureau. Om helemaal solidair te zijn met de jongens doe ik dat onder het mom van “eindwerk”. ’t Kind moet ne naam hebben, niewaar?

Receptjes zoeken voor crèmes en zalfkes, zin en (heel veel) onzin lezen over voetverzorging, Pinteresten en zelf al één en ander uitproberen. De bruisballen zijn een waar succesnummer, de eerste bestelling is al geleverd, en ook de achterbuurvrouw wil er wel. Als klein cadeautje zijn ze inderdaad leuk. Ik moet dringend mijn voorraad citroenzuur aanvullen, anders zal er niet veel bruisends aan zijn!
Voor een jarig buurmeisje flanste ik een badkamerpakketje ineen, met lippenbalsem, badpralientjes, een berenbruisbal en een flesje gekleurd badzout. Lavendel- en mandarijntjesgeuren, heerlijk.

Ik hou van afgewerkt. Zeker als het zelfmaak is. Een mooi etiket, een herkenbaar logo, dat hoort er allemaal bij. Mijn Photoshop-skills zijn al lang niet meer wat ze ooit waren ( oh, vergeten gaat zoooo snel) maar ik amuseerde mij met een ontwerpje maken, en daarna aangepaste sjablonen voor verschillende formaten potten, flessen en lippenstifthulsjes.

sjabloontje
Tijdens de pauzes gaan we met z’n allen in overdrive: lachen-gieren-brullen voor de domste dingen. Snoepen. Te veel en te dikwijls eten. Daar doe ik dan ook lustig aan mee, ah ja. Deze middag proestte ik mijn koffie uit, tweede had weer eens een de entertainer uitgehangen. Dan is het hek helemaal van de dam, als moeder zo’n stomme stoten uithaalt.
Nog een favoriete bezigheid: luid meekwelen als er iemand piano speelt. Liefst zonder tekst, alleen la la of miep miep is genoeg. De decibels waren overvloedig aanwezig 🙂

Ik mailde ook met een Amerikaanse beroepsblogster om netjes te vragen of ik enkele van haar recepten mocht vertalen en hier op dit blogje zwieren. Intellectuele eigendom, dat pik je namelijk niet zomaar, vind ik. Ik kreeg antwoord van haar blogassistente/secretaresse, en mits enkele voorwaarden kan het. Wordt vervolgd.

Verder sprokkel ik beetje bij beetje een kerstmenu bij mekaar, en krijgt de tafeldecoratie (in mijn hoofd althans) vorm. In ’t echt ligt hier voorlopig gewoon nog een hele hoop knutselgerief te lachen naar mij.

De discussie echte kerstboom versus alternatief zelfmaakdink is nog niet echt begonnen, maar ik verwacht ze nog wel. Tenslotte hebben we nog een hele week hé…
Een kerststalleke maken, is ook iets dat hier al héél lang op het programma staat. Met een zeer inspirerend voorbeeld moet het er dit jaar echt wel eens van komen.

kersfiguren in fimoklei
De figuurtjes maakte ik in mijn jonge jaren zelf, in fimoklei, en ze gaan nog altijd mee. Jozef is een paar haren kwijt, Maria krijgt ouderdomsvlekken in haar gezicht, en ze kunnen allemaal een douche gebruiken, als ik dat stof zo zie. De os en de ezel, daar had ik toen geen zin meer in, en die zijn er tot op heden niet bij geraakt. Wie weet…fimo heb ik nog, en ik moet mij nog een paar dagen amuseren met niet-luidruchtige dingen.

De zaadjesbak moet opgeruimd worden, en een hele hoop nieuwe variëteiten mogen er mee in. Zadenruilen blijft plezant!
Hier zijn ondertussen veel envelopjes gearriveerd, en er zit zelfs een tomaat bij met mijn naam. Hoe cool is da! Danku Eddy!
Alles wat ik zelf niet kwijt was nam ik mee naar ’t herboristenklasje, en ik bracht niks meer mee terug naar huis. Ook nog wat gedroogde plantjes voor een paar klasgenoten die nog moeten een herbarium ineenflansen werden zeer geappreciëerd. ’t Mijne is terug. Yes, met zeer behoorlijk resultaat. Stel dat ik er dit jaar niet doorgeraak, dan heb ik daar alvast een vrijstelling te pakken. De foto van de voorzijde hadden jullie nog te goed.

voorblad herbarium
Oudste heeft nog geen examens, en die deed  weer van poetshulp. In de voormiddag, als de broers zwoegden op hun examens, werd in de omgeving van de kamers alles gestofzuigd en proper gemaakt, toen ze thuis waren bleef de lawaaimachine beneden.
Hij leert rap: we deden bijna het dubbele van de eerste keer, en staken er een paar “extra’s” tussen.

Oh ja, als mijn boys gedaan hebben, dan heb ik examen. Benieuwd of ze hun muziek dan ook laten af staan…

 

Voetbadbruisballen

Een mens moet érgens beginnen, niewaar? Een eerste probeerseltje, voilà!

Veel heb je niet nodig:
* 100g natriumbicarbonaat
* 50g maïszetmeel
* 50g citroenzuur
* oranjebloesemwater  (kan vervangen worden door gewoon water of een hydrolaat naar keuze)
* een koffielepeltje amandelolie
* 40 druppels etherische olie naar keuze (je hebt dan 2ml per 200g droog poeder)
* indien gewenst: een druppeltje voedingskleurstof, of enkele koffielepels kurkuma om te kleuren.

ingrediënten voor bruisbal

Verder een mengkom, een weegschaal, een verstuiver, vormpjes en een doos/bokaal/zakje om je afgewerkte producten in te bewaren.

Weeg natriumbicarbonaat, maïszetmeel en citroenzuur af en meng in een ruime mengkom. Ik neem voor deze dingen altijd glazen kommen, bokalen, verstuivers enz. In kunststof blijven geuren en smaken sneller “hangen”, en achteraf wil ik dat toch liever niet proeven in het eten.

Meng in een klein potje de amandelolie met de etherische olie. Ik gebruikte deze keer lavendel (relaxerend) voor de ene portie, en rozemarijn (bevordert de bloedsomloop) voor de andere.
Een volgende keer worden het er met salie (tegen zweetvoeten) en tea-tree (tegen voetschimmels),  gecombineerd met hamameliswater.
Let wel op: niet alle etherische oliën zijn geschikt voor een (voet)bad. Als je hierin niet voldoende thuis bent, laat je dan adviseren.

Roer alles goed door mekaar, en voeg indien je wil nu de kleurstof toe. Ik gebruikte bij de lavendelbruisballen lavendelbloempjes, bij de rozemarijnbruisballen een druppeltje groene kleurstof.

Nu moet het poeder samendrukbaar worden, het gevoel van nat zandbakzand dat je in een vormpje doet om dan het perfecte zandtaartje te hebben: niet afbrokkelend, en niet te klef.
Met de verstuiver een beetje oranjebloesemwater over het poeder spuiten, en mengen. En opnieuw. En nog een keer. Tot je tevreden bent over het resultaat. Opgepast: als je te veel vocht toevoegt bruist alles op in je mengkom.
Hydrolaten bewaren niet lang, zet ze in de koelkast, of beter nog: vries ze in. Oranjebloesemwater wordt in de Marokkaanse keuken veel gebruikt, kan als smaakmaker in thee of gebak en kan ook perfect als verfrissing voor je handen aangewend worden.

vormpjes vullen

Daarna alles in vormpjes doen, heel goed aandrukken (ja, doe nog maar eens, voor de zekerheid), en dan laten drogen.
Sommigen ontvormen de bruisballetjes direct, en laten ze dan verder drogen, maar bij mij werkte dat niet zo goed: gebroken en verpulverende dingetjes, die gelukkig nog wel te redden vielen door ze opnieuw goed los te roeren en wat extra oranjebloesemwater toe te voegen.

Deze portie is goed voor 15 pralinevormpjes (de hartjes) en 2 muffinvormpjes, of voor 9 muffinvormpjes.
Alles is in principe eetbaar, maar ik hou toch mijn herboristenvormpjes en “echte” bakvormen gescheiden. Geen brownies met lavendel- of (erger nog!) pepermuntsmaak voor mij!

lavendelbruispralientjes

Als alles hard is ontvormen, en in een goed sluitende bokaal of doos bewaren: te veel  luchtvochtigheid is nefast, leg ze niet zomaar op een schaaltje in de badkamer.
Op dit moment ben ik blij dat onze jongens zoveel choco eten: de grote bokalen met een brede hals zijn ideaal, en met een mooi etiket, lint of stofje een goedkope verpakking.

Leuk, simpel en ik dacht véél goedkoper dan gekochte bruisballen. Dat laatste is niet waar, er zijn er goedkopere te vinden, en bij de dure staat geen gewicht, geen vergelijk mogelijk dan. Maar bij deze weet ik tenminste wat er in zit, en dat ik niet vol rode vlekken en jeukende bulten sta na gebruik.

Ik rekende het even voor u uit: 200g bruisballen kosten
natriumbicarbonaat €0,76 + maiszetmeel €0,12 + citroenzuur €0,52 + oranjebloesemwater €0,02 + etherische olie €1,97 (lavendel) of €1,18 (rozemarijn) = €3,39 (lavendel) of €2,6 (rozemarijn)

Voetbadje maken? Water op temperatuur naar keuze, en zo’n bruisbal er in!

Auw!

Muzikanten die op mondstukken moeten/willen blazen en winterkou, dat zorgt gegarandeerd voor problemen.
Vanavond en morgen concert, ik had het kunnen weten: vanaf de generale repetities zakt het kwik, wakkert de gure wind aan en lopen er hier vier rond met gebarsten lippen.
’t Schijnt dat dat een pijnlijke zaak is, zeker als er hoge noten geproduceerd moeten worden.

Ik keek in mijn “herboristenkast” en zag dat ik nog net genoeg gerief had om een lippenbalsem van te maken. Toevallig stond er nog een leuk metalen doosje in de schuif, ook qua verpakking was ’t rap gepiept.

De rest van het zakje cacaoboter (4,5 g om precies te zijn), een beetje bijenwas (2,5 g), wat kokosolie (6,5 g) en een druppeltje etherische olie van pepermunt is alles wat ik nodig had. Een druppeltje vitamine E mag er ook nog bij, maar dat ben ik vergeten uit de koelkast te halen.

Simpel om te maken: smelt de bijenwas au-bain-marie, en als die helemaal gesmolten is voeg je er de kokosolie en de cacaoboter bij. Meng goed, en laat een beetje afkoelen. Ondertussen kookte ik het blikje waarin de balsem mag even uit, en liet het uitdampen op een schone handdoek. Hygiëne is vereist in een cosmeticakeuken!

Als het mengsel wat afgekoeld was deed ik er een druppeltje pepermuntolie bij (anders verdampen alle nuttige stoffen) en goot het in het blikje.
blikje lippenbalsem
Voila, de muzikanten kunnen het mee in hun instrumentenkoffer steken en naar hartenlust gebruiken.
Het restje dat in de pot bleef hangen verminderde zienderogen. Iedereen die passeerde moest even testen, en het werd goed bevonden: niet te vet, maar wel beschermend genoeg, en geen té felle pepermuntsmaak.

Jeuj! Missie geslaagd.

Een kinderhand…

…is gauw gevuld. Mijn hand soms ook. Ik kan heel content rondlopen als we weer eens slimmer dan “de commerce” zijn geweest.

Een tijd geleden gingen we een serre afbreken in Limburg, en terug opbouwen in de tuin van schone broer en schone zus. Het is des mensen (denk ik toch) dat je dan met je eigen gerief vergelijkt. Nu hing er daar in die serre een zeer gerieflijk schap. Zo een schoon aluminium dink, van 20 cm breed, over de hele lengte van die serre. Aan twee kanten, en aan de achterwand ook nog , maar dan korter. Heel handig leek mij. Ik had het al op mijn kerstlijstje gezet, maar blijkbaar sleurt niemand graag aan een cadeau van 3,80 meter. Het zou ook kunnen dat ik lichtjes boven het budget gevraagd had…

Informeren bij de fabrikant leerde ons immers dat dat schap 80 euro kost. Amaimijnefrak. Voor een veredelde plank!
Op zo’n momenten begint mijn creatieve brein op volle toeren te draaien. Overschotten van planken, afgedankte fietshaken, plastieken schoteltjes, een houten inzet van het eerste Ikea-ladenkastje dat ik met mijn eigen geld kocht, het passeerde allemaal voor mijn geestesoog. Ik zag mijn extra zaairekje al helemaal voor me.

De fietshaken bleken te dik voor de speciale serrevijzen, maar met wat L-profieltjes werd dat opgelost.

L-profiel en rest steigerhout als serreschapGeschikte planken maakten we van wat resten van Villa Steenschot, en van een overschot MDF die al jaren in de garage staat. Zelfs mijn stukje ladenkast is functioneel ingezet: materiaal- en zadenbakje.
Om het hout te behoeden voor waterschade staan er overal plastiek schotels (nieuw, allemaal dezelfde kleur, het oog wil ook wat) onder de planten, ik kan naar hartelust water geven aan al dat jong geweld.

De Ijsheiligen hebben nog niet geantwoord op mijn beleefd verzoek, ik ga er van uit dat zwijgen toestemmen is en ze wegblijven dit jaar. Daarom riskeerde ik het al eens om één en ander op die nieuwe rekjes te zetten.

Jonge planten en zaailingen op serreschapHandjes en brains hebben dat weer goed gedaan, en we zijn gesteld voor een fractie van de winkelprijs. Love it!

 

 

Recyclage-ideetjes

Low-budget tuingerief dus.

Een tip: als je weer eens vindt (zoals dat nu eenmaal kan gaan) dat je dringend iets moet gaan halen in één of andere winkel, omdat dat het werk in de tuin nu eenmaal zou kunnen vergemakkelijken, ga dan gewoon naar die winkel! Zonder portemonnee ;). En kijk eens wat je zou moeten betalen voor je o-zo-onmisbaar stuk alaam. Ga terug naar huis, bekom efkes (wit wijntje?) en zet dan het creatieve stuk van uw hersens aan het werk. Geen nood als dat niet zo vlot gaat, er bestaat het internet. Google en Pinterest zijn uw vrienden (maar zoals ik al eerder vermeldde, alles durft er daar wel eens beter uitzien dan dat het ooit zal worden). Bij de meeste tuinbloggers die ik volg krijg je ook heel wat tips. Menck heeft er een pracht van een rubriek van gemaakt die hier al voor veel inspiratie zorgde.

Nog een tip: kijk eens wat verder dan uw neus lang is. Ooit op een plantenkwekerij geweest? Je moet eens bij het afval kijken, wat daar aan p5, p9 en weet ik welke p nog aan potjes bijeen ligt, ’t is niet te doen. Meestal volstaat een vraag, en kan je een hoop potjes meenemen om je zaailingskes in te verspenen.

Zaailingskes? Uit van die mooie zaaibakskes? Ja, ik heb er een paar. Ook zelfgemaakte: de meeste grootwarenhuisverpakkingen zijn gedroomde zaaikistjes. Mits hier en daar een gaatje bij te prikken in de bodem zijn gourmetschoteltjes , champignonbakjes (met doorschijnend dekseltje wordt dat een mini-serre), wijnkistjes ed ideaal om in te zaaien. Sinds zoon 3 naar een school gaat waar ze planten kweken krijgt hij af en toe iets mee naar huis. Afgeschreven voor daar, maar prima geschikt!

zaailingen in gourmet-bakje

Zaailingen willen nogal eens op mekaar lijken, dus plantenlabels moeten er zeker bij. Ja, hier liggen er ook van die gele plastiek dingen. Jammer genoeg te weinig, en de ervaring leert dat ik dat beter écht wel in elk potje steek. Ik ging er van uit dat ik wel zou onthouden hoeveel potjes van elke rij er bij een bepaald etiket zouden horen, maar dat is dus niet het geval. Elke tuin heeft wel hier of daar enkele planten die gesnoeid moeten worden, en waarvan je de takjes kan recupereren.  Potlood of alcoholstift, en voila, schoon hé. Ook de bamboestokjes van brochettes voldoen hier prima voor.

plantenlabels

Boompalen zijn hier gewoon stevige takken, schuin in de grond geklopt, tegen de overheersende windrichting in. Hugo vroeg ons of we sterke bomen of mooie palen wilden. Eén paal gedurende één jaar volstaat volgens hem. Twee palen is voor rijke mensen, en drie voor de gemeente 😀 Omdat wij een takkenwal aan keuze hadden werden het hulststammetjes, die ondertussen al terug liggen. Plicht volbracht.

Bij de buren staan – weggestopt achter hun tuinhuis, en dus pal in ons zicht – soms wel interessante dingen. Een chapenet dat na de werken blijft liggen, weinig kans dat dat ooit nog van achter dat tuinhuis uitgehaald wordt. Maar met wat balkjes is daar wel een pracht van een klimrek voor erwtjes van te maken.

Een tuinhuis dat voor een groter exemplaar moest wijken werd mits wat aanpassingen onze eigenste “Villa Kakelbont”, de legresidentie van onze kippen. Na een jaar of 10 (merkte ik bij het zoeken naar een foto)  is ze nu echt aan vervanging toe. Onbewoonbaar verklaard wegens instortingsgevaar en vochtproblemen. De sloop is al aan de gang, we willen geen belasting op leegstand en verkrotting betalen. De betonnen speelbuizen krijgen hier een nieuwe bestemming.

villa kakelbont

Nog voor beestjes: een bijenhotel. Samenraapsel van een verdwaalde baksteen, wat snoeiafval, bamboestokjes die er al jaren liggen, en een houten wijnkistje uit de Colruyt (altijd mooi vragen daar, anders wordt de wijnverantwoordelijke naar de kassa geroepen).

insectenhotel

Ons materiaalhokje is ook een gerecupereerd tuinhuis. De buren hadden het niet meer nodig, aanpassingen waren niet nodig, dus dat was zeer snel gefikst.

berghokje

Een tafel om te zaaien en te verpotten stond ook op mijn verlanglijstje. Met wat paletten werd ijverig geknutseld, en nu heb ik een zaaitafeltje waar ofwel potjes en bakjes in staan, of waar we een restje worteldoek kunnen inleggen en dan vullen met grond, al naargelang de behoefte. Vorig jaar werden daar de slaplantjes in gezaaid, en toen die groot genoeg waren verhuisden ze naar de moestuin.

zaaitafel

Van een omgekeerde grotere palet – met stevige zijsteunen – en wat gerecupereerde houten terrasplaten maakten we nog een werktafel. Ideaal om bloempotten en bakken te vullen, en handig om een tasje koffie op te zetten. Een vriend-achterbuur is aannemer, dus een redelijk betrouwbare leverancier van paletten. De houten terrastegels zijn ook al aan hun derde of vierde leven. Ooit waren ze inderdaad een voorlopig stukje terras, maar dat hout gecombineerd met blote voeten was een zeer splinterige ervaring.

Toen ouders van schoolkameraadjes hun oprit wilden vervangen door een groot, mooi (!?) klinkerexemplaar en vonden dat het toch wel een gigantisch werk was om de oude oprit uit te breken en naar het containerpark te brengen, toonden wij ons van onze hulpvaardigste kant. Ooit komt er misschien iets anders, maar ondertussen hebben we een terras en een moestuinpaadje voor de prijs van wat stabilisé en boordstenen. Enneuh, ja, als we werken aan het ene durft de rest er al wel eens wat rommeliger bij liggen 😉

moestuinpad

Ik kan daar ongeloofelijk content mee zijn, met zo’n dingen. Buiten de financiële kant is het gewoon plezant om te kijken waar je “afdankertjes” nog allemaal kan voor gebruiken. Het resultaat geeft altijd nét dat beetje meer voldoening dan de kant- en klaar oplossing uit de winkel.
Wel fijn natuurlijk dat meneer des huizes ook wat creativiteit en handigheid in huis heeft. Als we op voorhand afspreken wie “handjes” is, en wie “brains” dan lukt alles. Een goed team, al zeg ik het zelf!